maritieme kalender

Welkom bij de maritieme kalender van Het Scheepvaartmuseum. Zoek op datum of jaar en ontdek wat er door de eeuwen heen op en rond zee gebeurde.

 
 
 
 
 

maritieme gebeurtenis - 1 februari

 

2006

De Georgische viskotter 'Regor' vaart rond middernacht tegen de dijk in de Eemshaven. Het 55 meter lange visserschip vertrok van haar ligplaats bij Sealane in de Julianahaven, maar in plaats van linksaf te slaan, het Doekegatkanaal in richting open zee, bleef de kotter rechtdoor varen met de uiteindelijke botsing tegen het dijktalud tot gevolg. De sleepboot 'Waterman' van Wagenborg Sleepdienst trekt het schip de volgende dag van de dijk af.

Bron: www.groningen-seaports.com

 

2005

Minister-president J.P. Balkenende brengt een bezoek aan de Koninklijke Marine en aan de Kustwacht Nederlandse Antillen & Aruba op Curaçao. Het bezoek maakt onderdeel uit van een werkbezoek van de premier aan de Nederlandse Antillen en Aruba. De premier bezoekt onder andere de kustwachtcutter 'Jaguar' (P 810), die afgemeerd ligt in de haven van Curaçao.

Bron: persbericht Mindef 02-02-2005

 

2005

De secretaris-generaal van de Verenigde Naties, Kofi Annan benoemt de generaal-majoor der mariniers P.C. Cammaert tot divisiecommandant van de VN-missie in Oost-Congo, de 'United Nations Mission in the Democratic Republic of the Congo' of wel MONUC. Cammaert was sinds 2002 de hoogste militair adviseur binnen de VN. MONUC moet de orde helpen herstellen in Congo, nadat een burgeroorlog (1998-2003) naar schatting 2,5 miljoen levens heeft geëist.

Bron: nieuwsbrief KM feb 2005

 

2003

HM koningin Beatrix is aanwezig bij de nationale herdenking van de watersnoodramp van 1953. In Oude Tonge woont zij de Herdenkingsbijeenkomst bij en legt zij een krans bij het monument op de begraafplaats voor slachtoffers van de ramp. In Ouwerkerk bezichtigt zij het Monument 'Watersnoodramp 1953' van beeldend kunstenaar Gust Romijn. Daarna bezoekt zij het Museum 'Watersnoodramp 1953' en spreekt zij met slachtoffers en nabestaanden uit de door de ramp getroffen gebieden in Zuid-Holland, Zeeland en Noord-Brabant. De demissionair minister-president, J.P. Balkenende, woont eveneens deze nationale herdenking bij.

Bron: www.delta2003.nl

 

2001

Het VOC-schip 'Amsterdam' is na ruim tien jaren intensieve dienst aan de steiger van het Nederlands Scheepvaartmuseum Amsterdam toe aan groot onderhoud. In de nacht van 29 op 30 jan. 2001 wordt het schip via het Noordzeekanaal en langs de Noordzeekust gesleept naar het historische dok van de voormalige Rijkswerf Willemsoord in Den Helder voor een grote onderhoudsbeurt.

Bron: 'Zee Magazijn' (2001)

 

2001

Voor Nederland wordt ingevolge een internationale confentie het Standard of Training, Certification and Watchkeeping verdrag van 1995 (STCW) van kracht. Dit internationale verdrag regelt de opleiding, examinering en diplomering van de zeevarenden. Als gevolg hiervan zal de lang bestaande Rijksexamencommissie voor Zeevaartdiploma's worden opgeheven.

Bron: L.L. von Münching: 'De zwarte maanden voor de Nederlands-Indische koopvaardij in WO II' in: 'DBW' jrg. 56 nr. 3 (2001)

 

1999

Door de International Maritime Organisation (IMO) wordt bepaald, dat alle zeeschepen voorzien moeten zijn van nood, spoed en communicatiemiddelen. Dit betekent dat schepen uitgerust dienen te zijn met GMDSS-apparatuur (Global Maritime Distress Safety System). Het betekent tevens het einde van de communicatie met het morse-apparaat op maritieme frequenties en bovendien het einde van het beroep van de marconist / radio-officier. Op 13 maart 1999 zal prinses Margriet de opening verrichten van de reünie van oud-radioofficieren 'Einde van de scheepsradiotelegrafie'.

