maritieme kalender

Welkom bij de maritieme kalender van Het Scheepvaartmuseum. Zoek op datum of jaar en ontdek wat er door de eeuwen heen op en rond zee gebeurde.

 
 
 
 
 

maritieme gebeurtenis - 1 augustus

 

2003

De sleepboot 'Burcht' (1986) van de Unie van Reddings- en Sleepdienst (URS) kapseist voor de Berendrechtsluis te Antwerpen bij het assisteren van het containerschip 'Noa' van de rederij MSC. Drie bemanningsleden kunnen worden gered; een Antwerpse monteur zit echter opgesloten in de machinekamer en verdrinkt. Het wrak zal later worden gelicht en verkocht voor de sloop te Gent.

Bron: www.worldshipsocietyrotterdam.nl

 

2002

De gastanker 'Cotswold', varende onder de vlag van de Bahama's, heeft een aanvaring met de coaster 'Walker' (Antigua en Barmuda vlag) op circa 40 mijl ten westen van IJmuiden. De 'Walker' dreigt te zinken, maar extra pompen weten dit echter te voorkomen. De 'Walker' wordt vervolgens door slepers van Wijsmuller naar IJmuiden gesleept. In dok blijkt hoe groot het gat onder de waterlijn is op precies de plek waar de bulpsteven van de 'Cotswold' hem geraakt heeft.

Bron: persbericht ANP 02-08-2002

 

1988

Fairwind'88: Vertrek vanuit Den Helder van het geleidenwapenfregat Hr.Ms. 'De Ruyter', het L-fregat Hr.Ms. 'Witte de With', het M-fregat Hr.Ms. 'Van Nes' en het bevooradingsschip Hr.Ms. 'Amsterdam', samen met het Belgische fregat BNS 'Wandelaar', voor een reis naar het Verre Oosten. De reis staat vooral in het teken van vlagvertoon en promotie van de Nederlandse handel en industrie. De schepen zijn onder meer aanwezig bij het Bicentennial Naval Salute ter gelegenheid van 200-jaar Australië. Koningin Beatrix en prins Claus zullen op 2 november, tijdens hun Staatsbezoek aan Australië, een bezoek brengen aan het eskader. Op 25 november zal het eskader weer terugkeren in Den Helder.

Bron: 'Jaarboek van de Marine' (1988)

 

1974

Squadron 320 van de Marine Luchtvaartdienst op het Marinevliegkamp Valkenburg (MVKV) krijgt een permanente basis op vliegveld Hato op Curaçao. Het VSQ 320 opereert hier met drie SP-2H Lockheed Neptune patrouillevliegtuigen. Sinds 1951 is er een vliegtuigsquadron van de Marine Luchtvaartdienst (MLD) op de Nederlandse Antillen. Eerst was dat het VSQ 1, uitgerust met 12 eenmotorige Fairey Firefly toestellen en in 1960 met de Grumman S-2F Trackers. (Tussen 1981 - 2000 zal de taak van de MLD worden overgenomen door het 336 squadron van de Koninklijke luchtmacht met twee F-27's Maritime.)

Bron: 'Jaarboek van de Marine' (1974)

 

1965

Heroprichting van de NV Scheepvaart Maatschappij 'Trans-Oceaan' door de NV Scheepvaart Participatie Maatschappij te Den Haag, waarin de Rotterdamsche Lloyd, Holland-Amerika Lijn en Stoomvaart Maatschappij 'Nederland' ieder een belang hebben. In 1975 zal 'Trans-Oceaan' worden overgenomen door de Zweedse rederij Broström AB. In 1979 zullen de schepen worden ingebracht bij Intercontinental Transport (ICT) BV te Rotterdam en Broströms Rederij AB (sinds 1987 Incotrans BV te Rotterdam).

