maritieme kalender

Welkom bij de maritieme kalender van Het Scheepvaartmuseum. Zoek op datum of jaar en ontdek wat er door de eeuwen heen op en rond zee gebeurde.

 
 
 
 
 

maritieme gebeurtenis - 1940

 

02/01

De Nederlandse regering geeft nieuwe instructies aan de opperbevelhebber van land- en zeemacht generaal Reijnders over de verdediging van de vesting Holland en de Grebbelinie.

Bron: C. Fasseur: 'Wilhelmina, krijgshaftig in een vormeloze jas' (2001)

 

06/01

De Nederlandse regering maakt bekend dat er niet te onderhandelen is over de Nederlandse neutraliteit.

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

13/01

Nederland en België brengen hun troepen in staat van paraatheid.

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

15/01

Het vrachtschip ms.'Arendskerk' (1938) van de Vereenigde Nederlandsche Scheepvaartmaatschappij (VNS), op weg van Antwerpen naar Kaapstad, onder kapitein J.H. Wijker, wordt varende onder Nederlandse neutrale vlag op 100 mijl van Ouessant door de Duise onderzeeboot 'U 44' getorpedeerd en vervolgens met geschutsvuur tot zinken gebracht. Alle opvarenden kunnen hierbij worden gered. De 'Arendskerk' is het eerste schip van de VNS dat door oorlogshandelingen ten onder gaat. Het is ook de eerste oorlogspatrouille van de 'U 44', afkomstig uit Wilhelmshaven onder commando van Ludwig Mathes, van 6 januari 1940 tot 9 februari 1940. Eerder op de dag werd door de 'U 44' ook het Noorse vrachtschip 'Fagerheim' tot zinken gebracht.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

16/01

Op het IJsselmeer nabij Urk wordt de veerboot ss. 'Friesland' door opkruiend ijs lek geslagen. Ook twee andere schepen de 'Holland' en de 'IJssel' van de Holland-Friesland-Groningen lijn worden eveneens lek geslagen. Met behulp van kolen uit de lading op het ijs (met de tekst: 'Hulp IJsbeer Daniël - Schepen lek') probeert de bemanning van de drie stoomschepen de aandacht te trekken van vliegtuigen. Uiteindelijk weten de met ijsploegen uitgeruste sleepbooten 'Daniël Goedkoop' en de 'Wilhelmina Goedkoop' de 'Holland' en 'IJssel' te bereiken en terug te brengen naar Amsterdam (19 januari). De 'Friesland' moet als verloren worden beschouwd.

Bron: www.roelofstevens.nl/lemmerboot/friesland.html

 

17/01

ZKH prins Bernhard maakt een tochtje door de haven van Scheveningen in de nieuwe naar hem vernoemde motorstrandreddingboot 'Prins Bernhard' van de NZHRM (station Scheveningen-Noord). De boot is een geschenk uit een zilveren-speldjes-actie van de Nederlandse schooljeugd ter gelegenheid van het huwelijk van prinses Juliana en prins Bernhard in 1937. De 'Prins Bernhard' zal in 1962 vervangen worden door de msrb 'Casparis'.

Bron: 'Jaarverslag NZHRM' (1940)

 

18/01

De coaster ms. 'Diana' (1936) van Jac. de Voogd, op weg van Newport naar Watchet, loopt op een zeemijn in het Bristol Kanaal en zinkt. Vijf bemanningsleden komen om het leven.

Bron: K.W.L. Bezemer: 'De Nederlandse koopvaardij in de Tweede Wereldoorlog' (1981)

 

20/01

De Britse minister van marine, Winston Churchill roept de neutrale landen op zich bij de geallieerden aan te sluiten. Nederland zal echter niet tegemoetkomen aan de oproep van Churchill om zich bij de geallieerden aan te sluiten.

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

04/02

De kruiser Hr.Ms. 'Sumatra', voorzien van neutraliteits-kenmerken, vertrekt uit Den Helder om langs de grens van de territoriale wateren toezicht te houden op de handhaving van de Nederlandse neutraliteit. Het schip is 'stand by' om binnen- en uitvarende koopvaardijschepen te beschermen tegen Britse of Duitse vliegtuig- of duikbootaanvallen.

Bron: J. Anten e.a: 'Hr.Ms. kruisers Java en Sumatra' (2001)

 

04/02

De coaster ms. 'Flores' (1938) van H. Sloots uit Groningen, op weg van Rotterdam naar Swansea, strandt bij het lichtschip Kentish Knock en gaat verloren. De bemanning kan hierbij worden gered.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

05/02

De tanker ms.'Ceronia' (1939) van Petroleum Maatschappij 'La Corona' (Shell), als neutraal Nederlands schip op weg van Las Piedras naar Rotterdam, wordt getorpedeerd door de Duitse onderzeeboot 'U 41' op circa 125 zeemijl van Land’s End (op positie 49.14° N / 08.34° W). De bemanning ziet kans het schip te behouden en op eigen kracht de tanker op 9 februari in Pernis binnen te brengen waar het op de werf van Wilton-Fijenoord te Schiedam kan worden gerepareerd en nog net voor de Duitse inval op 10 mei 1940 weer uit Rotterdam kan vertrekken. De 'U 41' brengt op dezelfde dag eveneens de Britse tanker 'Beaverburn' tot zinken, doch wordt daarbij zelf vernietigd door de Britse torpedoboot HMS 'Antelope', waarbij de volledige bemanning om het leven komt.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

06/02

De coaster ms. 'Gerco' (1929) van G. Stomp uit Delfzijl, op weg van Blyth naar Antwerpen, loopt aan de grond bij Cullercoats en wordt geabandonneeerd. Het wrak zal later worden verkocht aan Engeland.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

06/02

De Nederlandse regering maakt de plannen voor de bouw van drie slagkruisers en de modernisering van de marine-haven Soerabaja (Nederlands-Indië) bekend.

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

10/02

Het vrachtschip sts. 'Burgerdijk' (1921) van de Holland-Amerika Lijn (HAL), varende als neutraal Nederlands schip, op weg van New York naar Rotterdam, onder kapitein L. Scriwanek, wordt op de Atlantische Oceaan op circa 15 mijl ten zuiden van Bishop Rock getorpedeerd door de Duitse onderzeeboot 'U 48' en tot zinken gebracht op positie 49.45° N / 06.30° W. Alle 40 opvarenden weten zich in veiligheid te brengen en kunnen later worden opgepikt en gered door het passagiersschip 'Edam' van de HAL.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardijvloot in WO II' (1978)

 

15/02

De olietanker ms. 'Den Haag' (1925) van de Petroleum Industrie Maatschappij (PIM), op weg van New York naar Rotterdam volgeladen met olie, onder kapitein C. Wijker, wordt als neutraal Nederlands schip op de Atlantische Oceaan circa 150 mijl ten noorden van Quessant, door de Duitse onderzeeboot 'U 48' getorpedeerd. 26 opvarenden komen hierbij om het leven.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

17/02

Het vrachtschip ss. 'Alkmaar' (1919) van de KNSM , op weg van Amsterdam naar Buenos Aires, strandt op het eiland Cima (Kaapverdische eilanden) en breekt in stukken. De bemanning kan worden gered door een Portugees oorlogsschip en brengt deze aan boord van het ss. 'Farmsum'.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

18/02

De coaster ms. 'Alja' (1936) van J. van Dijk uit Groningen, op weg van Lissabon naar Antwerpen, strandt op de Franse kust bij het eiland Aux Moutons op positie 46.46° N / 04.03° W. en gaat verloren. De bemanning kan hierbij worden gered.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

21/02

Het vrachtschip ss. 'Tara' (1929) van Maatschappij Vrachtvaart, geladen met graan, op weg van Bahia naar Londen, wordt door de Duitse onderzeeboot 'U 50' getorpedeerd op positie 42.45° N / 10.25° W en zinkt. De bemanning kan hierbij worden gered. Het is de enige succesvolle oorlogpatrouille van de 'U 50', waarbij vier schepen tot zinken worden gebracht. Op 6 april 1940 zal de U-boot, een dag na vertrek uit Kiel, voor de tweede patrouille tot zinken worden gebracht.

Bron: K.W.L. Bezemer: 'De Nederlandse koopvaardij in de Tweede Wereldoorlog' (1981)

 

21/02

De stoomtrawler 'Petten' (IJM 49) van NV Visscherij Maatschappij Petten uit IJmuiden, op 15 februari vertrokken voor de trawlvisserij op de Noordzee, slaat tijdens slecht weer lek en zinkt. De bemanning kan hierbij worden gered door het vissersschip 'Viking Bank' (IJM 83) en aan land worden gebracht.

Bron: 'De Zee' (1941)

 

26/02

De coaster ms. 'Ida' (1931) van C. Kuur uit Zwartsluis, op weg van Plymouth naar Ardrossan, stoot tijdens een zware storm op een onbekend voorwerp en zinkt op 51.22 N / 00.05 W in het Kanaal van Bristol. De bemanning kan hierbij worden gered.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

01/03

Officiële ingebruikname van de luchthaven op Curaçao, waarna de civiele luchtvaart op het eiland haar intrede zal doen. In 1942 verleent de Nederlandse regering in ballingschap te Londen toestemming om op dit vliegveld Amerikaanse vliegtuigen te stationeren in verband met de bescherming van de olieraffinaderij op Curaçao.

Bron: 'HATO-militair', in: 'Van Boord', jrg. 7 nr. 27 (2004)

 

02/03

Het vrachtschip ms. 'Rijnstroom' (1937) van de Hollandsche Stoomboot Maatschappij (HSM), als neutraal Nederlands schip op weg van de rede van Duins naar Amsterdam, wordt door de Duitse onderzeeboot 'U 17' getorpedeerd. Alle 12 bemanningsleden komen hierbij om het leven. De 'U 17' verliet op 29 februari Wilhelmshaven onder commando van Udo Behrens voor een oorlogspatrouille op de Noordzee en keert op 7 maart weer terug in de thuishaven. Op 5 maart claimt de onderzeeboot verder het tot zinken brengen van het ss. 'Grutto' (1925) van Smith & Van Ommeren.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

02/03

De coaster ms. 'Elziena' van J. Pattje in Sappemeer, varende als neutraal Nederlands schip, onder kapitein H. Eldriks, op weg van Galathee naar Leith, wordt 20 mijl ten zuiden van Longstone, dwars van Whitby, door een Duits vliegtuig gebombardeerd, waarbij het schip in brand raakt en vervolgens zinkt. Hierbij komen Eldriks en de machinist om het leven. Drie overige opvarenden kunnen, drijvend op een vlot, 36 uur later worden opgepikt door de Deense schoener 'Sine', die onderweg was naar Leith.

Bron: B. van Lange & B. Kruidhof: 'Van deur tot deur over zee' (2000)

 

05/03

Het vrachtschip ss. 'Grutto' (1925) van Smith & Van Ommeren, op weg van Londen naar Rotterdam, onder kapitein B. Kuyper, wordt als neutraal Nederlands schip op de Noordzee getorpedeerd door de Duitse onderzeeboot 'U 17'. Hierbij komen 18 opvarenden om het leven.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

06/03

Herindienststelling na de benodigde reparaties op de Rijkswerf in Den Helder van de op 1 oktober 1939 ernstig beschadigde mijnenlegger 'Jan van Gelder'. Het schip was op die datum in aanvaring gekomen met een mijn in het Boomkensdiep, waarbij zes bemanningsleden om het leven waren gekomen.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

06/03

Ongeval met de onderzeeboot Hr.Ms.'O II' in de haven van Den Helder. Een divisie onderzeeboten, bestaande uit de 'O 9', 'O 10' en 'O II' verlaat de haven, op hetzelfde moment dat de gemilitariseerde sleepboot 'BV 3' de haven binnen vaart. Door onduidelijke orders aan boord van de sleepboot ramt deze de 'O II' aan bakboordzijde. Drie opvarenden komen hierbij om het leven. Doordat slechts een compartiment volloopt kan de boot geborgen worden en naar de Rijkswerf Willemsoord worden gesleept. Tijdens de Duitse bezetting valt de 'O II' in handen van de Duitsers en zal in 1944 als blokschip tot zinken worden gebracht.

Bron: H. de Bles e.a: 'Vloot vereeuwigd, honderd jaar Koninklijke Marine in foto' (2002)

 

07/03

Het vrachtschip ss. 'Vecht' (1918) van de Maatschappij Houtvaart, als neutraal Nederlands schip op weg van Rotterdam naar West Afrika, onder kapitein P. Smit, wordt op de Noordzee ter hoogte van de Steenbank, door de Duitse onderzeeboot 'U 14' getorpedeerd en tot zinken gebracht. Alle 22 opvarenden komen hierbij om het leven.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

11/03

Het vracht/passagiersschip ss. 'Amor' (1911) van de KNSM, als neutraal Nederlands schip op weg van West-Indië naar Amsterdam, loopt bij de Schouwenbank nabij het Lichtschip Westhinder (op positie 51.24° N / 02.09° O) op een Duitse zeemijn en zinkt. Alle opvarenden kunnen hierbij worden gered. De mijn was daar kort te voren gelegd door een Duits oorlogsschip.

Bron: K.W.L. Bezemer: 'De Nederlandse koopvaardij in de Tweede Wereldoorlog' (1981)

 

11/03

De tanker ms.'Eulota' van de Petroleum Maatschappij 'La Corona' (Shell), op weg van Rotterdam naar Curaçao, onder kapitein B. Elzinga, wordt als neutraal Nederlands schip in het Kanaal circa 120 mijl zuidwest van Land's End door de Duitse onderzeeboot 'U 28' getorpedeerd. De bemanning wordt na pogingen het schip nog te kunnen redden aan boord genomen door het Britse HMS 'Wild Swan' en de volgende dag in Plymouth aan wal gezet. Het voorschip van de 'Eulota', dat nog drijvende was, wordt door een Britse destroyer tot zinken gebracht. De derde oorlogspatrouille van de 'U 28' in Het Kanaal duurt vier weken, waarna de onderzeeboot weer in Wilhelmshafen zal terugkeren op 23 maart 1940.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

13/03

Een Fokker drijvervliegtuig van het type C.VIIIW, 'G 4', van de Marine Luchtvaartdienst (MLD) redt vier inzittenden van een Focke-Wulf FW58 van de Luchtvaart Afdeling, die tijdens een ambulancevlucht van Texel naar het Marinevliegkamp De Kooy, tijdens dichte mist, gedwongen was een noodlanding te maken op de Waddenzee heeft gemaakt.