Bron: L. Vroombout: 'GMDSS, de deadline nadert!' in: 'DBW' jrg. 53 nr. 9 (1998)

 

1997

Totstandkoming van de herziening van de Internationale Conventie van het Standard of Training, Certification and Watchkeeping verdrag-1995 (STCW). In dit herziene 'STCW 1995 verdrag' worden alle bepalingen inzake opleiding, vaarbevoegdheid, werk- en rusttijden en het wachtlopen door zeevarenden dwingend van kracht. Het verdrag voorziet in veel strengere en meer gedetailleerde eisen met betrekking tot de minimum kennis en practische vaardigheden van zeevarenden.

Bron: L. Wagenaar: 'Adequate respons op maritieme rampspoed' in: 'Maritiem Nieuws' jrg. 91 nr. 2 (2002)

 

1995

Watersnood in het gehele stroomgebied van Rijn en Maas, waarbij op sommige dijkvakken de toestand kritiek is geworden. Eind januari werd als voorzorgsmaatregel het bevel tot evacuatie van de bevolking gegeven, woonachtig in de laaggelegen delen van Midden-Nederland. Hierbij dienen meer dan 250.000 mensen noodgedwongen naar elders te verhuizen.

Bron: 'het Vaderlandse Geschiedenis boek' (2003)

 

1992

Na een ruim 70-jarig zelfstandig bestaan van de Marinestafschool wordt deze samen met de Hogere Krijgsschool (HKS) en de Luchtmachtstafschool onder gebracht in het nieuwe gebouw van het Instituut voor Defesie Leergangen (IDL) in Rijswijk naast de voormalige vliegbasis Ypenburg. Op 30 september 1992 zal het IDL door koningin Beatrix officieel worden geopend.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

1983

De mijnenvegers Hr.Ms. 'Naarden' en Hr.Ms. 'Ommen' komen tegen middernacht bij Middelharnis, een paar kilometer vanaf de zogenaamde Nato-steiger, tijdens een zware noordwesterstorm in moeilijkheden. De beide schepen lopen daarbij aan de grond, waarbij de motoren uitvallen doordat het koelsysteem vol met zand wordt aangezogen. Uiteindelijk moeten beide schepen met sleepboothulp in veiligheid worden gebracht.

Bron: 'De Reddingboot' (1983)

 

1983

De mrb 'Suzanna' van de KNZHRM (station Den Helder) vaart uit tijdens een zware noordwesterstorm met uitschieters tot windkracht 12 voor de Deense schoener 'Activ', die op circa 15 mijl ten noordnoordwesten van Den Helder in nood is. Na de noodmelding vertrekken helikopters van de MLD, de 'Suzanna' en het fregat Hr.Ms. 'Evertsen' naar de plaats des onheils. De 'Suzanna' wordt tijdens deze tocht door zware grondzeeën twee maal plat op zijn zij gegooid. Van de 'Evertsen' krijgt men het bericht dat de 'Activ' inmiddels gezonken is en er niets meer te redden valt. Een heli weet nog iemand uit het water te kunnen oppikken, maar blijkt al te zijn overleden. Vanwege de zeer zware zeegang kan de 'Suzanna' niet meer door de zeegaten terug naar binnen varen. De storm wordt buiten afgereden en pas 27 uur na haar vertrek kan de 'Suzanna' weer behouden in de haven van Den Helder terugkeren.

Bron: 'De Reddingboot' (1983)

 

1975

De coaster ms. 'Pergo' (1958) van G. de Vries uit Zwartsluis, op weg van IJmuiden naar Londonderry, komt op een afstand van 27 zeemijl ten zuiden van Portland Hill in aanvaring met het ms. 'Zanzibar' en zinkt later op positie 50.15° N / 03.03° W. De bemanning kan hierbij worden gered.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

1973

Direct na de verhuizing van de gehele collectie naar 's Lands Zeemagazijn in de maand januari 1973 worden het kantoor; restauratiewerkplaats en het modellendepot voorlopig ondergebracht in het door de Koninklijke Marine ter beschikking gestelde belendende Voorwerfgebouw. In februari 1973 begint de Rijksgebouwendienst met het voorlopige herstel van 's Lands Zeemagazijn, waar het nieuwe Rijksmuseum Nederlands Scheepvaartmuseum zal worden ondergebracht.