Bron: www.koopvaardij.web-log.nl

 

1957

Indienststelling van de onderzeebootjager Hr.Ms. 'Drenthe', gebouwd op de werf van de Nederlandsche Dok en Scheepsbouw Maatschappij (NDSM) te Amsterdam.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

1945

Bij een aanval op Manokwari (Nederlans Nieuw-Guinea) wordt de Kitty Hawk C3-534 van sergeant-vlieger F. Hirdes van de Marine Luchtvaartdienst (MLD) neergeschoten, waarbij Hirdes om het leven komt. Aan boord van de Curtiss P40N Kitty Hawk jachtvliegtuigen van RAAF SQ 120, die vanuit Australië opereren, hebben twee vliegers van de MLD deelgenomen aan acties tegen de Japanners. Hiertoe werd het squadron in april 1945 naar Merauke gedirigeerd en vervolgens naar Biak. Vooral vanuit Biak werden de Japanse troepen op Nederlands Nieuw-Guinea geducht aangevallen. De voornaamste doelen waren Manokwari, Sorong en Babo.

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

1945

Heroprichting van het Nationaal Technisch Instituut voor Scheepvaart en Luchtvaart als voortzetting van het Nationaal Scheepvaartkundig Museum dat op 15 mei 1940 tijdens het bombardement op Rotterdam, inclusief de verzameling, verloren was gegaan. Het Instituut wordt samen met het Maritiem Museum 'Prins Hendrik' gehuisvest aan de Rochussenstraat in Rotterdam.

Bron: 'De Zee' (1956)

 

1945

Oprichting van de Marinierskapel der Koninklijke Marine als voortzetting van de sinds 1864 met een besluit van koning Willem III bestaande Stafmuziek van de Koninklijke Marine. Direkt na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog werd deze Stafmuziek van de Koninklijke Marine opgeheven. Enige tijd na de bevrijding van Nederland meldden zich 18 vroegere leden van de Stafmuziek in Rotterdam. Op initiatief van de toenmalige Commandant van het Korps Mariniers werd door de minister van Marine besloten tot wederoprichting van een eigen muziekkorps. De nieuwe leden van de marinierskapel, onder de eerste directeur Gijsbert Nieuwland, zijn gekleed in het mariniersuniform. De wortels van de huidige marinierskapel, aangevuld met de Tamboers en Pijpers van het Korps Mariniers, stammen uit 1799. In dat jaar werd het de commandanten van de schepen van de Bataafse Marine toegestaan om muzikanten in hun scheepsbemanningen op te nemen. Deze maatregel was vooral bedoeld om de verveling tijdens de lange zeereizen tegen te kunnen gaan.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

1944

Opheffing van de op 12 mei 1940 in Londen opgerichte Nederlandse- Scheepvaart en Handels Commissie (NSHC). In 1942 werden reeds alle Nederlandse koopvaardijschepen door de minister van Handel,Nijverheid en Scheepvaart gevorderd, waarbij door de NSHC het beheer werd gevoerd. De bewindvoering over de Nederlandse koopvaardijschepen zal nog tot het einde van de Tweede Wereldoorlog worden toevertrouwd aan een aantal voormalige leden van de NSHC, nu in dienst van het ministerie van Scheepvaart in Londen.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

1943

Het vrachtschip ss. 'Mangkalihat' (1928) in beheer bij de Stoomvaart Maatschappij 'Nederland' (SMN), het op 10 mei 1940 te Sabang in beslag genomen Duitse ss. 'Lindenfels', varende in konvooi BC 2 van Suez naar Engeland via Kaapstad, onder kapitein P.G. van Strienen, wordt in Straat Mozambique ten oosten van Lorenço Marques getorpedeerd door de Duitse onderzeeboot 'U 198'. Het schip zinkt drie dagen later op 4 augustus. Hierbij komen 10 opvarenden om het leven.

Bron: K.W.L. Bezemer: 'De Nederlandse koopvaardij in de Tweede Wereldoorlog' (1981)

 

1939

De motorschoener 'Baltic' (1897) van J. Pekelder uit Groningen, op weg van Hagenas naar Orebro, strandt bij Notholmen en zinkt. De bemanning kan hierbij worden gered.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

1925

Toetreding van de zestien-jarige Herman Spliethoff tot het door zijn vader (Johan Frederik Spliethoff) in 1921 opgerichte bevrachtingskantoor. J.F. Spliethoff. Aanvankelijk mededirecteur van de Hollandsche Algemeene Scheepvaartmaatschappij (HAAS) richtte hij in 1921 een eigen bevrachtingskantoor in Rotterdam op. In de loop van 1925 verplaatst hij zijn kantoor naar de Keizersgracht in Amsterdam, van waaruit hij zich vooral zal gaan bezig houden met houtbevrachtingen. Eerst in 1946 zal door Spliethoff de eerste coaster als 'Heerengracht' in de vaart worden gebracht.