Bron: archief IMH

 

13/03

De coaster ss. 'Buizerd' (1931) van J. Bosma uit Groningen, op weg van Newcastle naar Antwerpen met een lading steenkool, loopt op de rotsen bij Kettleness rock (Oostkust van engeland) en gaat verloren. De bemanning kan hierbij worden gered.

Bron: 'De Zee' (1941)

 

16/03

Het ms. 'Wieringen' (ex ms. 'Turbinia') zinkt als gevolg van een aanvaring op de Noordzee.

Bron: L.L. von Münching: 'De Ned. koopvaardij in de eerste oorlogsmaanden van 1915' in: 'DBW' jrg. 55 nr. 2 (2000)

 

16/03

De coaster ms. 'Saba' (1939) van C.J. Roorda uit Voorburg, vertrokken uit Caen (Frankrijk) met bestemming IJmuiden, wordt sindsdien vermist, waarbij 7 man om het leven kwamen. Vermoedelijk moet het schip op een zeemijn zijn gelopen. Op 29 maart wordt nog een reddingsboei gevonden.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

17/03

De coaster ms. 'Hinde' (1937) van C.J. van den Berge uit Delft, op weg van Milford Haven (Wales) naar Liverpool, loopt op de rotsen van Rathlin Island (Ierland). De bemanning kan hierbij worden gered.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

18/03

De trawler 'Protinus' (1900), op weg van IJmuiden naar Engeland, wordt als neutraal Nederlands vissersschip op de Noordzee bij de Middle Rough Bank door Duitse vliegtuigen tot zinken gebracht. Vier opvarenden komen hierbij om het leven. Als gevolg van deze aanval, en die op twee andere (neutrale) Nederlandse vissers uit IJmuiden wordt door de Nederlandse gezant in Berlijn op 9 april 1940 een protest ingediend bij de Duitse regering.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

21/03

Tewaterlating van de 'Oranjefontein' bij de Machinefabriek en Scheepswerf van P. Smit jr. te Rotterdam, bestemd voor de Vereenigde Nederlandsche Scheepvaartmaatschappij (VNS). Het schip zal als gevolg van de oorlogsomstandigheden eerst in 1945 onder de VNS-vlag in de vaart kunnen worden gebracht.

Bron: K. de Haas: 'Fonteinen uit de jaren dertig' in: 'DBW' jrg. 56 nr.7 (2001)

 

22/03

De coaster ms. 'Wocana' (1936) van W. Smit uit Groningen, op weg van Vlissingen naar Goole zinkt op 8 zeemijl ten zuidoosten van het lichtschip Smith's Knoll, na een aanvaring met het Britse HMS 'Pintail'. De bemanning kan hierbij worden gered.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

26/03

Bij Koninklijk Besluit wordt de gouden De Ruyter-medaille uitgereikt aan stuurman P. Brons in dienst van de rederij Phs. van Ommeren. De De Ruyter-medaille wordt hem verleend na zijn moedig optreden aan boord van de tanker ms. 'Sliedrecht' (1924), onder kapitein C. Boer, toen dit schip, als neutraal Nederlands schip, op 16 november 1939 op de Atlantische Oceaan werd getorpedeerd. Hierbij kwamen 26 opvarenden om het leven.

Bron: 'De Zee' (1940)

 

27/03

Indiening van het Vlootplan, beter bekend als het 'slagkruiserplan' bij de Volksraad in Nederlands-Indië, dat met algemene stem wordt aangenomen.

Bron: 'Jaarboek van de Marine' (1952)

 

30/03

Tewaterlating van het ms. 'Elandsfontein' bestemd voor de Holland-Afika Lijn van de Vereenigde Nederlandsche Scheepvaartmaatschappij (VNS) op de werf van Schichau te Elbing. In verband met de reeds uitgebroken Tweede Wereldoorlog zal het schip in Weichselmunde worden opgelegd. Direct na afloop van de oorlog zal het schip tot Russische oorlogsbuit worden verklaard. Eerst na vele onderhandelingen slaagt men er in om de 'Elandsfontein' bij de werf van de Koninklijke Maatschappij 'De Schelde' in Vlissingen weer af te kunnen bouwen.

Bron: L.L. von Münching: 'De Ned. koopvaardij 1913 - 1970' in: 'DBW' jrg. 57 nr. 8 (2002)

 

02/04

Ondertekening van een contract tussen een Italiaanse torpedofabriek in Füme en de Koninklijke Marine (torpedocommissie) over de levering van torpedo's aan Nederland. Al in 1939 stokte vanwege een dreigende oorlog de aanvoer van Britse torpedo’s waardoor Nederland gedwongen is een nieuwe leverancier te zoeken. Na de bezetting van Nederland in mei 1940 worden door de regering in ballingschap in Londen nog steeds betalingen aan de Italiaans torpedofabriek verricht. De levering van de torpedo’s vindt echter nooit plaats. Na een langdurige juridische procedure na 1945, wordt het dossier van deze Fiume-affaire zonder restitutie van gelden pas in 1961 afgesloten.

Bron: www.marine.nl

 

08/04

De Verenigde Staten verklaren dat zij Nederlands-Indië zullen beschermen indien Nederland in de oorlog betrokken zou raken.

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

09/04

In het kader van de operatie 'Weserübung' wordt door Duitse troepen een inval gedaan in Noorwegen en Denemarken. Hitler heeft een aantal redenen waarom hij Noorwegen moet veroveren, waarbij Denemarken als 'opstapje' wordt gebruikt. De eerste reden is dat hij de Zweedse ijzerert- voorraden wil veiligstellen. De tweede reden is dat Noorwegen een prima uitvalbasis biedt voor de Duitse onderzeeboten. Nog diezelfde dag wordt door de Deense regering een overeenkomst met Berlijn gesloten, waarbij de Duitse weermacht het land zou beschermen tegen een mogelijke invasie en de regering in Kopenhagen haar civiele macht zou behouden.

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

12/04

De coaster ms. 'Velocitas' (1932) van A. Polder te Groningen, op weg van Blyth naar Antwerpen, loopt ter hoogte van Kentish Knock als neutraal Nederlands schip op een Duitse zeemijn en zinkt. Drie opvarenden komen hierbij om het leven. De kapitein en een ander bemanningslid kunnen worden gered door het Britse schip 'Mavis' en in Vlissingen aan wal worden gebracht.

Bron: A. Boerema: 'Coasters, de laatste 50 jaar van de KHV' (1992)

 

12/04

Na afkondiging van een hoge staat van paraatheid vanwege een veronderstelde Japanse aanval vanuit Formosa, vertrekken de kruisers Hr.Ms. 'Java' en 'De Ruyter' en enkele onderzeeboten vanuit Soerabaja voor een serie tactische oefeningen op de Javazee.

Bron: J. Anten e.a: 'Hr.Ms. kruisers Java en Sumatra' (2001)

 

13/04

De Dornier Do-24 K vliegboot 'X 4' van de Marine Luchtvaartdienst, gestationeerd op het Marinevliegkamp Morokrembanan, verongelukt nabij Soerabaja (Nederlands-Indië). Alle inzittenden komen hierbij om het leven.

Bron: H. de Bles e.a: 'Vloot vereeuwigd, honderd jaar Koninklijke Marine in foto' (2002)

 

14/04

In de nacht van 13 op 14 april 1940 verongelukte door onbekende oorzaak het op het Marinevliegkamp Veere gebaseerde Fokker C-XI W drijvervliegtuig 'W 9' bij Kamperduin. De officier-zeewaarnemer H.F.G. Langenhoff en sergeant-vlieger C.H.J. Knaapen komen om. De (roei)reddingboten van de NZHRM (stations Egmond aan Zee en Petten) vinden naast een stoffelijk overschot slechts een stuk drijver en andere wrakstukken gevonden.

Bron: www.knrm.nl

 

15/04

Het vrachtschip ss. 'Bernisse' (1915) van de rederij P.A. van Es & Co. uit Rotterdam zinkt als neutraal Nederlands schip te Narvik (Noorwegen) als gevolg van Brits artillerievuur tijdens de gevechten met Duitse troepen om deze havenplaats. Tijdens de oorlog zal het wrak worden gelicht en in oktober 1946 uiteindelijk worden geabandonneerd.

Bron: K.W.L. Bezemer: 'De Nederlandse koopvaardij in de Tweede Wereldoorlog' (1981)

 

16/04

Het vrachtschip ms. 'Sloterdijk' van de Holland-Amerika Lijn, nog net voor de Duitse bezetting in Denemarken (op 9 april 1940) opgeleverd door de werf van A.P. Moller in Odense, maakt zijn eerste reis naar New York.

Bron: 'Sommelsdijk en Sloterdijk, belangstelling met een vraagteken' in: 'DBW' jrg. 55 nr. 5 (2000)

 

19/04

In een radiotoespraak wordt door minister-president jhr. D.J. De Geer, in verband met de oorlogsdreiging, de staat van beleg afgekondigd.

Bron: A. Hakkert: 'Wel vergeven niet vergeten' (2003)

 

22/04

De Scheveningse vislogger 'Beb' (SCH 15) wordt als neutraal Nederlands schip, 10 mijl ten noorden van Terschelling door een Duitse patrouilleboot tot zinken gebracht. De bemanning van de logger wordt aan boord van de Duitse patrouilleboot genomen en korte tijd later in Bremen aan wal gebracht en aldaar tijdelijk gevangen genomen. Na korte tijd kan de bemanning weer naar Nederland terugkeren.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

26/04

Het stoomschip 'Gloria' (1934), op weg van Katwijk naar de Waddenzee loopt bij Terschelling op een zeemijn en zinkt. Zeven opvarenden komen hierbij om het leven. Op dezelfde dag loopt eveneens bij Terschelling de Scheveningse trawler 'Willy' (1936) op een zeemijn en zinkt. Tien vissers komen hierbij om het leven.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

26/04

Vertrek van de rede van Tandjong Priok van de kruiser Hr.Ms. 'Java' naar Padang/Emmahaven. De 'Java' zal daar de bewaking overnemen van vijf Duitse vrachtschepen van de torpedobootjagers Hr.Ms. 'Kortenaer' en 'Van Ghent'. Nog diezelfde dag wordt het commando over de 'Java' overgenomen door de kapitein-ter-zee P.B.M. van Straelen.

Bron: J. Anten e.a: 'Hr.Ms. kruisers Java en Sumatra' (2001)

 

26/04

Afkondiging in het staatsblad van de Wet op Zetelverplaatsing. Aan de rederijen in Nederland wordt door de regering in verband met oorlogsdreiging toestemming verleend om hun vestiging in een ander Rijksdeel onder te brengen. De inwerkingstreding zal later per afzonderlijk Koninklijk Besluit worden bepaald.

Bron: K.L. Bezemer: 'De koopvaardij in de Tweede Wereldoorlog' (1981)

 

01/05

Indienststelling van de flottieljeleider Hr.Ms. 'Jacob van Heemskerck', gebouwd op de werf van de Nederlandsche Scheepsbouw Maatschappij in Amsterdam. De 'Jacob van Heemskerk' zou nog net voor de Duitse inval zijn eerste proefvaart kunnen maken.

Bron: H. de Bles e.a: 'Vloot vereeuwigd, honderd jaar Koninklijke Marine in foto' (2002)

 

01/05

Plaatsing van een nieuwbouworder voor de bouw van de sleepboot 'Witte Zee' door L. Smit & Co's Internationale Sleepdiensten bij J. & K. Smit's Scheepswerven te Kinderdijk. Op 27 augustus 1941 zal het schip door de Duitsers in beslag worden genomen. Op 10 juli 1943 volgt de tewaterlating, waarna het schip op 12 oktober 1943 in onafgebouwde toestand naar Duitsland zal worden gesleept. In mei 1945 zal de 'Witte Zee' uiteindelijk worden teruggevonden en weer naar Rotterdam kunnen worden gesleept.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

07/05

Het vrachtschip ss. 'Moena' (1923) van de Stoomvaart Maatschappij 'Nederland' (SMN) wordt tussen 7 en 18 september tijdens de 'Battle of Brittain' diverse keren in de haven van Londen getroffen door Duitse bommen. Na herstel kan het schip weer in de vaart worden gebracht. Tussen 3 en 8 mei 1941 wordt de 'Moena' in Liverpool opnieuw door Duitse bombardementen beschadigd. Ook deze keer kan na reparatie het schip opnieuw in de vaart worden gebracht.

Bron: A.J.J. Mulder, De eeuw van de 'Nederland' (2003)

 

08/05

Gelet op een op handen zijnde oorlogsdreiging wordt door de Nederlandse regering met spoed het Koninklijk Besluit uitgevaardigd voor het inwerking treden van de Wet op Zetelverplaatsing. In de navolgende dagen zullen de grote rederijen dan ook een besluit nemen om hun hoofdvestiging in Nederland naar elders te verplaatsen (14/5 de Holland-Amerika Lijn naar Curaçao ; de Rotterdamsche Loyd en de Java-China-Japan Lijn naar Batavia ; 23/5 de Stoomvaart Maatschappij 'Nederland' naar Batavia en de KNSM op 28/5 naar Curaçao).

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

08/05

'Westoffensive Fall Gelb': Het Duitse Ober Kommando der Wehrmacht (OKW) geeft om 12:30 uur het codewoord 'Augsburg' uit, hetgeen betekent dat de Operatie 'Fall Gelb' (aanval op Nederland en België) op 9 mei van start zal gaan.

Bron: http://www.wlb-stuttgart.de/seekrieg/40-05.htm

 

09/05

'Westoffensive Fall Gelb': Door het Duitse Ober Kommando der Wehrmacht (OKW) wordt de Operatie 'Fall Gelb' (aanval op Nederland en België) een dag uitgesteld. De aanval wordt nu gesteld op 10 mei. Duitse luchtverkenningen tonen druk scheepvaartverkeer in de Scheldemonding en ten noorden van Calais aan. Bij de Nederlands-Belgische kust bevinden zich verschillende geallieerde torpedobootjagers. In de nacht van 9 op 10 mei droppen Duitse vliegtuigen zeemijnen voor de havens van onder meer Den Helder, IJmuiden, Hoek van Holland, Vlissingen en Zeebrugge. Nog diezelfde dag waarschuwt de Nederlandse militair attache in Berlijn, de majoor G.J. Sas, de regering op een op handen zijnde aanval op Nederland.

Bron: http://www.wlb-stuttgart.de/seekrieg/40-05.htm

 

10/05

Het vrachtschip ms. 'Dinteldyk' van de Holland-Amerika Lijn brandt deels uit bij een bombardement op Rotterdam. Het schip zal in september 1944 door de Duitsers als blokschip op de Nieuwe Waterweg worden gebruikt. Later zal het schip worden gelicht en gesloopt.