Bron: H. Hazelhoff Roelfzema: 'Roeien met de riemen...' (1991)

 

1964

De coaster ms. 'Titan' (1957) van Rederij Titan uit Groningen onder kapitein H.M. Moorlach, op weg van Arendal naar Weston point, vergaat tijdens een zware storm op een afstand van 45 mijl van Eigeroy en op 130 mijl ten oosten van Farsund. Alle zes opvarenden komen hierbij om het leven.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

1962

Opening door HM koningin Juliana en ZKH prins Bernhard van het nieuwe hoofdkantoor van de Reederij v/h Gebroeders Goedkoop aan de Westerdoksdijk 40 te Amsterdam.

Bron: fotoalbum Reederij v/h Gebroeders Goedkoop

 

1956

Vertrek van de onderzeebootjager Hr.Ms. 'Kortenaer' voor een reis naar het Verre Oosten. Het schip zal onder andere een bezoek aan Libanon (Beiroeth), Nederlands Nieuw-Guinea (Sorong), Singapore en aan Sri Lanka (Colombo) brengen. De 'Kortenaer' zal op 4 september 1956 weer afmeren in de thuishaven Den Helder.

Bron: 'Jaarboek van de Marine' (1956)

 

1955

Vertrek vanuit Den Helder van het fregat Hr.Ms. 'Johan Maurits van Nassau' voor een reis naar Nederlands Nieuw-Guinea via het Suezkanaal, Singapore met bestemming Sorong; aankomst aldaar op 17 maart 1955. Het fregat zal eind 1956 vanuit Nieuw-Guinea een reis maken naar Hongkong. In februari 1957 keert het schip weer terug in de thuishaven Den Helder.

Bron: 'Jaarboek van de Marine' (1955/1957)

 

1953

Watersnood 1953: De motorreddingboot 'Insulinde' van de KNZHRM verleent onder schipper Klaas Toxopeus, onder zeer zware weersomstandigheden, assistentie aan de Nederlandse coaster 'Franka II', die zware slagzij maakt. Na melding van de kapitein van de 'Franka II', dat hij de situatie zelf kan klaren, keert de 'Insulinde' onder uiterst moeilijke omstandigheden, gepaard gaande met zeer gevaarlijke grondzeëen, weer terug naar het station Oostmahorn.

Bron: F. Loomeijer: 'de Insulinde' (2002)

 

1953

Watersnoodramp 1953: Als gevolg van een noordwesterstorm met orkaankracht en gepaard gaande aan een ongekend zeer hoge waterstand breken de zeedijken in Zeeland en die in delen van de provincies Noord-Brabant en Zuid-Holland. Als gevolg hiervan komen grote delen van Zuid-West Nederland onder water te staan. Bij deze ongekende ramp, waarbij 41.000 ha. onder water zal lopen, komen 1.835 mensen om het leven en worden circa 49.000 huizen en boerderijen zwaar getroffen. Tijdens de hierop volgende dagen moeten ca. 105.000 personen worden geevacueerd uit het rampgebied. De Koninklijke Landmacht en -Marine worden ingezet bij grootscheepse reddingsoperaties.

Bron: 'het Vaderlandse Geschiedenis boek' (2003)

 

1953

Watersnood 1953: Diverse reddingboten van de ZHMRS en de NZHRM worden ingezet en verlenen hulp tijdens de watersnoodramp. Dit zijn o.a. de reddingboot 'Koningin Wilhelmina' (station Stellendam), die assisteert bij de evacuatie van de inwoners van Stellendam. De reddingboot 'J.V. Wierdsma' (station Breskens) wordt ingezet bij de evacuatie van het eiland Tiengemeten. Verder komen in actie de reddingboot 'Zeeuws-Vlaanderen' (station Cadzand) en 'Prinses Juliana' (station Ouddorp). Van de NZHRM worden drie reddingboten, de 'Prins Bernhard' uit Scheveningen, de 'Dudok de Wit' uit Zandvoort en de reserve reddingboot 'Dorus Rijkers' naar het rampgebied gezonden en ingezet bij de evacuatie van de inwoners uit het zwaar getroffen Ooltgensplaat en Zierikzee.