Bron: A. Boerema: 'Coasters, de laatste 50 jaar van de KHV' (1992)

 

1919

Oprichting van het Vereenigd Cargadoorskantoor (VCK) te Amsterdam door de firma's B.J. Hengel (1819), Wed. J. Salm & Meijer (1762), Hudig, Veder & Co. en Burger & Zn.

Bron: 'Maritiem Nederland' (1994)

 

1916

Het vrachtschip ss. 'Zeeland' van de Scheepvaart en Steenkolen Maatschappij uit Rotterdam, onderweg van Methil naar Rouen met een lading steenkool, wordt nabij Sunderland door de Duitse onderzeeboot 'UB 39' met kanonvuur tot zinken gebracht. De bemanning kan het schip verlaten, waarbij de sloepen door deze onderzeeboot gedurende drie kwartier in de richting van de Engelse kust worden gesleept en vervolgens aan hun lot worden overgelaten.

Bron: L.L. von Münching: 'De Ned. koopvaardij in de eerste oorlogsmaanden van 1914' in: 'DBW' jrg. 57 nr. 3 (2002)

 

1915

Oprichting van de Zuid-Pacific Lijn door de Koninklijke Nederlandsche Stoomboot Maatschappij (KNSM).

Bron: L.L. von Münching: 'De Ned. koopvaardij in de eerste oorlogsmaanden van 1915' in: 'DBW' jrg. 55 nr. 2 (2000)

 

1914

Vertrek vanuit Tandjong Priok van het vrachtschip ss. 'Kawi' van de Rotterdamsche Lloyd met bestemming Rotterdam. Het schip zal, in verband met het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog, onderweg maar liefst zeven keer worden aangehouden en zal dan ook eerst veel later in Rotterdam aankomen.

Bron: L.L. von Münching: 'De Ned. koopvaardij in de eerste oorlogsmaanden van 1914' in: 'DBW' jrg. 54 nr. 3 (1999)

 

1914

Het mailschip ss.'Koning Willem III' (1900) van de Stoomvaart Maatschappij 'Nederland' (SMN) ligt bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in een Roemeense haven en ziet geen kans meer om weg te komen uit de Zwarte Zee. In juni werd het inmiddels in beslag genomen schip door de Roemeense autoriteiten overgedragen aan de Russische regering. Verbouwd tot hospitaalschip voor de Keizerlijke Russische Marine zal het schip op 9 augustus 1916 in dienst worden gesteld. Uiteindelijk valt de 'Koning Willem III' te Odessa in handen van Oostenrijk-Hongarije en zal vervolgens worden ingezet als troepentransportschip. In maart 1919 strandt het schip bij Karaburun (nabij Istanbul). Later zal het schip weer vlot worden gebracht en tenslotte worden gesloopt.

Bron: A.J.J. Mulder: 'De eeuw van de 'Nederland' (2003)

 

1914

Begin van de Eerste Wereldoorlog in Europa, nadat Oostenrijk-Hongarije op 26 juli de oorlog aan Servië heeft verklaard en de direkt daarop volgende oorlogsverkaring van Duitsland aan Rusland. Nog diezelfde dag wordt de Algehele mobilisatie van de Nederlandse krijgsmacht afgekondigd. Hieraan voorafgaande werden reeds op 26 juli orders gegeven om voorbereidende maatregelen te treffen. Buitengaats zijnde Nederlandse schepen werden teruggeroepen. In de havens aanwezige schepen werden oorlogsgereed gemaakt alsmede de instelling van een voorlopige Militaire Kustwacht.

Bron: W.J. Cohen Stuart: 'De Nederlandsche Zeemacht van 1889-1915' (1937).

 

1902

Direkt na aankomst en ontscheping te Vlissingen van het ss. 'Batavier III' van de Stoomvaart Maatschappij 'Zeeland', krijgt het schip orders om naar Southampton te varen, teneinde aldaar de zieke ex-president M. Steyn van de Zuid-Afrikaanse republiek Oranje Vrijstaat op te halen en hem vervolgens naar Hoek van Holland over te brengen.