Bron: A. Lagendijk: 'Scheepvaart van de lage landen. Passagiersschepen op Afrika en Latijns Amerika' (1978)

 

10/05

De torpedobootjager Hr.Ms.'Van Galen', varende richting Willemsbruggen in Rotterdam, wordt op de Nieuwe Waterweg bij Vlaardingen getroffen bij een aanval door een Duitse Stuka. Enkele vliegtuigbommen vallen vlakbij het schip, waarbij enkele gewonden vallen. Aan boord van de 'Van Galen' ontstaat grote schade, als gevolg waarvan het schip zinkende is. Met zeer veel moeite kan de Merwehaven nog worden bereikt, waarna de 'Van Galen' verloren gaat. Nog diezelfde dag weet de stoomloodsboot nr. '4' (1904), in dienst van het loodsstation IJmuiden, succesvol naar Engeland uit te wijken. Op 30 november 1940 zal het schip door vijandelijke vliegtuigen tot zinken worden gebracht.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

10/05

Na het bekend worden van de Duitse aanval op Nederland wordt in Nederlands-Indië een groot aantal Duitse (vracht)schepen door het marinepersoneel en dat van de Gouvernements Marine in beslag genomen. Daartoe behoren onder andere: de 'Nordmark' (1930), de 'Rendsburg' (1925) en de 'Vogtland' (1924); in Makassar de 'Scheer' (1914); in Menado de 'Friderun' (1922); in Padang de 'Franken' (1929), de 'Bitterfeld' (1930), de 'Rheinland' (1927), de 'Soneck' (1938) en de 'Wuppertal' (1936). Verder worden nog vijf Duitse schepen in Sabang, drie in Soerabaja en één in Tjilatap in beslag genomen. Aan boord van de schepen wordt de radio ontvangst- en zendapparatuur door de Nederlandse autoriteiten verzegeld.

Bron: www.wlb-stuttgart.de/seekrieg/verluste/handelsschiffe-1940-2.htm

 

10/05

De commandant van de torpedomotorboot Hr.Ms. '51', de luitenant-ter-zee der eerste klasse J. van Staveren en Hr.Ms. 'Z 5' onder commando van de luitenant-ter-zee der eerste klasse W. van Lier, varen met de hulpmijnenvegers Hr.Ms. 'Walrus' en 'Alkmaar' op de Nieuwe Waterweg onder vijandelijk - en licht geschutvuur naar Rotterdam, met het doel om aldaar de overgang van Duitse troepen van de zuidelijke naar de noordelijke Maasoever te kunnen verhinderen. Hierbij kunnen vijandelijke mitrailleurnesten op de Willemsbrug en doelen op het Noordereiland onder vuur worden genomen. De '51' en de 'Z 5' slagen er in om met hun zwaar gehavende schepen, doorzeefd met mirailleurkogels, waarbij aan boord enkele doden en gewonden waren gevallen, weer terug te varen naar Hoek van Holland en vervolgens naar Engeland uit te wijken. Zowel van Staveren als van Lier zullen enige tijd later (bij KB van 16 juli 1940) worden benoemd tot Ridder der 4e klasse der Militaire Willemsorde.

Bron: Onderscheidingen aan Nederlanders voor WO II.

 

10/05

Op de eerste dag van de Duitse inval in Nederland vindt vanuit IJmuiden het vertrek plaats van de vrachtschepen ss.'Titus' (1930) en ss. 'Iris'(1920). Beide schepen van de KNSM waren reeds in IJmuiden beladen met een gedeeltelijke goudvoorraad van De Nederlandsche Bank ter waarde van 158 miljoen gulden, met bestemming Tilburry Docks aan de Thames. Bij hun overtocht over de Noordzee worden beide schepen geescorteerd door de kruiser HMS 'Arethusa' en twee Britse torpedobootjagers. Het ss. 'Perseus' van de KNSM zal twee dagen later, eveneens met een gedeeltelijke goudvoorraad van De Nederlandsche Bank, naar Engeland weten uit te wijken.

Bron: A.R. Kelder: 'De goudverschepingen van DNB aan de vooravond van WOII' in: 'DBW' jrg. 61 nr. 5 (2006)

 

10/05

'Westoffensive Fall Gelb': Vier Duitse vliegtuigen van het type Messcherschmidt (Me-Bf109) worden boven Marinevliegkamp De Kooy bij Den Helder door Nederlandse jachtvliegtuigen (type 21) neergeschoten. Eén Duitse piloot wordt hierbij gevangen genomen en als krijgsgevangene naar Engeland overgebracht. Op vliegveld Valkenburg bij Katwijk zakken 57 Ju-52 transportvliegtuigen in de drassige bodem en kunnen later met o.m. artillerievuur, door vliegtuigen en met de herovering van het vliegveld worden vernield en onschadelijk worden gemaakt. Op het strand tussen Katwijk en Scheveningen ondergaan 20 Junkers hetzelfde lot.

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

10/05

'Westoffensive Fall Gelb': Begin van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. Te 03.30 uur wordt door Duitsland, zonder voorafgaande waarschuwing of oorlogsverklaring, het neutrale Nederlandse grondgebied aangevallen. Nog diezelfde dag worden door Duitse parachutisten de vliegvelden Ypenburg, Valkenburg en Waalhaven rondom Den Haag en Rotterdam in bezit genomen. Ondanks soms heftig verzet zal blijken dat het schamel bewapende Nederland geenszins is opgewassen tegen deze Duitse overmacht. Stap voor stap zal het verzet bij de diverse verdedigingslinies door het Duitse offensief worden gebroken.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

10/05

De kanonneerboot Hr.Ms.'Johan Maurits van Nassau' krijgt opdracht om van de rede van Vlissingen op te stomen naar Hoek van Holland en vandaaruit richting vliegveld Waalhaven te varen, dat inmiddels bezet zou zijn door Duitse luchtlandingstroepen. Deze opdracht wordt echter herroepen, waarna het schip koers zet naar Den Helder, teneinde van daaruit op 13 mei naar het vaarwater van de Boontjes in de Waddenzee te varen voor nadere vervolgopdrachten. De nog niet afgebouwde lichte kruiser 'Jacob van Heemskerck' kan nog diezelfde dag, direkt na het uitbreken van de eerste oorlogshandelingen, naar Engeland worden overgebracht.

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

10/05

'Westoffensive Fall Gelb': Begin van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. Een watervliegtuig van de Duitse luchtmacht landt omstreeks 5 uur 's ochtends op de Nieuwe Maas in Rotterdam.

Bron: www.gemeentearchief.rotterdam.nl

 

10/05

Na het bekend worden van de Duitse aanval op Nederland komen verschillende Franse troepen, onder leiding van de Franse schout-bij-nacht C. Platon, in Zeeland aan. In de namiddag van 10 mei trekt de Franse gemotoriseerde Groupement Bauchesne Zeeuws-Vlaanderen binnen en steekt vervolgens bij Breskens de Westerschelde over. Doel van de Fransen is de beveiliging van de Scheldemonding en het creëren van een mogelijke aansluiting met het geallieerde front in België.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

10/05

Door torpedisten van de Koninklijke Marine wordt een versperring aangelegd van elf afgezonken schepen tussen de vuurtoren van Durgerdam en de strekdam van het buiten-IJ. De zoeklichten worden opgesteld bij het Kinselermeer en het Blauwe Hoofd. Een detachement van het Korps Mariniers houdt patrouilles tussen Durgerdam, Ransdorp en Schellingwoude. Door het marinedetachement wordt zorggedragen voor de verdediging van de Oranjesluizen, waar ook reeds zinkschepen waren gelegd. Hr.Ms. 'Hefring' houdt wacht bij het Blauwe Hoofd.

Bron: A. Lemmers: 'Van werf tot facilitair complex' (2005)

 

10/05

Tijdens de Duitse inval in Nederland stoomt de kruiser Hr.Ms.'Sumatra', onder commando van de kapitein-ter-zee C.H. Brouwer te 00.30 uur van IJmuiden naar de rede van Vlissingen. Op die ochtend wordt samen met de kanonneerboten Hr.Ms. 'Johan Maurits van Nassau' en Hr.Ms.'Flores' het vuur geopend op Duitse vliegtuigen, die bezig zijn met het leggen van mijnen. De volgende dag (11 mei) vertrekt de 'Sumatra', na hevig weerstand te hebben geboden aan vijandelijke vliegtuigen, naar Yarmouth (Engeland). Op 12 mei wordt vervolgens naar de Humbermonding gevaren en te Immingham afgemeerd.

Bron: J. Anten e.a: 'Hr.Ms. kruisers Java en Sumatra' (2001)

 

10/05

'Westoffensive Fall Gelb': Het Fokker T-VIII watervliegtuig 'R 4' wordt nabij het strand van Scheveningen aangevallen door een Duitse Messerschmitt 109 en in brand geschoten. Officier-vlieger J.M. Uytenhoudt wordt hierbij gedood, terwijl het tweede bemanningslid, vliegtuigmaker N.R.L. Kooiman, ernstig wordt verwond en als gevolg daarvan op 12 mei 1940 eveneens komt te overlijden.

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

10/05

Na het bekend worden van de Duitse aanval op Nederland worden op de Nederlandse Antillen een groot aantal Duitse (vracht)schepen in beslag genomen. Daartoe behoren onder andere: op Curaçao de 'Alemania' (1921), 'Este' (1930), 'Frisia' (1930), 'Karibia' (1921), 'Henry Horn'(1926), 'Patricia' (1928) en 'Vancouver' (1930). Op Arbua wordt het vrachtschip 'Antilla' (1939)in beslag genomen en in Suriname het vrachtschip ss. 'Goslar' (1929) van de Norddeutsche Lloyd in Bremen. Het laatste schip wordt echter in de Surinamerivier door de eigen bemanning tot zinken gebracht.

Bron: www.wlb-stuttgart.de/seekrieg/verluste/handelsschiffe-1940-2.htm

 

11/05

Franse troepenversterkingen arriveren in Noord-Brabant en Zeeland. Zowel bij Kornwederzand als bij de Maasbruggen in Rotterdam kunnen Duitse aanvallen worden afgeslagen. Nog diezelfde dag vinden Duitse artilleriebeschietingen en de eerste-aanvallen plaats op het voorpostengebied van de Grebbelinie bij Rhenen.

Bron: A. Hakkert: 'Wel vergeven, niet vergeten' (2003)

 

11/05

Geallieerde troepen landen op Curaçao en Aruba, teneinde te voorkomen dat de olieraffinaderijen op de eilanden niet door een mogelijke Duitse sabotage onklaar kunnen worden gemaakt.

Bron: www.seawaves.com

 

11/05

Als gevolg van de oorlogsomstandigheden wordt het sedert december 1939 aan de Wilhelminakade te Rotterdam opgelegde passagiersschip ss. 'Statendam' (1929) van de Holland-Amerika Lijn getroffen door een afgevuurd projectiel van Nederlandse zijde. De brand kan echter niet meer bestreden worden vanwege de volledig onder vijandelijk vuur liggende Wilhelminakade. De 'Statendam' wordt dan ook volledig door brand verwoest. Op 12 mei zal ook het daar afgemeerde vrachtschip sts. 'Boschdijk' van de HAL geheel uitbranden. De schipper van de blusboot 'Havendienst 5' van de Brandweer Rotterdam, M. Rotgans, wordt door geweervuur gedood als hij samen met drie andere blusboten op weg is naar de 'Statendam'. De volledig uitgebrande 'Statendam' zal hierna grotendeels ter plaatse moeten worden gesloopt. Eind oktober 1940 zal het schip naar Frank Rijsdijk in Hendrik Ido Ambacht worden gesleept voor de verdere sloop.

Bron: F. van Tuikwerd: 'ss. Statendam 1929 - 1940' (2003)

 

11/05

De nog net niet door de werf van de Koninklijke Maatschappij 'De Schelde' (KMS) opgeleverde torpedobootjager Hr.Ms. 'Isaac Sweers' slaagt er in om met behulp van de zeesleper 'Zwarte Zee' van L.Smit en Co's Internationale Sleepdiensten vanuit Vlissingen naar Engeland uit te wijken. De 'Isaac Sweers' zal daar verder worden afgebouwd. De nog op de werf van de KMS op stapel staande torpedobootjager 'Philips van Almonde' wordt door eigen personeel nog diezelfde dag op de helling van de werf opgeblazen.

Bron: L.L. von Münching: 'De 'Gerard van Callenburgh' onder Duitse vlag' in: 'Maritiem Nederland' jrg. 92 nr. 4 (2003)

 

11/05

Het Shell-complex in Amsterdam-Noord wordt door de Britten in brand gestoken om te voorkomen dat de oliereserves in de handen van de Duitsers zullen vallen.

Bron: www.zeilvereniging-het-y.nl

 

11/05

Het uit de Lekhaven vertrokken bewakingsvaartuig 'BV 19a' (het v.m. stoomloodsvaartuig 'nr. 19') , beladen met 937 goudbaren van De Nederlandsche Bank, verpakt in 192 kisten, met aan boord Brits marinepersoneel, met bestemming Engeland, onder loodsschipper J. Koree, loopt op de Nieuwe Waterweg bij Vlaardingen op een door een Duits vliegtuig afgeworpen magnetische mijn. Het schip zinkt daarop in zeer korte tijd, waarbij 16 opvarenden, waaronder 3 Britse marinemannen, om het leven komen. Gedurende de maand juni 1940 zullen door W.A. van der Tak's Bergingsbedrijf uit Maassluis, in opdracht van De Nederlandsche Bank, 750 goudbaren geborgen kunnen worden. Hierbij kan bovendien het schip worden gelicht en de nog vermiste stoffelijke overschotten eveneens geborgen worden. Met de nog eens, gedurende de maanden juli t/m september, teruggevonden 50 goudbaren zal deze gehele goudvoorraad, veilig opgeborgen in de kluis van de Rotterdamsche Bank, gedurende de verdere loop van de oorlog, ongemoeid kunnen blijven. (waarschijnlijk vergeten door de Duitse autoriteiten).

Bron: L.L. von Münching: 'De koopvaardij in Nederland tijdens de bezetting '40 - '45' in: 'DBW' jrg 56 nr. 4 (2001)

 

12/05

Het vrachtschip ss. 'Stella' (1909) van de KNSM zinkt voor Vlissingen na vijf 5 bomtreffers uit Duitse vliegtuigen. De tot troepentransportschip verbouwde veerboot Hr.Ms. 'Prinses Juliana' (1920) van de Stoomvaart Maatschappij 'Zeeland', op weg van Vlissingen naar IJmuiden met een bataljon Infanterie aan boord, wordt even ten noorden van de noorderpier van Hoek van Holland op het strand gezet, nadat het door een Duits vliegtuig met bommen was bestookt.