Bron: D. Overduin: 'Stormweekend 31 januari op 1 februari 1953' in: 'DBW' jrg. 58 nr. 2 (2003)

 

1953

Watersnood 1953: op de veerboot 'Prins Hendrik' van de Provinciale Stoomboot Diensten (PSD), afgemeerd in de veerhaven van Kruiningen, de trossen afgerukt. Alleen door de machine te laten draaien weet men het slagzij makende schip op zijn plaats in de fuik te houden. Met de hierna volgende dijkdoorbraak worden zowel het PSD-kantoor als de bijbehorende gebouwen met het gehele veerplein volledig weggespoeld. Zowel een tanker als de in de veerhaven afgemeerde reserve veerboot ss. 'Willemsdorp' worden bij deze dijkdoorbraak de polder ingesleurd. De tanker slaat te pletter tegen een viaduct; de 'Willemsdorp' strandt enkele kilometers verder in de polder.

Bron: G. van Burgeler: 'De Watersnoodramp 50 jaar geleden' in: 'DBW' nr. 3 (2003)

 

1953

Watersnood 1953, Operatie 'Noach': Door het snelle optreden van eenheden van het Korps Mariniers uit Rotterdam kan ten tijde van de watersnoodramp in Zuidwest Nederland, in nauwe samenwerking met burgers en de plaatselijke politie, voorkomen worden dat tussen Nieuwerkerk - en Capelle aan de IJssel, deze rivier op drie plaatsen zou doorbreken. Mocht een doorbraak onverhoopt hebben plaatsgevonden dan zouden grote delen van de provincie Zuid-Holland tot aan Den Haag en Leiden onder water zijn komen te staan.

Bron: W. van Geneste: 'De Kon. Marine tijdens de watersnood van 1953' in: 'Maritiem Nederland' jrg. 92 nr. 1 (2003)

 

1951

De drijvende bok 'Schieland' op sleep door de zeesleper 'Schelde' van L. Smit & Co's Internationale Sleepdienst, op weg van Brunsbuttel naar Rotterdam, zinkt op de Noordzee door slecht weer. De twee runners kunnen tijdig op de sleepboot overstappen.

Bron: 'De Zee' (1953)

 

1944

Indienststelling van het eerste Nederlandse hulpvliegdekschip 'Gadila' (een voormalige Shell-tanker). Op verzoek van de Koninklijke Marine werd deze tanker vanaf de zomer 1943 te Middlesborough omgebouwd tot Merchant Aircraft Carrier (MAC). Op 23 maart 1944 vindt het vertrek plaats van de 'Gadila', uitgerust met vliegtuigen van het 860 squadron van de Marine Luchtvaartdienst (VSQ 860) voor zijn eerste reis over de Atlantische Oceaan met het primaire doel om luchtsteun te kunnen verschaffen aan de geallieerde konvooien.

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

1933

Onder het marinepersoneel in Nederlands-Indië breekt een massale staking uit als gevolg van ernstige onvrede in verband met salariskortingen. Met een fors aantal arrestaties trachten de autoriteiten de onvrede nog de kop in te drukken. Enkele dagen later op 4 februari 1933 breekt aan boord van Hr.Ms. 'De Zeven Provincien' muiterij uit.

Bron: R. te Slaa: 'Colijn en het ambtenarenverbod van 1933' in: 'Spiegel Historiael' nr. 10 (2001)

 

1929

Huldiging en feestelijk ontvangst op het Rotterdamse Stadhuis door Burgemeester P. Drooglever Fortyuin van alle bemanningsleden van de acht zeeslepers van L. Smit en Co's Internationale Sleepdienst, die van 21 juni 1928 - 12 okt. 1928 hebben deelgenomen aan de sleepreis van het 'Singapore-dok'. Het betrof hier een sleepreis met een in tweeën gedeeld dok vanuit New Castle naar Singapore, ook wel het grootste sleepobject dat ooit vervoerd werd.