Bron: K. de Haas: 'Boerenleiders reisden met de Batavier Lijn' in: 'DBW' jrg. 55 nr. 11(2000)

 

1871

Vertrek van het mailschip ss. 'Prins van Oranje' van de Stoomvaart Maatschappij 'Nederland' (SMN) voor zijn eerste reis vanuit Nieuwediep naar Batavia. Het is het eerste schip van de SMN, dat het nieuwe Suezkanaal (geopend op 17 november 1869) passeert. Op 18 augustus 1871 arriveert het schip te Suez.

Bron: L.L. von Münching: 'Totstandkoming van de stoomvaart vanuit Amsterdam naar Indië' in: 'DBW' jrg.57 nr.4 (2002)

 

1845

Vertrek vanuit Batavia van het raderstoomschip 2e klasse Zr.Ms. 'Bromo' naar Singapore. Het is het begin van een aanvankelijk door de Koninklijke Marine geregelde lijndienst voor het verrichten van de z.g. paketdiensten: het onderhouden van de verbinding tussen Batavia en Singapore ter bespoediging van het postverkeer van - en naar West-Europa. Hiernaast zal de 'Bromo' worden ingezet voor het vervoer van ambtenaren, officieren, troepen en enkele passagiers. Het schip zou later vervangen worden door het raderstoomschip 'Batavia'.

Bron: L.L. von Münching: 'W.F.A. Cores de Vries, pionier van de stoomvaart in Ned-Indië' in: 'DBW' jrg. 59 nr. 2 (2004)

 

1826

Indienststelling van Zr.Ms. fregat 'Java', uitgerust met 44 stukken en een waterverplaatsng van 1.461 ton.

Bron: J. Anten e.a: 'Hr.Ms. kruisers Java en Sumatra' (2001)

 

1825

Het permanente Nederlandse eskader in de Middellandse Zee wordt gesplitst in een West- en een Oost-divisie met respectievelijk de havens van Port Mahon op Menorca en Smyrna als tijdelijke vlootbasis. De Oost-divisie wordt belast met het veiligstellen van de Nederlandse handelsbelangen tegen de Griekse kapers en de bescherming van Nederlanders (christenen) in het Turkse rijk. De West-divisie krijgt als taken de observatie van de Barbarijse mogendheden (Marokko, Algiers, Tunis en Tripoli). Tot aan de Belgische Opstand in 1830 zal het Nederlandse eskader permanent in de Middellandse Zee blijven.

Bron: H. Stapelkamp: 'Gerhardus Fabius (1806 - 1888), een leven voor de marine' (1999)

 

1809

Na de invasie van Walcheren door Engelse troepen eind juli 1809 wordt door koning Lodewijk Napoleon de vice-admiraal J.W. de Winter benoemd tot opperbevelhebber van de Hollandse Zeemacht in Zeeland.

Bron: D.F. Scheurleer: 'Herinneringsdagen uit de Nederlandsche zeegeschiedenis' (1913)

 

1806

Eedsaflegging door het personeel van de Bataafse Marine op het nieuwe bewind van Lodewijk Napoleon na zijn benoeming tot koning van het nieuwe Koninkrijk Holland. Zowel in Den Helder als in Hellevoetsluis zou de komst van de nieuwe koning uit Frankrijk onder het scheepsvolk tot enige onrust hebben geleid.

Bron: C.J. ten Bokkel Huinink: 'C.J. Wolterbeek (1766 - 1845) van adelborst tot admiraal' (2004)

 

1798

Zeeslag bij Aboukir (Slag op de Nijl): de Britse vloot onder leiding van Horatio Nelson, aan boord van de 'Vanguard', verslaat op de rede van AlexandrIë de Franse vloot onder admiraal François Paul de Brueys. De Brueys sneuvelt aan boord van zijn vlaggenschip 'Orient', waarbij dit schip later in de lucht vliegt en slechts 60 van de 1.000 opvarenden gered kunnen worden. De Fransen verliezen elf linieschepen en 2 fregaten. Als de Fransen zich realiseren dat de slag verloren is gaat de achterhoede van de vloot er van door. Daaronder bevindt zich de 'Guillaume Tell' met als kapitein Pierre De Villeneuve, die later opnieuw met Nelson geconfronteerd zal worden tijdens de zeeslag bij Trafalgar (21 oktober 1805).