Bron: L.L. von Münching: 'De koopvaardij in Nederland tijdens de bezetting '40 - '45'in: 'DBW' jrg. 56 nr. 4 (2001)

 

12/05

Op het marinevliegkamp de Mok op Texel en op het vliegkamp bij Veere gaan als gevolg van Duitse luchtaanvallen een tiental vliegtuigen van de Marine Luchtvaartdienst (MLD) verloren. Diezelfde dag worden in Vlissingen tijdens een zwaar bombardement de kanonneerboten Hr.Ms. 'Bulgia' en Hr.Ms. 'Ulfr', de mijnenlegger Hr.Ms. 'Thor' en de tot hospitaalschip verbouwde veerboot 'Luctor et Emergo' vernietigd. Op de Dordtse Kil raakt de torpedoboot Hr.Ms. 'Christiaan Cornelis' zwaar beschadigd als gevolg van een Duitse luchtaanval en wordt direct daarna door de eigen bemanning tot zinken gebracht.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

12/05

Het vrachtschip ms. 'Henrica' (1931) van Hammerstein's Reederijbedrijf uit Rotterdam, op weg van Lissabon naar Dordrecht, zinkt op de rede van Le Havre (Frankrijk) na een aanvaring met het Britse ss. 'Runa'. De bemanning kan hierbij worden gered.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

12/05

Diverse munitie-depotschepen in en om Amsterdam worden steeds verder teruggehaald en uiteindelijk naar Spaarndam overgebracht. Een compagnie mariniers kiest positie aan het zeefront van Durgerdam. Nog diezelfde dag wordt de verdediging van het Buiten-IJ versterkt met drie motorboten van het IJsselmeer-flottielje. Kort hierna arriveren vanuit IJmuiden drie Britse motortorpedoboten bij de Oranjesluizen met bestemming Enkhuizen. Deze hadden de opdracht zich te voegen bij het IJsselmeer-flottielje, onder commando van de schout-bij-nacht E.A. Vreede. Daags hierna krijgen de Britten echter opdracht om onmiddellijk naar Engeland terug te keren.

Bron: A. Lemmers: 'Van werf tot facilitair complex' (2005)

 

12/05

HKH prinses Juliana, ZKH prins Bernhard en de prinsessen Beatrix en Irene vertrekken in een gepantserde auto van De Nederlandse Bank naar IJmuiden, waar vervolgens met de Britse torpedobootjager HMS 'Codrington' onder capt. Creasy naar Harwich wordt gevaren. Direct na aankomst keert prins Bernhard terug naar Zeeland waar een Nederlandse - en een toegesnelde Franse troepenmacht nog stand weten te houden.

Bron: C. Fasseur: 'Wilhelmina, krijgshaftig in een vormeloze jas' (2001)

 

12/05

De mijnenveger Hr.Ms. 'Abraham van der Hulst' weet op het IJsselmeer nabij Staveren de bemanning van de kanonneerboot Hr.Ms. 'Friso' te redden, die zinkende is na een aanval door Duitse vliegtuigen. Op 14 mei worden beide schepen door de eigen bemanningen tot zinken gebracht. Ook de veerboot Enkhuizen - Staveren wordt getroffen door een aanval van een Duits vliegtuig.

Bron: G. van Burgeler: 'De geschiedenis van acht mijnenvegers' in: 'DBW' jrg. 53 nr. 4 (1998)

 

12/05

Het Britse ss. 'St. Dennis' van de London & North Eastern Railways Company wordt in de Rotterdamse haven door de gezagvoerder tot zinken gebracht. Direct na de capitulatie wordt het schip door de Duitsers geborgen en tot oorlogsbuit verklaard.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

12/05

Door Britse marinevliegtuigen van het type Bristol Beaufort en Swordfish van de Fleet Air Arm wordt een aanval uitgevoerd op Duitse stellingen rondom de Waalhaven in Rotterdam.

Bron: 'Marineblad' (1969)

 

12/05

Hr.Ms. 'Nautilus' krijgt de opdracht voor het leggen van mijnen bij de Haaksgronden. Op 14 mei weet het schip vanuit Den Helder naar Engeland uit te wijken. Op weg naar Engeland weet de 'Nautilus' nog enkele schipbreukelingen te redden van de door een Duitse vliegtuigbom getroffen kanonneerboot Hr.Ms. 'Johan Maurits van Nassau'.

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

12/05

Aankomst in 'de Downs' (nabij Dover) van de uit Nederland uitgeweken onderzeeboten Hr. Ms. 'O 9' en de 'O10', onder begeleiding van de zeesleper 'Witte Zee' van L. Smit & Co. Behalve de 'Witte Zee' zijn nog twaalf Nederlandse sleepboten naar Engeland kunnen uitwijken. Deze schepen komen onder beheer van het Britse Ministry of Shipping in Londen. De firma J.D. Mc Laren & Co Ltd. zal in opdracht van de Nederandse Scheepvaart - en Handels Commissie de belangen van de Nederlandse zeeslepers behartigen, die voortaan in time-charter voor de Royal Navy zullen varen.

Bron: G. van der Burg: 'Geschiedenis van de sleepboot Witte Zee' in: 'DBW' jrg. 56 nr.12 (2001)

 

12/05

Door Duitse troepen wordt Stavoren bezet, waarna de volgende dag de Duitsers met de veerboot 'C. Bosman' (veerdienst Enhuizen - Stavoren) willen oversteken naar Noord-Holland. Een Nederlands oorlogsschip weet echter het schip zwaar te beschadigen, als gevolg waarvan de 'C. Bosman' voorlopig niet meer zal kunnen uitvaren. De veerboten 'R. Van Hasselt' en de 'W.F. van der Wijck' kunnen in Enkhuizen door de Nederlandse troepen tot zinken worden gebracht. De 'Van der Wijck' zal echter door de Duitsers worden gevorderd en worden omgedoopt tot 'Wilkommen'.

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

12/05

Oprichting van de Nederlandse Scheepvaart- en Handels Commissie (Netherlands Shipping and Trading Committe) in Londen. Tot lid van deze commissie worden direkt enkele directeuren van Nederlandse rederijen en vanuit het Nederlandse bedrijfsleven benoemd, die op dat moment voor zaken 'gestrand' waren in Londen en niet meer in staat zijn om naar Nederland te kunnen terugkeren. D. Hudig L. Jzn, directeur van de KNSM, wordt daarbij benoemd tot voorzitter van het comité. Gedurende de oorlog zal dit comité de belangen van de Nederlandse scheepvaart behartigen. Enkele grote lijnvaartrederijen hebben hun zetel reeds verplaatst naar Batavia (Stoomvaart Maatschappij 'Nederland'), Curaçao en New York.

Bron: W.M. Zappey: 'Dirk Hudig L. Jzn. levensschets van een Amsterdamse reder'.

 

13/05

HM. koningin Wilhelmina gaat in Hoek van Holland aan boord van de Britse torpedobootjager HMS 'Hereward' onder lieutenant-commander Greening. Aanvankelijk is zij in de veronderstelling naar Zeeuws Vlaanderen te worden gebracht, waar inmiddels Franse troepen waren aangekomen. Eenmaal aan boord van de 'Hereward' blijkt Zeeuws-Vlaanderen echter onbereikbaar. Na kort beraad wordt vervolgens koers gezet en uitgeweken naar Harwich, alwaar na aankomst vervolgens per trein naar Londen wordt gereisd.

Bron: C. Fasseur: 'Wilhelmina, krijgshaftig in een vormeloze jas' (2001)

 

13/05

Het passagiersschip 'Van Rensselaer' (1927, ex- 'Prins Willem III' van de Koninklijke West-Indische Maildienst ) van de KNSM, op weg vanuit Amsterdam om uit te wijken naar Engeland, loopt bij IJmuiden op een magnetische mijn en gaat verloren.

Bron: K.W.L. Bezemer: 'De Nederlandse koopvaardij in de Tweede Wereldoorlog' (1981)

 

13/05

De mijnenveger Hr.Ms. 'M 2' loopt in het Noordzeekanaal nabij de Velserbrug op een mijn en zinkt onmiddellijk. Zeven bemanningsleden komen hierbij om het leven. De overige mijnenvegers Hr.Ms. '1' en '4' worden eveneens in het vaarwater van het havengebied van IJmuiden op 14 mei door de eigen bemanningen tot zinken gebracht.

Bron: G.M.W. Acda: 'Een maritiem weerzien' in: 'DBW' jrg. 53 nr. 5 (1998)

 

13/05

Direct na de Duitse inval op 10 mei 1940 worden 15 adelborsten aangewezen om een transport van 900 Duitse krijgsgevangenen (parachutisten) te begeleiden, dat vervolgens met het ss. 'Phrontis' van de Stoomvaart Maatschappij 'Oceaan' naar Engeland zal worden overgebracht. Een dag later vertrekt het ss. 'Amstelstroom' van de Hollandsche Stoomboot Maatschappij met 300 andere Duitse krijgsgevangen eveneens naar Engeland.

Bron: Ph.M. Bosscher: 'Van Medemblik naar Den Helder ( 1829 - 1960 )' in: 'Het Instituut' (2000)

 

13/05

De commandanten van het Vliegkamp Veere en van de steunpunten van de Marine Luchtvaartdienst Alkmaardermeer en Westeinderplas krijgen opdracht om alle MLD-vliegtuigen en personeel te evacueren naar Boulogne-sur-Mer.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

13/05

Kapitein der Mariniers Willem Schuiling krijgt het bevel om met een compagnie mariniers de Boompjes in Rotterdam van Duitse aanvallers te zuiveren en vervolgens aldaar nog 24 uur stand weten te houden, zodat een verder oprukken van vijandelijke troepen kan worden belet. Nog diezelfde dag wordt op initiatief van enkele lagere commandanten met twee compagnien mariniers, met grote vastberadenheid, een tegenaanval ingezet tegen de Duitse overmacht bij de Maasbruggen. Hierbij weten de mariniers de noordelijke oever en daarmee de Willemsbrug over de Maas te heroveren, teneinde de opmars van de Duitse troepen in noordelijke richting te kunnen vertragen. Hun zeer standvastig optreden bezorgt de mariniers de bijnaam van 'de zwarte duivels'.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

13/05

Het mailschip ss. 'Johan de Witt' van de Stoomvaart Maatschappij 'Nederland' (SMN), onder kapitein J.H. Hoogendijk, weet vanuit Amsterdam nog net op tijd naar de rede van Downs uit te kunnen wijken. Aan boord bevinden zich voornamelijk Joodse vluchtelingen, (ook nog vluchtende Nederlanders, die in IJmuiden aan boord hadden weten te komen) en passagiers van de nog op diezelfde dag in het Noordzeekanaal op een mijn gelopen 'Van Renselaer' van de KNSM. Via Kaap de Goede Hoop zal de 'Johan de Witt' op 9 juli 1940 in Tandjong Priok arriveren.

Bron: W. Grund: 'Oranje een Koninklijk Schip' (2001)

 

13/05

Hr.Ms.'Helfring' wordt na vernieling van wapens en munitie bij Pampus tot zinken gebracht; Hr.Ms. 'Freyr' wordt na het onbruikbaar maken van haar bewapening in het Beneden-IJ eveneens afgezonken.

Bron: A. Lemmers: 'Van werf tot facilitair complex' (2005)

 

13/05

Vanuit Rotterdam en Den Helder weten de onderzeeboten Hr. Ms. 'O 13', 'O 21', 'O 23' en 'O 24' en de mijnenlegger Hr.Ms. 'Willem van de Zaan' naar Engeland uit te wijken. De uitgeweken schepen zullen de haven van Portmouth als voorlopige verzamelplaats gebruiken.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

14/05

Bombardement op Rotterdam door de Duitse Luftwaffe. Het centrum van Rotterdam wordt nagenoeg geheel verwoest. Circa 1.150 burgers vinden hierbij de dood en raken enkele duizenden gewond. Tijdens dit bombardement worden 24.000 huizen verwoest. Ook de oude marinierskazerne aan het Oostplein (voormalige arsenaal van de Admiraliteit op de Maze) brandt volledig uit. Er zijn echter geen bominslagen in de directe omgeving van het bekende 'Witte Huis' (1898). Hier bevinden zich namelijk Duitse militairen, die aldaar ter plekke een bruggenhoofd willen vestigen, dat weer door ingrijpen van een eenheid van het Korps Mariniers kan worden voorkomen.

Bron: A. Hakkert: 'Wel vergeven niet vergeten' (2003)

 

14/05

Het passagiers/vrachtschip ss. 'Bodegraven' van de KNSM weet met 260 voornamelijk Joodse vluchtelingen nog net als laatste schip uit IJmuiden te ontsnappen. In IJmuiden kunnen dankzij de bemiddeling van de Amsterdamse 'Tante Truus' Wijsmuller nog 75 vluchtende Joodse kinderen en 40 volwassenen aan boord worden gebracht. Direct hierna zoekt de 'Bodegraven' een veilig heenkomen naar Engeland, waar het schip op 15 mei aankomt op de rede van Downs. De 'Bodegraven' zal later op 2 juli 1942 onder de West-Afrikaanse kust worden getorpedeerd door de Duitse onderzeeboot 'U 547'. Drie bemanningsleden en zes passagiers zullen daarbij om het leven komen.

Bron: A. Kelder: 'Fred Keulen op het eerste Ned. libertyschip 'Fort Orange' in: 'DBW' jrg. 55 nr. 4 (2000)

 

14/05

De torpedoboot Hr.Ms. 'Z 3', onder commando van de ltz 2 J.F. van Heuven Goedhart, deeluitmakend van het IJsselmeerflottielje, wordt met volle kracht op de havendam van het Krabbersgat bij Enkhuizen gevaren en vervolgens door de eigen bemanning in brand gestoken. Het was voor schip en bemanning niet meer mogelijk om, via de reeds door de Duitsers versperde sluis in Den Oever, naar Engeland te kunnen uitwijken.