Bron: J.E. Korteweg: 'Hollands Glorie? de Nederlandse Zeesleepvaart als nationaal symbool' (2000)

 

1926

Het vrachtschip ss. 'Alkaid' (1910) van Van Nievelt, Goudriaan & Co te Rotterdam, op weg van Hull naar Philadelphia, vergaat tijdens een zware storm op 360 zeemijl ten oosten van Cape Race. De bemanning wordt gered door het Duitse ss. 'Westphalia' van de Hamburg-Amerika Lijn.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

1918

Een gehouden expositie van maritiem historische aanwinsten (tot 1 maart 1918), georganiseerd door de heer A.W.M. Mensing en gehouden in het gebouw van Frederik Müller (Doelenstraat te Amsterdam). Het uiteindelijke doel van deze tentoonstelling- zo schreef de heer Vattier Kraane (bestuurslid) - was het maken van propaganda voor het nieuw op te richten Nederlands Historisch Scheepvaart Museum: 'is het dus wenschelijk zooveel mogelijk alle voorwerpen, welke ons worden toegezegd, bijeen te brengen'.

Bron: H. Hazelhoff Roelfzema: 'Roeien met de riemen...' (1991)

 

1917

Het vrachtschip ss. 'Oostmarsum' van de Stoomvaart Maatschappij 'Oostzee', op weg van Penarth naar Las Palmas met een lading steenkool, onder kapitein J. Bakker, wordt door de Duitse onderzeeboot 'UC 66' aangehouden en met een springlading tot zinken gebracht.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO I' in: 'DBW' jrg. 57 nr. 10 (2002)

 

1917

Duitse aankondiging van de onbeperkte onderzeebootoorlog. De Nederlandse regering geeft aan de Stoomvaart Maatschappij 'Zeeland' (SMZ) de opdracht om haar diensten op Engeland voorlopig te staken. Het gehele zeegebied rond Engeland en nagenoeg de gehele Middellandse Zee wordt tot oorlogsgebied verklaard.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO I' in: 'DBW' jrg. 57 nr. 10 (2002)

 

1917

Het vrachtschip ss. 'Driebergen' (1910) van Stoomvaartmaatschappij Hollandia (Furness), op weg van Port Talbot naar Huevla (Zweden), wordt in het Kanaal, 40 mijl ten westen van Quessant, door de Duitse onderzeeboot 'UC 66' aangehouden en met een springlading tot zinken gebracht. De opvarenden worden gered door het Franse ss. 'Charles Le Cour' en in Brest aan wal worden gebracht.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO I' in: 'DBW' jrg. 57 nr. 10 (2002)

 

1917

Het vrachtschip ss. 'Trompenberg' van de Stoomvaart Maatschappij 'Hillegersberg', varende met een lading steenkool, wordt door de Duitse onderzeeboot 'U 66' 70 mijl ten westnoordwesten van Ouessant aangehouden en met een springlading tot zinken gebracht. Samen met de 'Trompenberg' worden de stoomvrachtschepen 'Driebergen' en 'Ootmarsum' (1920) van de Stoomvaart Maatschappij 'Oostzee', varende in een onbeschermd konvooi, eveneens door de 'U 66' tot zinken gebracht. De bemanning wordt gered.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO I' in: 'DBW' jrg. 57 nr. 10 (2002)

 

1917

Het mailschip ss. 'Prinses Juliana' van de Stoomvaart Maatschappij 'Nederland' (SMN), op weg van Batavia naar Amsterdam, onder kapitein J.R. Brouwers, wordt bij Suez door de Britse autoriteiten vastgehouden. Pas na 49 dagen geven de Britse autoriteiten de 'Prinses Juliana' toestemming om naar Batavia terug te keren. Na op 15 april Colombo te hebben bereikt wordt de 'Juliana' ook daar weer door de Britse autoriteiten vastgehouden en zelfs geweigerd om kolen te laden. Op 11 mei 1917 zal de 'Prinses Juliana' uiteindelijk te Sabang arriveren.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO I' in: 'DBW' jrg. 57 nr. 10 (2002)

 

1917

Als gevolg van de afkondiging van de Duitse regering van de onbeperkte duikbootoorlog kan van een reguliere verbinding met Nederlands-Indië daardoor geen sprake meer zijn, omdat nu ook neutrale ( w.o. Nederlandse ) schepen aangevallen kunnen worden.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO I (1917)' in: 'DBW' jrg. 57 nr. 9 (2002)

 

1917

Het vrachtschip ss. 'Gamma' van Van Nievelt, Goudriaan & Co onder kapitein J.R. Bossinga, komende uit Falmouth, wordt door de Duitse onderzeeboot 'U 46' aangehouden en onder vuur genomen. Direct hierna verlaat de bemanning het schip in de gereedstaande sloepen. Ondertussen verschijnen vier grote Engese torpedobootjagers en een bewapende trawler, waarna de 'UG 46' naar de diepte verdwijnt. De bemanning klimt vervolgens weer aan boord, waarna de 'Gamma' zijn reis weer kan voortzetten.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO I' in: 'DBW' jrg. 57 nr. 10 (2002)

