een zeeleven op een tabaksdoos


  Collectie

We hebben weer een tabaksdoos met een verhaal kunnen kopen. Dit keer die van Jan Jans uit Lutjegast, die in 1791-1794 voer bij de VOC.


Persoonlijke bezittingen die rechtstreeks verwijzen naar de VOC-dienst zijn zeer zeldzaam, zeker van gewone zeelieden. Daarom vielen we meteen voor deze tabaksdoos. Hij past mooi in de verhalen die we willen vertellen over Nederlanders en de zee.


Op het deksel van Jan Jans’ tabaksdoos staat een afbeelding van Batavia (Jakarta) met verschillende schepen, waaronder een saluerende Oostindiëvaarder met VOC-vlag van de Kamer Amsterdam. Onderop het doosje staat een afbeelding van Kaap de Goede Hoop, weer met een aantal schepen en op de achtergrond de Tafelberg en Duivelspiek.


Aan de binnenzijde van het deksel staat een samenvatting van de reizen die Jan Jans als lichtmatroos maakte met de VOC. Onze conservator Sarah Bosmans kon deze reizen makkelijk terugvinden in de registers van de VOC. De vermelde schepen, de hoeker Drie Gebroeders en het VOC-retourschip de Roosenburg, zijn goed gedocumenteerd. De Drie Gebroeders was door de VOC gecharterd bij een particuliere rederij om een groep zeelui van de Republiek naar de Kaap te brengen.


Voor zijn eerste reis monsterde Jan Jans (afkomstig uit dezelfde plaats als Abel Tasman) in 1791 aan. Na aankomst in Batavia keerde hij vrijwel direct weer terug naar de Republiek. Dat is opmerkelijk, want meestal bleef een zeeman twee tot drie jaar in Azië varen voor hij weer terugkeerde naar de Republiek. Ook uitzonderlijk was de lange terugreis van de Kaap naar de Republiek: bijna tien maanden. Na zijn tocht naar Batavia maakte Jan Jans nog enkele andere reizen.


Het Scheepvaartmuseum gaat nog nader onderzoek doen naar het complete verhaal van de tabaksdoos. Een van de belangrijke vragen is hoe een lichtmatroos in staat was zo’n dure tabaksdoos te kopen. Mogelijk maakte hij pas fortuin na zijn terugkomst.