Enkele dagen na een massale staking onder het marinepersoneel in Nederlands-Indie, naar aanleiding van salariskortingen, breekt aan boord van het pantserschip Hr.Ms. 'De Zeven Provinciën' (vlaggenschip van het Nederlands Eskader), op de rede van Oleh-leh (Sumatra), muiterij uit. Het is een aanvankelijk spontane actie van Inlandse schepelingen en onderofficieren, gericht tegen de zonder overleg telkens weer opgelegde rigoureuze kortingen op de toch al niet riante gages van het lagere personeel. Het plan van de muiters is om het schip van Sumatra naar de marinebasis Soerabaja te varen. Nadat de muiters het heft aan boord in handen hebben genomen en demonstratief met het schip vanaf de rede van Oleh-leh wordt uitgevaren, wordt door de marineleiding direct besloten tot achtervolging van het schip. Bij deze kaping stond niet alleen het prestige va de Koninklijke Marine, doch ook van Nederland als koloniale wereldmacht op het spel. Direct hierna zullen met kruisers, onderzeeboten en vliegtuigen de muiters in de buurt van Java worden opgewacht. 6 dagen later zal door een vliegtuig van de Marineluchtvaartdienst, met een afgeworpen vliegtuigbom, een einde aan deze muiterij worden gemaakt.
Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)