 

1916

Het passagiersschip 'Prinses Juliana' (1909) van de Stoomvaart Maatschappij 'Zeeland', op weg van Tilbury naar Vlissingen, onder kapitein A. Buskap, loopt bij het lichtschip 'Sunk' op een door de Duitse onderzeeboot 'UC 5' gelegde mijn. Het schip kan in ondiep water bij Felixtowe aan de grond worden gezet. Alle 79 passagiers en bemanningsleden worden gered. Als gevolg van een hevige storm en ruwe zee kan het schip niet meer geborgen worden; het breekt doormidden en zal naderhand 'total loss' moeten worden verklaard.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in de oorlogsmaanden van 1916' in: 'DBW' jrg. 56 nr. 1(2001)

 

1916

De tanker ms. 'Artemis' van de Petroleum Maatschappij 'La Corona' (Shell) wordt bij het lichschip 'Noord Hinder' door twee Duitse torpedoboten van het Flandern Flottielje getorpedeerd. De tanker kan daarbij in drijvende toestand worden gehouden en nog op eigen kracht Rotterdam weten te bereiken en bij de werf van Wilton worden hersteld.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in de oorlogsmaanden van 1916' in: 'DBW' jrg. 56 nr. 1(2001)

 

1914

Door de minister van Marine, J.J. Rambonnet worden alle activiteiten van de Bond van Minder Marine Personeel (BVMMP) aan boord van de schepen verboden. Rambonnet is van mening dat er binnen de krijgmacht geen plaats is voor een vakbond.

Bron: R. Blom: 'Niet voor God en niet voor het Vaderland' (2004)

 

1901

Oprichting van de Bond van Nederlandse Stuurlieden ter Koopvaardij door 30 stuurlieden in het Amsterdamse café 'De Pool'. Tot de doelstellingen van de nieuwe bond horen o.m. 'het opheffen der stuurliedenstand' alsmede 'het tegengaan van het bemannen van Nederlandse schepen door vreemde nationaliteiten'.

Bron: P. Schurman: 'Tussen vlag en voorschip' (1995)

 

1896

Indienststelling van het pantserschip Hr.Ms. 'Evertsen' door de kapitein-ter-zee Heyning als eerste commandant van het schip. De 'Evertsen' werd gebouwd op de werf van de Koninklijke Maatschappij 'De Schelde' te Vlissingen en aldaar op 29 september 1894 te water gelaten. Drie dagen later, op 4 februari, wordt samen met het pantserschip 'Kortenaer' een oefenreis gemaakt naar de Middellandse Zee.

Bron: Jt. Mulder & W.F. Ruygrok: 'Pantserschepen. Pantserdekschepen, Monitors' (2004)

 

1885

Het vrachtschip ss. 'Nederland en Oranje' (1883) van de Stoomvaart Maatschappij 'Insulinde' uit Amsterdam wordt aangevaren door het Duitse stoomschip 'Amalfi. In 1885 wordt het schip naar Bombay gesleept, gerepareerd en verkocht aan India als 'Akbar'.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

1875

Oprichting van de Deli-Batavia Maatschappij te Batavia ten behoeve van de tabak-consessies te Medan, in de bovenlanden van Serdan en Pekan Baroe.

Bron: Gedenkboek 'Deli-Batavia Maatschappij 1875 - 1925' (1925)

 

1858

De sultan van Siak en de Nederlands-Indische regering sluiten het 'Verdrag van Siak'. Door de sultan wordt hierbij het Nederlandse gezag in Siak, Deli en Lankat (Noord-Sumatra) erkend. De gebieden zijn belangrijk voor de tabakscultuur.