Bron: A. Boes: 'Drama in de Engelandvaart' in: 'DBW' jrg. 55 nr. 5 (2000)

 

14/05

Het vrachtschip ss. 'Naaldwijk' van de Wijk-Lijn (rederij Erhardt & Dekkers) wordt in IJmuiden als blokschip tot zinken gebracht in het Zuidelijk Toeleidingskanaal. Het schip zal in oktober 1940 worden gelicht en door de Duitsers tot oorlogsbuit worden verklaard. Als 'Hans Christophersen' zal het schip vervolgens weer in de vaart worden gebracht. Op 26 december 1943 strandt het schip bij Saelgrund, waarna het tenslotte doormidden breekt en geheel verloren zal gaan.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

14/05

Direct na de capitulatie wordt nog diezelfde avond de motorreddingboot 'Zeemanshoop' uit Scheveningen (NZHRM) gekaapt door 42 voornamelijk Joodse vluchtelingen, die naar Engeland weten uit te wijken. Gedurende de oorlogsjaren zal het schip dienst doen als communicatievaartuig voor de mijnenveegdienst van de Koninklijke Marine te Holyhead en later te Harwich.

Bron: brochure KNRM station Scheveningen

 

14/05

Acht vanuit Nederland naar Boulogne sur Mer uitgeweken Fokker T-VIII watervliegtuigen van de Marine Luchtvaartdienst weten vervolgens met 71 man MLD-personeel naar de Britse watervliegtuigbasis Pembroke Dock in Wales uit te wijken. Aldaar vormen de Fokker-watervliegtuigen de basis voor het eerste Nederlandse escadrille in ballingschap. In Pembroke Dock zal op 10 juni het MLD 320 Squadron 'Royal Dutch Naval Air Service' worden opgericht.

Bron: 'De roemruchte historie van de vliegtuigsquadrons 320 en 321' in: 'Van Boord' jrg 8 nr. 28 (2005)

 

14/05

De sleepboot 'Noordzee (1927) van L. Smit & Co's Internationale Sleepdienst, sinds 24 augustus 1939 in dienst als bewakingsvaartuig 'BV 34' van de Koninklijke Marine loopt, op de Westerschelde ter hoogte van Zoutelande, op een mijn en zinkt. De gehele 20-koppige bemanning komt hierbij, op één man na, om het leven. Nog diezelfde dag wordt de zeesleper 'Oceaan' van de Scheepvaart Maatschappij Doeksen & Zonen te Terschelling, varend als Bewakingsvaartuig 'BV 4', door de eigen bemanning in het Boschgat aan de grond gezet.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

14/05

Dertig adelborsten weten met de mijnenlegger Hr. Ms. 'Medusa' naar Engeland uit te wijken. Hiernaast weten vier adelborsten als vaandelwacht (onder medeneming van het vaandel van het Korps Adelborsten) eveneens naar Engeland uit te wijken aan boord van de torpedoboot Hr.Ms. 'Z 7'.

Bron: Ph.M. Bosscher: 'Van Medemblik naar Den Helder (1829 - 1960)' in: 'Het Instituut' (2000)

 

14/05

De Chef Marinestaf, vice-admiraal J.Th. Furstner, vertrekt vanuit Scheveningen en zal vervolgens via Duinkerken de vlucht nemen naar Engeland. Hij zal zich in Engeland belasten met de opvang en reorganisatie van de naar Engeland uitgeweken marineschepen en -personeel.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

14/05

In de vroege ochtend van 14 mei krijgt de kanonneerboot Hr.Ms. 'Johan Maurits van Nassau', van de commandant van de Stelling Den Helder opdracht om op te stomen naar het vaarwater van de Doove Balg in de Waddenzee met het doel om vuursteun te verlenen aan de Stelling Kornwederzand, die onder vuur ligt van een Duitse batterij op de Friese kust. De 'Johan Maurits van Nassau' weet met zijn 15 cm. kanon deze Duitse batterij uit te schakelen en daarmee de Duitse opmars via de Afsluitdijk te vertragen. Direct na deze beschieting krijgt het schip opdracht om uit te wijken naar Engeland. Bij het verlaten van het Schulpengat wordt de 'Johan Maurits van Nassau' ter hoogte van Callantsoog aangevallen door een Duitse bommenwerper. Hierbij treft een bom de voormunitiebergplaats, waarna het schip zinkt en 17 bemanningsleden hierbij om het leven komen. De meeste opvarenden kunnen nog worden opgepikt door de reddingsboot 'Dorus Rijkers' en de marinevaartuigen Hr.Ms 'Nautilus', Hr.Ms. 'Jan van Brakel', Hr.Ms. 'Douwe Aukes' en de torpedoboot Hr.Ms. 'G 13'.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

14/05

Aankomst te Londen van het kabinet onder minister-president jhr. J.D. de Geer en een kleine groep ambtenaren vanuit Nederland. Zij nemen hun intrek in Stratton House (hoek Piccadilly en Stratton Street). De ministersploeg was op 13 mei, na een laatst gehouden bijeenkomst in het Fort 'aan den Hoek van Holland', met de Britse torpedobootjager HMS 'Windsor' naar Tilbury overgebracht, van waaruit naar Londen werd gereisd.

Bron: C. Fasseur: 'Wilhelmina, krijgshaftig in een vormeloze jas' (2001)

 

14/05

Na het bombardement op Rotterdam en de Duitse dreiging van een bombardement op de stad Utrecht wordt door de opperbevelhebber, luitenant-generaal H.G. Winkelman nog diezelfde dag besloten om de strijd te staken en de wapens neer te leggen ter voorbereiding op de capitulatie. Dit echter met uitzondering van de provincie Zeeland, waar de strijd onverminderd zal worden voortgezet.Te 19.00 uur wordt de capitulatie door Winkelman via de radio aan de Nederlandse bevolking kenbaar gemaakt. Direct hierna wordt nog diezelfde dag de Stelling van Den Helder aangevallen en bestookt door Duitse bommenwerpers waarbij 28 doden vallen.

Bron: A. Hakkert: 'Wel vergeven, niet vergeten' (2003)

 

14/05

Ir. van Hecking Colenbrander, belast met de bouw van een serie motortorpedoboten ( MTB ) bij de scheepswerf Gusto in Schiedam, weet na direct overleg met en op verzoek van de plaatselijke marinecommandant (ltz 1 J.F.K. van der Arend) met de MTB 'TM 51', vanuit Hoek van Holland naar Dover uit te wijken. Het schip zal aldaar aan de aanwezige Nederlandse marineautoriteiten worden overgedragen. De 'TM 51' zal hierna op 30 mei 1940 weer in dienst worden gesteld van de Koninklijke Marine.

Bron: G. van der Burg: 'De belevenissen van de MTB Hr. Ms. TM-51' in: 'DBW' jrg. 57 nr. 4 (2002)

 

14/05

Het mailschip ss. 'J.P. Coen' van de Stoomvaart Maatschappij 'Nederland' (SMN) wordt ruim een uur na de capitulatie van Nederland samen met de mijnenveger Hr.Ms. 'M 3' tussen de pieren van IJmuiden als blokkadeschip tot zinken gebracht. De 'Van Rensselaer' van de KNSM was reeds tijdens een poging om naar Engeland uit te wijken in de buitenhaven van IJmuiden op een mijn gelopen en gezonken. Ook het ss. 'Eem' (1920) van de Maatschappij Houtvaart, gevorderd door de Koninklijke Marine, wordt bij de sluis als blokschip tot zinken gebracht. Het schip is slechts licht beschadigd en zal enige tijd later in handen van de Duitsers vallen. Ook de sleepboten 'Nestor' en 'Stentor' van Bureau Wijsmuller ondergaan hetzelfde lot.

Bron: W. Grund: 'Oranje een Koninklijk Schip' (2001)

 

15/05

Gedurende de periode van de Duitse bezetting van 1940 tot 1945 worden de eerste en tweede verdieping in het museumgebouw van het Nederlands Historisch Scheepvaart Museum aan de Cornelis Schuytstraat voor het publiek gesloten. Alle meest waardevolle stukken uit de collectie zoals de schilderijen en modellen uit de zeventiende eeuw worden ondergebracht in een bomvrije kelder in de duinen nabij Zandvoort en in het Kasteel Linschoten in de provincie Utrecht.

Bron: 'jaarverslag VNHSM' (1943/1945)

 

15/05

In de nacht van 14 op 15 mei valt een bom op het hoofdkantoor van de werf van de Koninklijke Maatschappij 'De Schelde' (KMS) te Vlissingen. De Nederlandse opperbevelhebber luitenant-generaal H.G. Winkelman heeft tijdens zijn onderhandelingen over de capitulatie nog zo stellig geproclameerd, dat Zeeland buiten deze capitulatie van 15 mei zou vallen en vanuit Zeeland doorgevochten zal worden. Twee dagen later, op 17 mei, trekken de eerste Duitse troepen Vlissingen binnen.

Bron: J. Verhoog (e.a.): 'Luctor et Emergo 125 jaar Koninklijke Schelde 1875 - 2000' (2001)

 

15/05

Onderhandelingen over de regeling van overgave van de Nederlandse strijdkrachten tussen de opperbevelhebber van Land- en Zeemacht, de luitenant-generaal H.G. Winkelman en de Duitse bezettingsautoriteiten, onder de Duitse generaals Schmidt en Student. Deze onderhandelingen vinden plaats in een schoolgebouw te Rijsoord, dat dient als tijdelijk hoofdkwartier van de Duitsers. Tijdens deze onderhandelingen weet Winkelman te bedingen, dat de capitulatievoorwaarden niet zullen gelden voor de Nederlandse- en toegesnelde Franse troepen in de provincie Zeeland. De strijd in Zeeland zal dan ook onverminderd worden voortgezet. Bij deze desastreus verlopen strijd tegen de Duitse overmacht sneuvelden binnen de gestelde vier oorlogsdagen in totaal 2.192 Nederlandse militairen en raakten circa 3.000 man gewond.

Bron: Ph.M. Bosscher; ' Van Medemblik naar Den Helder (1829 - 1960)' in: 'Het Instituut ' (2000)

 

15/05

Direct na de Duitse inval op 10 mei en de capitulatie van Nederland op 15 mei wordt door het directievaartuig 'Christiaan Brunings' van Rijkswaterstaat, onder kapitein B. 't Hart, koers gezet naar Maassluis, dat gedurende de gehele Tweede Wereldoorlog de thuishaven van de 'Brunings' zal blijven. Veelal ligt het schip afgemeerd bij de Scheepswerf en Machinefabriek 'Zorg en Vlijt' van de Fa. de Haas in Maassluis.

Bron: E.K. Spits: 'ss. Christiaan Brunings' (2000)

 

15/05

Vlak voor de Nederlandse capitulatie op 15 mei worden de in aanbouw zijnde torpedobootjagers Hr.Ms. 'Gerard Callenburgh' en Hr.Ms. 'Tjerk Hiddes' bij de werf van Rotterdamsche Droogdok Maatschappij door marinepersoneel in de Nieuwe Waterweg tot zinken gebracht. Op deze wijze wordt voorkomen dat beide schepen onbeschadigd in Duitse handen zullen vallen. Kort na de bezetting geven de Duitsers echter opdracht tot berging van de schepen teneinde deze alsnog te kunnen afbouwen voor de Duitse Kriegsmarine.

Bron: L.L. von Munching: 'De 'Gerard Callenburgh' onder Duitse vlag' in: 'Maritiem Nederland' jrg. 92 nr. 4 (2003)

 

15/05

Na vernieling van het marinevliegkamp 'De Mok' op Texel, door het eigen marinepersoneel op 14 mei te 16.00 uur, vertrekt de motorboot 'M 73' onder bevel van de luitenant-ter-zee der tweede klasse W.F. Spangenburg met acht marinemannen vanuit de haven van Oude Schild om uit te wijken naar Engeland. Op 16 mei loopt de boot na een geslaagde vluchtpoging de haven van Southwold binnen. De complete bemannng zou enige tijd later geplaatst worden bij 320- en 321 Squadron Royal Netherlands Naval Air Service (VSQ 320 en VSQ 321) als onderdeel van het RAF Coastal Command op de Britse basis Pembroke Dock.

Bron: N. Geldhof: 'Varen naar de vrijheid' in: 'Maritiem Nederland' jrg. 90 nr. 2 (2001)

 

15/05

De eerste Duitse troepen arriveren in Den Helder waar de Commandant van de Stelling Den Helder, schout-bij-nacht H. Jolles, de vijand nog buiten de Stelling had weten te houden.

Bron: F.M. van Gelderen: 'Erfprins' (1985)

 

15/05

De kanonneerboot Hr.Ms. 'Flores' weet vanuit Vlissingen via Zeebrugge en Duinkerken naar Engeland uit te wijken.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

15/05

Duitse bommenwerpers brengen in de Scheldemonding bij Terneuzen de Britse destroyer HMS 'Valentine' tot zinken en weten vervolgens zware schade toe te brengen aan HMS 'Winchester'.

Bron: http://www.wlb-stuttgart.de/seekrieg/40-05.htm

 

15/05

Door de Britse torpedobootjager HMS 'Intrepid' worden voor Egmond aan Zee en IJmuiden 60 zeemijnen gelegd. Daarmee wordt een op 10 mei door de mijnenlegger HMS 'Princess Victoria' en de torpedobootjagers HMS 'Esk' en 'Express' reeds gelegde versperring tot een totaal van 236 zeemijnen uitgebreid. De HMS 'Esk' en 'Express', aangevuld met de torpedobootjager 'Ivanhoe', leggen op 15 mei nog eens 164 mijnen voor de kust van Hoek van Holland.

Bron: http://www.wlb-stuttgart.de/seekrieg/40-05.htm

 

15/05

In alle haast worden ruim 1.200 Duitse krijgsgevangenen, behorende tot de Duitse luchtlandingstroepen, vanuit IJmuiden naar Engeland overgebracht. Tijdens de Duitse inval, gedurende de periode van 10 tot 15 mei, hebben honderden marine-, koopvaardij-, visserij en andersoortige schepen de diverse Nederlandse havens reeds verlaten op weg naar Frankrijk en Engeland. Veel van deze schepen waren afgeladen met duizenden mensen, die op de vlucht waren voor het nazi-regieme.

Bron: A. Hakkert: 'Wel vergeven, niet vergeten' (2003)

 

16/05

De Franse torpedojagers 'Fougueux', 'Frondeur', 'Cyclone' en 'Sirocco' ondersteunen, samen met marinevliegtuigen, de reeds op Zuid Beveland en Walcheren gearriveerde geallieerde troepen.