Bron: M. Accera & J. Meyer: 'Marine et Revolution' (1988)

 

1794

Het kofschip de 'Vriendschap', op weg van Cadiz naar Amsterdam, wordt voor de Vlaamse kust veroverd en met een Franse prijsbemanning naar Duinkerken gevaren. De zich nog aan boord van de 'Vriendschap' verblijvende matroos Christiaan Cornelis ziet kans om twee Fransen over boord te gooien en een derde zwaar te verwonden, waarna een vierde zich direct overgeeft. Direct hierna kan de 'Vrienschap' worden hernomen en door Cornelis, samen met zijn maat Koens, naar Vlissingen worden gezeild. Voor deze daad krijgt Cornelis van de luitenant-admiraal jhr. J.H. van Kinsbergen als geschenk een zilveren tabaksdoos.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

1781

Ondanks de Britse blokkade voor de Nederlandse kust. in verband met de Vierde Engelse Oorlog, zeilt het eskader onder bevel van de schout-bij-nacht Johan A. Zoutman uit met de opdracht om een konvooi van 71 koopvaarders naar de Oostzee te begeleiden. Het eskader bestaat uit het vlaggenschip 'de Admiraal De Ruyter' (68 stukken) onder de kapitein-ter-zee A.H.C. Staringh, de 'Holland' (64 stukken), de 'Admiraal Piet Heijn' (54 stukken) en een drietal kleine fregatten. Het tweede eskader moet hierbij zorgdragen voor de flankdekking en na het bereiken van de Sont vervolgens naar Noorwegen varen, teneinde aldaar de Oost-Indievaarders op te halen. Dit eskader, onder bevel van de kapitein-ter-zee J.H. van Kinsbergen, bestaat uit de 'Admiraal-Generaal' (74 stukken), de 'Erfprins' (74 stukken), de 'Batavier' (54 stukken), de 'Argo' (40 stukken) en een drietal kleine fregatten en een kotter. Vier dagen later treft deze vloot een Brits eskader onder de vice-admiraal Hyde Parker, waarbij beide eskaders met elkaar in gevecht zullen raken (Zeeslag bij Doggersbank).

Bron: D.F. Scheurleer: 'Herinneringsdagen uit de Nederlandsche zeegeschiedenis' (1913)

 

1721

Vertrek vanuit de Republiek van een expeditie, bestaande uit drie schepen, de 'Arend', 'Tienhoven' en de 'Afrikaanse Galei' van de WIC, onder Jacob Roggeveen voor een ontdekkingsreis naar Australië via Kaap Hoorn. Op 5 april 1722 (Paas-zondag) zal Roggeveen het door hem genoemde Paaseiland ontdekken en aldaar een eendaags bezoek brengen.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

1668

Uitzeilen van het eskader, bestaande uit zeven oorlogsschepen, onder bevel van de schout- bij-nacht Willen van der Zaan naar de Middellandse Zee ter bestrijding van de kaapvaart aldaar.

Bron: R.B. Prud'homme van Reine: 'Ter Navolging' (1992)

 

1660

Vice-admiraal Michiel Adriaenszn. de Ruyter wordt, als dank voor zijn verrichtingen tegen de Zweden, door de Deense koning Frederik III tot ridder in de Deense adelstand verheven.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

1646

Aankomst van een Nederlandse hulpvloot onder bevel van Schoonenborch voor het belegerde Recif (Brazilië)

Bron: D.F. Scheurleer: 'Herinneringsdagen uit de Nederlandsche zeegeschiedenis' (1913)

 

1628

Twee grote Hondurasvaarders (wooronder het admiraalsschip) van de Spaanse retourvloot uit Honduras worden nabij Cuba door de Nederlandse WIC-vloot onder bevel van Pieter Adriaenszn. Ita veroverd. Beide Spaanse schepen worden op een bank gejaagd; door de Nederlandse schepen geenterd en vervolgens buitgemaakt. Hierbij vallen aan Spaanse zijde honderden doden.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)