Bron: D.F. Scheurleer: 'Herinneringsdagen uit de Nederlandsche zeegeschiedenis' (1913)

 

1827

Besluit tot opheffing van de Artillerie- en Genieschool te Delft, waar vanaf 1816 behalve cadetten van de Landmacht, ook een beperkt aantal adelborsten hun opleiding kregen. Een door koning Willem I ingestelde commissie pleitte voor een instelling, de Koninklijke Militaire Academie (KMA) te Breda, waar alle bestaande officiersopleidingen voor land- en zeemacht zouden kunnen worden samengebracht.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

1819

Indienststelling van het fregat Zr.Ms. 'La Vestale' in Hellevoetsluis. Het schip werd in 1813 in Rotterdam gebouwd en aldaar in 1816 te water gelaten. In 1828 zal het schip op de werf in Vlissingen middendoor worden gezaagd en een stuk tussen worden gevoegd tot een lengte van 53,25 meter, waarna het zal worden omgedoopt tot 'Rhijn'. In 1830 wordt de 'Rhijn' op de Rijkswerf in Amsterdam omgebouwd tot een fregat van 54 stukken. In 1851 zal de 'Rhijn' als fregat buiten dienst worden gesteld en in Hellevoetsluis als wachtschip fungeren.

Bron: Ph.M. Bosscher e.a.: 'Prins Hendrik de Zeevaarder' (1975)

 

1793

De Franse revolutionaire regering verklaart, nadat op 21 januari 1793 het hoofd van de Franse koning Lodewijk XVI onder de guillotine was gevallen, de oorlog aan de koning van Engeland en aan stadhouder Willem V. Door Frankrijk was kort daarvoor een embargo op de schepen uit beide landen afgekondigd en waarbij Nederlandse schepen in Franse havens aan de ketting worden gelegd. De Republiek is in het geheel niet opgewassen tegen een oorlog met Frankrijk, waarbij 's lands vloot zich bovendien in een verwaarloosde toestand bevindt. Geertruidenberg zal korte tijd later door Franse troepen worden veroverd; Willemstad daarentegen wordt hardnekkig verdedigd. De vice-admiraal jhr. J.H. van Kinsbergen, opperbevelhebber van de Nederlandse Zeemacht, laat het Hollands Diep met enkele kononneerboten zo goed mogelijk verdedigen en de Dordtse Kil met kabels en kettingen afsluiten. De Franse aanval zal vrij kort hierna bij het Hollands Diep afgeslagen kunnen worden, waarna het Franse leger zich weer zal terugtrekken.

Bron: N. Habermehl: 'J.C.van der Hoop' 1742 - 1825 (2000)

 

1748

Oprichting van het Algemeen Zeemans-Collegie in Amsterdam door de VOC, de Admiraliteit van Amsterdam en het stadsbestuur gezamenlijk als eerste stuurmansopleiding van overheidswege. Hierbij wordt door de Amsterdamse Admiraliteit Cornelis Douwes aangesteld als leermeester in de navigatie. Luitenants-ter-zee, VOC-stuurlieden en Amsterdamse wezen kunnen bij dit College kosteloos worden opgeleid in de navigatie-vakken.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

1736

De brigantijn 'Fijenoord' (1724), gebouwd voor de Kamer Rotterdam van de VOC, vergaat in de Saldanha Baai bij Kaap de Goede Hoop. Het is de enige brigantijn die voor de VOC heeft gevaren. Op 25 december 1724 vertrok het schip voor de eerste reis en werd na aankomst in Kaap de Goede Hoop ingezet om de verbinding met de VOC-vestiging in Rio de la Goa te onderhouden. Deze vestiging werd echter eind 1730 afgebroken en met drie schepen, nl. 'Zeepost', 'Snuffelaar' en 'Fijenoord', werden manschappen, handelswaar en bouwmaterialen naar Kaap de Goede Hoop overgebracht.

Bron: www.vocsite.nl/schepen/detail.html

 

1669

Overlijden van de Zeeuwse commandeur Abraham Crijnssen te Parimaribo (geboren te Vlissingen of Zierikzee). Crijnssen had tijdens de Tweede Engelse Oorlog deelgenomen aan zowel de Vierdaagse - als de Tweedaagse Zeeslag in 1666 en had met een Zeeuws eskader de leiding bij de expeditie naar - en de verovering van Suriname op de Engelsen in 1667.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

1662

Na een langdurig beleg van het VOC-kasteel 'Zeelandia' op Formosa door troepen onder de Chinese krijgsheer Cheng Ch'engkung (genaamd Coxinga) volgt overgave, waarmee komt na circa veertig jaar een definitief einde komt aan het Nederlandse bestuur op Formosa.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)