Bron: http://www.wlb-stuttgart.de/seekrieg/40-05.htm

 

16/05

De mijnenlegger Hr.Ms. 'Van Maerlant' weet nog als laatste Nederlands oorlogsschip naar Duinkerken uit te wijken, alwaar ZKH prins Bernard een bezoek aan boord aflegt. Korte tijd later zal de 'Van Maerlant' vervolgens naar Engeland uitwijken.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

17/05

De zeesleper 'Schelde' van L. Smit & Co's Internationale Sleepdiensten, tijdens de mobilisatie fungerend als Bewakingsvaartuig 'BV I' (later als 'BV 37') weet nog net vanuit Vlissingen naar Engeland uit te wijken. Van daaruit zal de 'Schelde' zijn bijdrage leveren aan de geallieerde oorlogsvoering gedurende de Tweede Wereldoorlog. Nog diezelfde dag wordt enkele kilometers verder de stad Middelburg zeer ernstig getroffen door een bombardement van de Luftwaffe en beschoten door de Duitse artillerie. Binnen enkele uren wordt de stad in de as gelegd. De inwoners van de stad werden reeds tevoren geëvacueerd, zodat er weinig burgerslachtoffers vallen.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

17/05

Vertrek vanuit Soerabaja van de kruiser Hr.Ms. 'Java' onder commando van de kapitein-ter-zee P.B.M. van Straelen, waarna de daaropvolgende dag een rendez-vous met de kruiser Hr.Ms. 'De Ruyter' plaats vindt. Vervolgens wordt met enkele torpedobootjagers het gebied tussen de Kangean-archipel en de noordkust van Bali en Lombok doorkruist. Op 20 mei worden samen met de 'De Ruyter' vuurleidings- en artillerie-oefeningen gehouden. Op 26 mei zal het eskader weer in Soerabaja terugkeren.

Bron: J. Anten e.a: 'Hr.Ms. kruisers Java en Sumatra' (2001)

 

17/05

Na het bombardement op Middelburg, nog diezelfde dag, moet Walcheren op bevel van de Franse schout-bij-nacht C. Platon worden opgegeven en - ontruimd. Het aldaar nog aanwezige marinepersoneel kan op basis van vrijwilligheid naar Engeland evacueren. Vaartuigen die niet meer naar Engeland kunnen uitwijken worden veelal door het eigen personeel vernietigd, dan wel tot zinken gebracht. In de haven van Breskens worden de veerboten 'Prinses Juliana', 'Prins Hendrik', 'Oosterschelde' en 'Prins Willem I' van de Provinciale Stoombootdiensten (PSD) door Franse troepen tot zinken gebracht. Het ss 'Schouwen' wordt bij Hoofdplaat door eigen troepen in brand gestoken en tot zinken gebracht. Het ss. 'Luctor et Emergo' van de PSD, in gebruik als hospitaalschip, was reeds enkele dagen eerder tijdens een bombardement op Vlissingen gezonken, waarbij 8 bemanningsleden werden gedood. Het wacht- en opleidingsschip 'Noordbrabant' ( ex pantserdekkruiser tot 1930 ) in Vlissingen wordt door de eigen naar Engeland vertrekkende bemanning in brand gestoken.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

17/05

Als gevolg van Duitse luchtaanvallen op het Marinevliegkamp Veere komt de vliegtuigmaker J.M. de Vos om het leven en raakt vliegtuigmaker G.E. Hildebrand levensgevaarlijk gewond. Hildebrand wordt voor spoedeisende hulp overgebracht naar het ziekenhuis te Vlissingen, waar hij op 19 mei 1940 aan zijn verwondingen overlijdt.

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

18/05

Hitler benoemt Seyss Inquart tot Reichskommissar fur die Niederlande, waarna op 24 mei door de Duitse bezetter de Staten-Generaal definitief zal worden ontbonden.

Bron: C. Fasseur: 'Wilhelmina, krijgshaftig in een vormeloze jas' (2001)

 

18/05

Bezetting van de Waddeneilanden Texel, Vlieland en Terschelling vanuit Den Helder door Duitse marineeenheden, die de taken overnemen van Duitse legereenheden. De kustartillerie in Den Helder wordt bemand door Duits marinepersoneel.

Bron: http://www.wlb-stuttgart.de/seekrieg/40-05.htm

 

18/05

HM koningin Wilhelmina brengt een bezoek te Portmouth aan de aldaar vanuit Nederland uitgeweken schepen van de Koninklijke Marine.

Bron: C. Fasseur: 'Wilhelmina, krijgshaftig in een vormeloze jas' (2001)

 

18/05

Terugtrekking van de geallieerde troepen uit Zeeland, waarbij door de Franse troepen op de Schelde het hospitaalschip Hr.Ms. 'Schouwen' wordt vernield. De veerboot 'Prinses Juliana' van de Stoomvaart Maatschappij 'Zeeland' (SMZ), gevorderd door de Koninklijke Marine, wordt door de Franse troepen in de haven van Breskens tot zinken gebracht nadat het schip in aanvaring is gekomen met een Franse torpedobootjager. De hulpmijnenveger Hr.Ms. 'Prins Willem I' en de hulpmijnenlegger Hr.Ms. 'Koningin Emma' worden eveneens in de haven van Breskens tot zinken gebracht. De veerboten 'Oosterschelde' en 'Prins Hendrik' worden eveneens in Breskens door de Fransen in brand gestoken.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

18/05

Het vrachtschip ss. 'Sint Philipsland' van de Scheepvaart en Steenkolen Maatschappij uit Rotterdam, liggende in de haven van Terneuzen, wordt door Franse troepen in brand gestoken, teneinde als blokkadeschip dienst te kunnen doen. Zowel dit schip als de in IJmuiden tot zinken gebrachte 'Naaldwijk' worden na de mei-dagen door de Duitsers weer geborgen, hersteld en in de vaart gebracht.

Bron: L.L. von Münching: 'De koopvaardij in Nederland tijdens de bezetting '40 - '45' in: 'DBW' jrg. 56 nr. 4 (2001)

 

18/05

De op 10 mei 1940 vanuit Antwerpen vertrokken coaster 'Pia', onder kapitein A. Pekelder met bestemming Nieuwpoort, met het jacht 'Albatros III' op sleeptouw, vaart vervolgens vanuit Nieuwpoort verder naar Duinkerken. Nog diezelfde dag krijgt Pekelder, aldaar aangekomen, orders om met het gesleepte jacht door te varen naar Boulogne. Te 13.45 uur loopt de 'Pia' nabij Gravelines op een mijn en zinkt. De in totaal zes opvarenden, waaronder de echtgenote van Pekelder worden daarna vermist.

Bron: B. van Lange & B. Kruidhof: 'Van deur tot deur over zee' (2000)

 

19/05

De laatste Nederlandse troepen onder commando van de schout-bij-nacht Hendrik J. van der Stad verlaten om 21.00 uur het grondgebied van Zeeuws-Vlaanderen, waarna ook dit gebied door de Duitsers wordt bezet. De Britse torpedobootjager HMS 'Whitley', bezig met de bescherming van de gelande Britse en Franse troepen in België / Nederland, wordt door Duitse bommenwerpers tussen Nieuwpoort en Oostende zwaar beschadigd en door de eigen bemanning aan de grond gezet. Van der Stad werd direct na de capitulatie op 14 mei door de generaal Winkelman, namens de Nederlandse regering, tot opperbevelhebber van het Nederlandse leger in Zeeland benoemd.

Bron: A. Hakkert: 'Wel vergeven, niet vergeten' (2003)

 

19/05

Bij Koninklijk Besluit wordt de naar Engeland uitgeweken vice-admiraal J.Th. Furstner benoemd tot bevelhebber der Nederlandse Zee- en Marinestijdkrachten in geallieerd gebied. In de uitoefening van deze functie is hij verantwoording verschuldigd aan de Nederlandse regering in ballingschap te Londen en vanuit haar naam bevoegd tot onderhandelen met de bevelvoerende organen van de geallieerde zee- en luchtstrijdkrachten.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

20/05

Het nieuwe ss. 'Batavier III' van Wm.H. Müller & Co. wordt door de Duitsers gevorderd, waarbij het schip aanvankelijk zal dienen als logementsschip voor de bemanningen van Duitse TM-boten in de Waalhaven. Later zal het schip worden ingezet als troepentransportschip in Noorwegen en op 15 oktober 1942 op een mijn in het Kattegat lopen, waarbij het schip volledig verloren zal gaan.

Bron: L.L. von Münching: 'De koopvaardij in Nederland tijdens de bezetting '40 - '45'in: 'DBW' jrg. 56 nr. 4 (2001)

 

20/05

Na de terugtrekking van de Franse en Nederlandse troepen uit Zeeland wordt Duinkerken bereikt, waarna 1.430 Nederlandse militairen worden ingescheept aan boord van het Franse ss. 'Pavon' van de Compagnie de Navigation d'Orbigny richting Cherbourg of Le Havre. Een uur na vertrek uit Duinkerken wordt het schip getroffen door een Duitse vliegtuigbom, die het met soldaten volgepakte middenruim raakt. 70 soldaten komen hierbij in de vlammenzee om het leven. In de paniek die aan boord ontstaat springen ongeveer 80 Nederlanders in zee en vervolgens verdrinken. De kapitein kan het brandende schip echter nog bij Calais op het strand zetten. Een deel van de doden ligt begraven op het Nederlandse ereveld 'Orry-la-Ville' bij Parijs.

Bron: http://dkepaves.free.fr/html/autres_epaves.htm

 

21/05

De Duitse Marinebefehlshaber Südwest meldt dat alle door de geallieerde en Duitse voor Hoek van Holland gelegde zeemijnen zijn geruimd.

Bron: http://www.wlb-stuttgart.de/seekrieg/40-05.htm

 

26/05

Britse marinevliegtuigen van het type Swordfish van de Fleet Air Arm verrichten een aanval op het Marinevliegkamp 'De Mok' op Texel; op 19 juni gevolgd door een aanval op de havens van IJmuiden en Scheveningen. Overigens zonder succes.

Bron: 'Marineblad' (1969)

 

27/05

Generaal H.G. Winkelman verbiedt Nederlandse bedrijven de verdere continuering van de productie van militaire goederen bestemd voor Duitsland.

Bron: A. Hakkert: 'Wel vergeven, niet vergeten' (2003)

 

28/05

'Operatie Dynamo' tot 4 juni: evacuatie van 338.226 Britse en Franse troepen uit Duinkerken. 85% van het oorspronkelijke Britse expeditieleger kan worden gered met achterlating van bijna al het materieel. De overtocht wordt gemaakt met de meest diverse (beschikbare) schepen, waaronder een aantal Nederlandse (vissers)schepen. Na 'Operatie Dynamo' worden later zowel vanuit St. Malo als vanuit Brest, respectievelijk 21.474 en 32.584 Britse troepen naar Engeland geëvacueerd.

Bron: L.L. von Münching: 'De koopvaardij in Nederland tijden de bezetting '40 - '45' in: 'DBW' jrg.56 nr. 4 (2001)

 

28/05

Eerste uitzending van Radio Oranje vanuit Londen met een toespraak van de op 13 mei uitgeweken koningin Wilhelmina.

Bron: 'het Vaderlandse Geschiedenis boek' (2003)

 

28/05

'Operatie Dynamo' tot 4 juni: De coaster ms. 'Alice' (1939), ingeschreven bij de Netherlands Shipping & Trading Committee in Londen, wordt tijdens de evacuatie van Duinkerken tijdens een luchtaanval bij La Panne zwaar beschadigd als het schip geallieerde soldaten vanaf het strand aan boord neemt. De evacués worden daarop door de coaster 'Atlantic' (1930) aan boord genomen. In december 1942 zal het wrak door de Duitsers worden opgeblazen.

Bron: http://www.wivonet.nl/operatiedynamo.htm

 

30/05

'Operatie Dynamo' tot 4 juni: De coaster ms. 'Amazone' (1939), sinds 16 mei 1940 ingeschreven bij het Netherlands Shipping & Trading Committee in Londen, vertrekt vanuit Duinkerken met 338 Britse - en Franse soldaten aan boord. Ook wordt door de coaster zelf een Duitse bommenwerper onder vuur genomen, die later in zee stort. Tijdens de tocht wordt het schip door een Duits vliegtuig aangevallen, waarbij de 'Amazone' door mitraillervuur wordt geraakt en vier soldaten gewond raken. In totaal kunnen door de 'Amazone', tussen 28 mei en 1 juni 1940, 549 personen vanuit Duinkerken worden geëvacueerd.

Bron: http://www.wivonet.nl/operatiedynamo.htm

 

30/05

'Operatie Dynamo' tot 4 juni: De coaster ms. 'Gorecht' (1928), op 16 mei 1940 ingeschreven bij het Netherlands Shipping & Trading Committee in Londen en in beheer bij Freight Express Ltd. Londen, evacueert 47 personen uit Duinkerken. Het schip neemt vervolgens deel aan Operation Cycle uit Le Havre. Op 30 november 1940 wordt de 'Gorecht' beschadigd tijdens een bombardement in Southampton en raakt in brand. Daarop gerepareerd, maar loopt op 15 januari 1942 op een zeemijn gelopen bij Highbridge Somerset en gezinkt. Alle zeven opvarenden komen om.

Bron: http://www.wivonet.nl/operatiedynamo.htm

 

31/05

'Operatie Dynamo' tot 4 juni: De coaster ms. 'Friso' (1939), op 16 mei 1940 ingeschreven bij het Netherlands Shipping & Trading Committee in Londen en in beheer bij Freight Express Ltd. Londen, wordt tijdens de evacuatie van Duinkerken door twee Duitse luchtaanvallen de roermachine beschadigd. Op 31 mei komt de coaster, met 648 man aan boord, bij Dover en wordt opnieuw aangevallen. Door de 'Friso' kunnen in totaal 1002 personen vanuit Duinkerken naar Engeland worden geëvacueerd. Op 9 juni zal door het schip worden deelgenomen aan de Operatie 'Cycle' uit Le Havre en van 18 tot 21 juni 1940 aan de Operatie 'Aerial' vanuit Cherbourg en Guernsey naar Weymouth.

Bron: http://www.wivonet.nl/operatiedynamo.htm

 

31/05

'Operatie Dynamo' tot 4 juni: De coaster ms. 'Horst' (1939), op 16 mei 1940 ingeschreven bij het Netherlands Shipping & Trading Committee in Londen en in beheer bij Freight Express Ltd. Londen, zinkt na een Duitse luchtaanval bij La Panne. Door de 'Horst' kunnen in totaal 1.150 personen vanuit Duinkerken naar Engeland worden geëvacueerd. Eind 1940 zal de 'Horst' worden gelicht en naar Abbeville worden gesleept. In maart 1941 zal het schip na herstel onder Duitse vlag worden gesteld voor het vervoer van munitie naar Barfleur (Frankrijk) en voor het vervoer van voedingswaren naar Bremerhaven.

Bron: http://www.wivonet.nl/operatiedynamo.htm

 

01/06

'Operatie Dynamo' tot 4 juni: De coaster ms. 'Sursum Corda' (1933), op 16 mei 1940 ingeschreven bij The Netherlands Shipping & Trading Committee in Londen en in beheer bij Freight Express Ltd. Londen, loopt aan de grond tijdens het overbrengen van soldaten naar de mijnenveger HMS 'Fitzroy'. Ondanks pogingen van de 'Hebe II' (1932) het schip weer vlot te krijgen moest het achter blijven bij Duinkerken. De 'Sursum Corda' heeft tussen 28 en 31 mei in totaal 370 personen geëvacueerd vanuit Duinkerken. Later zal het schip door de Duitsers weer vlot kunnen worden gebracht en bij Ottenser Eisenwerke te Hamburg worden hersteld. In mei 1945 zal de coaster worden teruggevonden als 'Magda II' in Altona en in november worden teruggebracht naar Delfzijl.

Bron: http://www.wivonet.nl/operatiedynamo.htm

 

02/06

'Operatie Dynamo' tot 4 juni: De coaster ms. 'Doggersbank' (1939), op 16 mei 1940 ingeschreven bij The Netherlands Shipping & Trading Committee in Londen en in beheer bij Freight Express Ltd. Londen, maakt tijdens de evacuatie vier tochten van en naar Duinkerken. Op de laatste reis met 50 evacueés wordt de coaster, varende in konvooi, aangevallen door 18 Duitse vliegtuigen. De 'Doggersbank' heeft in totaal 1.200 personen geëvacueerd. Op 9 juni zal door het schip vanuit Le Havre nog worden deelgenomen aan de Operation 'Cycle' en tussen 16 en 21 juni aan Operation' Aerial', waar vanuit St.Malo, Cherbourg (troepen) en Guernsey (burgers) naar Weymouth (Engeland) zullen worden overgebracht.

Bron: http://www.wivonet.nl/operatiedynamo.htm

 

02/06

Onder de codenaam operatie 'PS' vindt vanuit Milford Haven het vertrek plaats van de kruiser Hr.Ms. 'Sumatra' onder commando van de kapitein-ter-zee C.H. Brouwer, met aan boord HKH prinses Juliana en de prinsessen Beatrix en Irene, in verband met hun evacuatie naar Ottawa (Canada). Tijdens deze reis wordt de 'Sumatra' geëscorteerd door Hr.Ms. 'Jacob van Heemskerk'. Op 11 juni 1940 wordt in Halifax afgemeerd, waarna de koninklijke gasten de daaropvolgende dag van boord zullen gaan.

Bron: C. Fasseur: 'Wilhelmina, krijgshaftig in een vormeloze jas' (2001)

 

03/06

'Operatie Dynamo' tot 4 juni: De coaster ms. 'Lena' (1938), op 16 mei 1940 ingeschreven bij The Netherlands Shipping & Trading Committee in Londen en in beheer bij Freight Express Ltd. Londen, loopt tijdens de evacuatie van Duinkerken, in de buitenhaven van Duinkerken, aan de grond. Pogingen om het schip weer vlot te brengen mislukken, waarna het op 4 juni moet worden verlaten en in Duitse handen valt. In 1945 zal de coaster weer worden terug gevonden in St. Aubin (Jersey), waarna het schip zal terugkeren bij de oorspronkelijke eigenaar, de Zeevaart Mij. 'Zaandam' te Zaandam.

Bron: http://www.wivonet.nl/operatiedynamo.htm

 

06/06

Koninklijk Besluit waarbij door de Nederlandse regering in ballingschap te Londen voor opvarenden van de Nederlandse koopvaardij de burgerdienstplicht (vaarplicht) wordt ingesteld: 'houdende machtiging tot het eischen van bijzondere diensten bij de scheepvaart'. Hierbij wordt door de regering in Londen tevens gebruik gemaakt vande in juni 1939 aangenomen Zeeschepenvorderingset en de Wet op het Behoud Scheepsruimte. Door deze vaarplicht worden de Nederlandse zeelieden gedwongen te varen, d.w.z. hun werk te doen onder vaak zeer moeilijke en gevaarlijke omstandigheden. Deze wet zal op 2 augustus 1940 in werking treden.

Bron: D.J. Smit: 'Nederlandse koopvaardij-zeelieden 1940 - 1945' in: 'DBW' jrg. 57 nr. 12 (2002)

 

07/06

Na de captitulatie van Vlissingen (17 mei 1940) wordt de Koninklijke Maatschappij 'de Schelde' (KMS) onder Duits toezicht gesteld.

Bron: C. de Haas, 'De Grote Drie' (1976)

 

07/06

Aan boord van het naar Engeland uitgeweken passagiersschip ss. 'Batavier II' van de Batavier Lijn, liggende te Falmouth, kan met vier afdelingen de adelborstenopleiding worden hervat onder commando van de kapitein-luitenant-ter-zee W.F. van Langeveld.

Bron: Ph.M. Bosscher: 'Van Medemblik naar Den Helder (1829 - 1960)' in: 'Het Instituut' (2000)

 
 

10/06

Duitse pantsereenheden passeren Parijs en rukken vervolgens op in westelijke richting. Bij het horen van dit nieuws weigeren de op de in Engeland verblijvende sleepboot 'Witte Zee' van L. Smit & Co. 10 bemanningsleden om te varen. Zij vinden het te gevaarlijk om met een onbeveiligd schip te varen. Kapitein B.C. Weltevreden moet uiteindelijk de Britse marineautoriteiten hiervan in kennisstellen en dat hij zodoende onmogelijk kan uitvaren. Nog diezelfde avond worden de weigeraars door de Britse politie van boord gehaald en ter plaatse opgesloten.

Bron: L.L. von Münching: 'De koopvaardij in Nederland tijdensde bezetting van '40 - '45 , DBW. jrg. 56 nr. 4 (2001)

 

10/06

Oprichting van het 320 Squadron Royal Naval Air Service van de Marine Luchtvaartdienst (MLD) (VSQ 320) op de Britse basis Pembroke Dock in Wales met acht vanuit Nederland uitgeweken Fokker T-VII-watervliegtuigen en 71 man MLD-personeel. De sterk verouderde Fokker-watervliegtuigen zullen later vervangen worden door Lockheed-Hudson bommenwerpers en B-25 Michells. Vijf dagen later wordt het 321 Squadron opgericht. Dit squadron krijgt van de RAF de beschikking over een aantal oudere Avro-Ansos-vliegtuigen voor patrouilles boven de Ierse Zee.

Bron: 'De roemruchte historie van de vliegtuigsquadrons 320 en 321' in: 'Van Boord' jrg. 8 nr. 28 (2005)

 

10/06

Mussolini verklaart de oorlog aan Frankrijk en Engeland.

Bron: A. Hakkert: 'Wel vergeven, niet vergeten' (2003)

 

13/06

De coaster ms. 'Abel Tasman' (1937), sinds 16 mei 1940 ingeschreven bij The Netherlands Shipping & Trading Committee in Londen en in beheer bij Freight Express Ltd. Londen, loopt met een Britse bemanning aan boord, bij Poole op een zeemijn en zinkt. Eerst in juni 1947 zal het wrak worden geruimd en opgeblazen.

Bron: http://www.wivonet.nl/operatiedynamo.htm

 

13/06

Na op 12 juni HKH prinses Juliana en haar dochters de prinsessen Beatrix en Irene in Halifax te hebben ontscheept, in verband met hun evacuatie vanuit Engeland naar Ottawa, vertrekt de kruiser Hr.Ms. 'Sumatra' via Curaçao naar Nederlands-Indië. Vanuit Halifex wordt het Britse troepentransportschip 'Lady Drake' door de 'Sumatra' naar Jamaica en Curaçao geëscorteerd. Op 23 juni wordt te Willemstad afgemeerd.

Bron: J. Anten e.a: 'Hr.Ms. kruisers Java en Sumatra' (2001)

 

17/06

De op 10 mei 1940 in Londen opgerichte Nederlandse- Scheepvaart en Handels Commissie (NSHC, ook wel genoemd 'Dutch Shipping'), onder voorzittersschap van de directeur van de KNSM, D. Hudig L. Jzn. wordt door de Nederlandse regering in Londen benoemd tot zaakwaarnemer over de Nederlandse koopvaardijschepen, waarbij zij regelende bevoegdheden en instructies verkrijgt. Bovendien verkrijgt de commissie de Britse rechtspersoonlijkheid van 'Company Limited by shares', teneinde in Engeland civielrechtelijke handelingen te kunnen verrichten. De NSHC voert het beheer over de Nederlandse koopvaardijvloot, bestaande uit circa 750 schepen en treedt met het British Ministry of War Transport (BMWT) in onderhandeling over de inschakeling van de Nederlandse vloot in het kader van de geallieerde oorlogsvoering.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

18/06

Het te Portmouth geformeerde Nederlands Flottille Onderzeeboten, bestaande uit de vanuit Nederland uitgeweken onderzeeboten, wordt verplaatst naar de Schotse onderzeebootbasis te Dundee.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

20/06

Van de op 12 juni 1940 vanuit Dundee vertrokken onderzeeboot Hr.Ms. 'O 13', op weg voor een oorlogspatrouille naar de ingang van het Skagerak, wordt in het geheel niets meer vernomen en zodoende als vermist beschouwd. Zoals eerst later kan worden vastgesteld moet de 'O 13' in het nachtelijk duister geramd zijn door de Poolse onderzeeboot 'Wilk', waarbij de 'O 13' verloren moet zijn gegaan. Alle 31 Nederlandse- en drie Britse opvarenden komen hierbij om het leven.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

20/06

De tanker ms. 'Moordrecht' (1930) van Phs. van Ommeren, varende in konvooi HX 49 van Port Arthur naar La Coruna, onder kapitein I. Hutjes, wordt op de Atlantische Oceaan door de Duitse onderzeeboot 'U 48' getorpedeerd en tot zinken gebracht op 200 zeemijl ten noordwesten van Kaap Finistere (op positie 43.34° N / 14.20° W). 25 van de 29 opvarenden komen hierbij om het leven.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

21/06

Het passagiers/vrachtschip ss. 'Berenice' (1919) van de KNSM, op weg van Bordeaux naar Falmouth, onder kapitein A.J. Huygens, wordt in het Kanaal op circa 40 mijl van de Franse kust getorpedeerd door de Duitse onderzeeboot 'U 65' en tot zinken gebracht. 18 bemanningsleden en 21passagiers komen hierbij om het leven.

Bron: K.W.L. Bezemer: 'De Nederlandse koopvaardij in de Tweede Wereldoorlog' (1981)

 

21/06

Britse marinevliegtuigen van het type Swordfish en Hudson van de Fleet Air Arm verrichten een grote aanval op Den Helder, waarbij het nabij de Rijkswerf gelegen marinehospitaal een voltreffer krijgt en daarmee volledig verloren gaat. Diverse vliegtuigen worden neergehaald door Duits luchtafweergeschut. In de loop van de hierna volgende maanden volgen onder andere nog aanvallen op Schiphol en Rotterdam. De laatste aanval van de Britse marine is op 18 september 1942.

Bron: 'Marineblad' (1969)

 

23/06

Door vliegtuigen van de Royal Air Force wordt het vliegveld Schiphol gebombardeerd.

Bron: A. Hakkert: 'Wel vergeven, niet vergeten' (2003)

 

24/06

Drie dagen na het eerste Britse bombardement op Den Helder vindt wederom een Britse luchtaanval plaats op de vrijwel uitsluitend civiele bebouwing van Den Helder. Verspreid over de stad gaan verschillende woonhuizen verloren, waarbij tientallen burgers worden gedood. Ook de Rijkswerf wordt door dit bombardement getroffen.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

27/06

De tanker 'Leticia' (1928) van Petroleum Maatschappij 'La Corona' (Shell) onder kapitein J.J. ’t Gilde, op weg van Willemstad naar Engeland, wordt op 135 mijl ten westen van de Ierse kust door de Duitse onderzeeboot 'U 47' met geschutsvuur tot zinken gebracht. De bemanning weet deels tijdig het schip te verlaten; twee bemanningsleden komen hierbij om het leven. De commandant van de 'U 47' verstrekt verbandmiddelen voor de gewonden in de sloepen. Nog diezelfde middag kunnen de overlevenden worden opgepikt door de Britse destroyer HMS 'Hurricane' en twee dagen later in Plymouth aan wal worden gezet. De 'U 47' had eerder op 14 oktober 1939 de Britse kruiser HMS 'Royal Oak' in Scapa Flow getorpedeerd.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

30/06

(Werkeloze) vissers kaken vanuit Denemarken ingevoerde haring. Doordat de haringvisserij in Nederland na de Duitse inval in Nederland moest worden beeindigd werden de visliefhebbers verstoken van hun verse haring. Een vishandelaar heeft hiervoor een oplossing gevonden; hij laat via Duitsland vanuit Denemarken kisten met haring komen welke in ijs zijn verpakt. De verdere bewerking zal plaatsvinden in Scheveningen.

Bron: 'De Zee' (1940)

 

01/07

Het vrachtschip ss. 'Kertosono' (1923) van de Rotterdamsche Lloyd, op weg van Curaçao naar Batavia, onder kapitein D. de Boer, wordt ten zuidwesten van de Kaap Verdische eilanden door de Duitse hulpkruiser 'Thor' (schiff nr. 10) onderschept. Met een Duitse prijsbemanning wordt het schip naar Lorient opgebracht (aankomst op 13 juli 1940). De Nederlandse bemanning blijft voorlopig aan boord geinterneerd en zal vervolgens in twee ploegen (eind 1940 en mei 1941) naar Nederland worden teruggezonden. De Indische bemanningsleden zullen daarentegen naar het Duitse krijgsgevangenkamp Milag Nord worden overgebracht.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

03/07

Britse actie tegen de Franse vloot (operatie 'Katapult'), met het doel om te voorkomen dat Franse oorlogsbodems, door de reeds afgesloten Frans-Duitse wapenstilstand, in Duitse handen zouden vallen. De grootste slag in het kader van operatie 'Katapult' wordt in Mers El-Kebir geleverd. Tijdens deze operatie komen in totaal 1.297 Fransen om het leven en raken 351 man gewond.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

04/07

Het vrachtschip ss. 'Britsum' (1929) van de Stoomvaart Maatschappij 'Oostzee', op weg van Hull naar Fowey, onder kapitein D. Bakker, wordt ter hoogte van Selsey bij een Duitse luchtaanval door een vliegtuigbom op het achterschip geraakt, als gevolg waarvan het schip in brand vliegt. Hierbij komen negen opvarenden om het leven. De volgende dag kan het schip nog bij Selsey Bill, total loss, op het strand worden gezet.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

04/07

Het vrachtschip ss. 'Deucalion' (1914) van de KNSM, varende in konvooi OA 178 van Southend naar St. John (Canada), onder kapitein A. Karsdorp, wordt in het Kanaal op 20 mijl ten zuidwesten van Portland bij een vijandelijke luchtaanval, van circa 40 Duitse bommenwerpers, tot zinken gebracht. In totaal worden ongeveer 8 treffers op het schip geplaatst. De bemanning kan worden gered door het (eveneens beschadigde) Britse ss. 'Antonio', dat hen in Portland aan land zal brengen.

Bron: A. Kelder: 'De enige (?) zoutwaterliefde uit WO II' in: 'DBW' jrg. 54 nr. 2 (1999)

 

07/07

De tanker 'Lucrecia' (1928) van Petroleum Maatschappij 'La Corona' (Shell), onder kapitein C. Smit, op weg van Aruba naar Falmouth, wordt door de Duitse onderzeeboot 'U 34' getorpedeerd 100 mijl ten westen van Land’s End op positie 49.50° N / 08.07° W. Twee opvarenden, waaronder de kapitein, komen hierbij om het leven. De 'Lucrecia' breekt in tweeën, maar desondanks lukte het nog om een reddingsboot en enkele vlotten te water te laten. Al vrij snel kan de bemanning aan boord worden genomen van het Portugese schip ss. 'Alferrarede'. De eerste stuurman van de 'Lucrecia' overlijdt de volgende dag aan zijn verwondingen.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

07/07

Aankomst in Engeland van de eerste drie, vanuit Noordwijk per zeilboot naar Engeland uitgeweken Engelandvaarders, de Leidse studenten: K.G.P. Michielsen; A.D. Vas Nunes en L.C.M. van Eerdenburg. Zij brengen op 10 juli in Londen aan Koningin Wilhelmina verslag uit van wat zich in het bezette Nederland had afgespeeld.

Bron: C. Fasseur: 'Wilhelmina, krijgshaftig in een vormeloze jas' (2001)

 

09/07

Aankomst te Tandjong Priok van het mailschip ss. 'Johan de Witt' van de Stoomvaart Maatschappij 'Nederland' (SMN). Deze reis werd gemaakt via Kaap de Goede Hoop. De 'Johan de Witt' had nog net op tijd, op 13 mei 1940 vanuit Amsterdam, met Joodse vluchtelingen aan boord, naar zee kunnen uitwijken. Het schip zal per 31 juli 1940 onder het beheer worden gebracht van het British Ministery of War Transport (BMWT) en worden ingezet als troepentransportschip.

Bron: W. Grund: 'De 'Johan de Witt' tijdens WO II' in: 'DBW' jrg. 55 nr. 12 (2000)

 

10/07

Het vrachtschip ms. 'Alwaki' (1922) van Van Nievelt, Goudriaan & Co, op weg van Tilbury naar Calcutta, varende in konvooi O.A. 180, onder kapitein J.M. Schlogl, wordt op de Atlantische Oceaan op circa 12 mijl ten westen van Dunnet Head getorpedeed door de Duitse onderzeeboot 'U 61' en zinkt na een explosie in de machinekamer op positie 58.46° N / 04.46° W. De bemanning, inclusief tien Irakese passagiers, kunnen worden gered en aan boord worden genomen van het Britse ss. 'Harmonic', dat hen op 13 juli in Cardiff aan land zet.

Bron: K.W.L. Bezemer: 'De Nederlandse koopvaardij in de Tweede Wereldoorlog' (1981)

 

10/07

Vertrek vanuit Willemstad (Curaçao) van de kruiser Hr.Ms.'Sumatra', onder commando van de kapitein-ter-zee C.H. Brouwer, waarbij het schip wordt ingezet voor het verrichten van oorlogs-patrouillediensten tegen Duitse hulpkruisers. Via een bezoek aan Kingston (Jamaica) en de Bermuda-eilanden keert de 'Sumatra' op 1 augustus weer terug in Curaçao.

Bron: J. Anten e.a: 'Hr.Ms. kruisers Java en Sumatra' (2001)

 

12/07

De 'Batavier II' van de Batavier Lijn, welke tijdelijk (vanaf 7 juni 1940) in de haven van Falmouth fungeert als tijdelijk onderkomen van de naar Engeland uitgeweken adelborsten, wordt vervangen door het ten noordwesten van Falmouth gelegen langoed 'Enys', dat door de Britse Admiraliteit t.b.v. de Koninklijke Marine gevorderd is. Het 'Enys House' wordt door de marine in gebruik genomen als opleidingsinstituut voor adelborsten en zal daar gedurende de gehele Tweede Wereldoorlog tot mei 1946 gevestigd blijven.

Bron: Ph.M. Bosscher: 'Van Medemblik naar Den Helder (1829 - 1960)' in: 'Het Instituut' (2000)

 

12/07

De tijdens de mei-dagen van 1940 uitgeweken kanonneerboot Hr.Ms. 'Gruno' ondergaat een reparatie op de marinewerf in Chatham. De 'Gruno' is daarmee het eerste Nederlandse oorlogsschip, dat zich aldaar vertoont sinds Tocht naar Chatham in juni 1667.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

13/07

Door twee Britse RAF Lockheed-Hudson bommenwerpers worden enkele bommen in het havengebied van Harlingen gedropped. Ruim een week later voeren bommenwerpers een aanval uit op de scheepswerf ‘Welgelegen’ aan de Zuiderhaven. Een bom mist echter z’n doel en komt terecht op het terrein van het Loodswezen waar de woning van de commissaris van het Loodswezen zwaar wordt beschadigd.

Bron: 'Nieuwe Harlinger Courant' (1940)

 

14/07

Door de Duitse autoriteiten wordt het beroepspersoneel van de gehele Nederlandse krijgsmacht een verklaring ter ondertekening voorgelegd, waarin wordt gevraagd om op erewoord zich niet tegen het Duitse Rijk te zullen verzetten. Van de Koninklijke Marine weigeren acht officieren en een stoker der tweede klasse, die direct hierop door de Duitsers worden gearresteerd en de daaropvolgende dag op transport naar Duitsland worden gesteld.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

15/07

Hitler geeft opdracht voor de planning van de invasie in Engeland onder de codenaam Operatie 'Seelöwe'.

Bron: A. Hakkert: 'Wel vergeven, niet vergeten' (2003)

 

17/07

Het vrachtschip ss.'Tela' (1911) van de Maatschappij Vrachtvaart, op weg van Rosario naar Freetown, onder kapitein T. de Graaf, wordt op de Atlantische Oceaan op circa 550 mijl van de Braziliaanse kust door de Duitse hulpkruiser 'Thor' (Schiff nr. 10) gekaapt en met een springlading tot zinken gebracht. Hierbij wordt de bemanning door de 'Thor' overgenomen en vervolgens overgezet op het Duitse ms. 'Rio Grande', die de bemanning op 14 december 1940 in Bordeaux aan land zal brengen.

Bron: A.R. Kelder: 'Gekaapt !' in: 'DBW' jrg. 56 nr. 2 (2001)

 

24/07

Vertrek vanuit Tandjong Priok van het mailschip ms.'Johan de Witt' van de Stoomvaart Maatschappij 'Nederland' (SMN) met bestemming Soerabaja en Balikpapan. De 'Johan de Witt' vaart hierna via Manilla naar Australië. In Manilla zullen 350 oudere echtparen, vrouwen en kinderen, voornamelijk van Britse nationaliteit, aan boord worden genomen in verband met de oorlogsdreiging vanuit Japan. In Sydney zal het schip, mede gelet op de oorlogsomstandigheden, verbouwd worden tot troepentransportschip.

Bron: A. Boorsma: '1945 - 1995 - Bevrijding en Herdenking' in: 'KW. wij praaien U' jrg. 46 nr. 2 (1995)

 

26/07

Tijdens een patrouillevlucht stort het Fokker T-VIII watervliegtuig 'AV 964' (ex- 'R 10') van het 1e escadrille 36 van de Marine Luchtvaartdienst (MLD) boven een geallieerd konvooi in de Ierse Zee. Uitgezette reddingsloepen van het konvooi kunnen twee lichamen bergen. De twee andere bemanningsleden zijn nooit meer gevonden.

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

26/07

Tijdens een patrouillevlucht stort het Fokker T-VIII watervliegtuig 'AV 964' (ex- 'R 10') van het 1e escadrille 36 van de Marine Luchtvaartdienst (MLD) boven een geallieerd konvooi in de Ierse Zee. Uitgezette reddingsloepen van het konvooi kunnen twee lichamen bergen. De twee andere bemanningsleden zullen nooit meer worden teruggevonden.

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

28/07

HM koningin Wilhelmina houdt in Londen haar eerste toespraak voor Radio Oranje.

Bron: A. Hakkert: 'Wel vergeven, niet vergeten' (2003)

 

30/07

Het op 12 juni 1940 te Dakar vastgehouden ms. 'Rolf' van Cornelder's Scheepvaart Maatschappij, waarbij de 10-koppige bemanning aan boord werd geïnterneerd, weet uit de haven van Dakar te ontsnappen en vervolgens uit te wijken naar Monrovia. De 'Rolf' zal nagenoeg de gehele Tweede Wereldoorlog in geallieerde oorlogsdienst blijven varen.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

31/07

Het mailschip ss. 'Johan de Witt' van de Stoomvaart Maatschappij 'Nederland' (SMN) wordt als troepentransportschip onder beheer gesteld van het Britsh Ministery of War Transport (BMWT).

Bron: L.L. von Münching: 'De pendeldienst op Lissabon' in; 'Maritiem Nederland' jrg. 93 nr. 3 (2004)

 

31/07

In het kader van de Operatie 'Seelowe' (invasie in Engeland) worden door de Duitsers honderden rijnaken gevorderd voor de ombouw tot landingsschepen.

Bron: A. Hakkert: 'Wel vergeven, niet vergeten' (2003)

 

02/08

In werkingtreding van de verplichte vaarregeling volgens het Koninklijk Besluit van 6 juni 1940 door de Nederlandse regering te Londen. Pas in 1942, wanneer de Nederlandse maritieme rechtspraak en de uitvoering daarvan meer tot ontwikkeling is gekomen, zal dit KB door het Vaarplichtbesluit 1942 vervangen worden. Met dit besluit heeft iedere Nederlandse zeevarende, die jonger is dan 60 jaar en die op 15 mei 1940 gemonsterd had of na deze datum heeft aangemonsterd, de verplichting om te blijven varen op een schip onder Nederlandse vlag tot uiterlijk zes maanden na afloop van de oorlog. Het vaarplichtbesluit 1942 zal op 1 januari 1946 worden ingetrokken.

Bron: B. van Lange & B. Kruidhof: 'Van deur tot deur over zee' (2000)

 

03/08

In Londen vindt de benoeming plaats van ZKH prins Bernhard tot kapitein-ter-zee à la suite, en tot kolonel a la suite van de Koninklijke Landmacht en kolonel titulair à la suite van het Koninklijk Nederlands-Indische Leger (KNIL).

Bron: 'Het militaire leven van prins Bernhard, man van de krijgsmacht' in: 'Van Boord' jrg. 8 nr. 28 (2005)

 

05/08

Het vrachtschip ss.'Alkaid' (1937) van Van Nievelt, Goudriaan & Co (NIGOCO) te Rotterdam, op 10 mei 1940 in Rotterdam gearriveerd met een lading graan, wordt door de Duitse bezetter in beslag genomen en als 'RO 11' in dienst gesteld voor de geplande operatie 'Seelöwe'. Later zal het schip in als 'MR 11' in beheer komen bij de Duitse firma Leth & Co. te Hamburg. Na de Tweede wereldoorlog zal het schip in Kiel worden teruggevonden en weer in de vaart worden gebracht bij NIGOCO. Op dezelfde dag worden ook het ss. 'Aludra' (1921) en 'Aldebaran' (1920) door de Duitse bezetter in beslag genomen en respectievelijk als 'RO 5' en 'RO 3' in dienst gesteld.

Bron: 'Mini-Ship bulletin' (2005)

 

06/08

Oprichting van het Koninklijk Instituut voor de Marine in Soerabaja. Het Instituut vervangt hiermee het KIM in Den Helder, dat als gevolg van de Duitse bezetting moest worden gesloten. 24 adelborsten reisden met de kruiser Hr.Ms. 'Sumatra' via Canada en het Caribisch gebied naar Nederlands-Indië, waar eveneens in Soerabaja een voortgezette opleiding voor adelborsten werd opgezet.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

08/08

Het vrachtschip ss. 'Oostplein' van de Scheepvaart Maatschappij 'Millingen', onder kapitein A. Lievense, op weg van Hull naar Zuid Amerika, wordt op de Atlantische Oceaan op 200 mijl ten zuiden van de Azoren, door de Duitse hulpkruiser 'Widder' (Schiff nr. 21) gekaapt en vervolgens met een torpedo en geschutvuur tot zinken gebracht. De bemanning kan hierna door de 'Widder' aan boord worden genomen en te St. Nazaire aan land worden gebracht, waarna krijgsgevangenschap volgt in Frontstammlagers nr. 182 (Savenay) en nr. 181 (Montreuil-Bellay). In december 1940 zullen de opvarenden weer naar Nederland worden gerepatrieerd.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

08/08

Het vrachtschip ss. 'Ajax' (1923; ex- 'Ceuta' en 'Elbe') van de KNSM, onder kapitein J. Ritz wordt tussen Southampton en Falmouth op 15 mijl van St. Catherine's Point door Duitse vliegtuigen tot zinken gebracht op positie 50.30° N / 01.40° W. Hierbij komen vier bemanningsleden om het leven.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

08/08

Het ms. 'Omlandia', onder kapitein C.V. Posthumus, op weg van Southampton naar Falmouth, wordt aangevallen door twaalf Duitse vliegtuigen. Met de enige aan boord opgestelde mitrailleur, niettegenstaande zware bomaanslagen rond het schip en hevig mitrailleurvuur van de vijandelijke vliegtuigen, wordt één van de vliegtuigen neergeschoten. Kapitein Posthumus raakt daarbij zwaar gewond, waarbij hij een been moet verliezen. De bemanning is gedwongen het schip te verlaten. Posthumus zal voor zijn moedig opterden eind augustus 1940 als eerste Nederlandse gezagvoerder worden benoemd tot Ridder der 4e klasse der Militaire Willemsorde.

Bron: Onderscheidingen aan Nederlanders voor de Tweede Wereldoorlog

 

08/08

De kruiser Hr.Ms. 'Sumatra' vertrekt na een nachtelijke landingsoefening op Curaçao naar Nederlands-Indië, eerst via Trinidad, waar op 9 augustus samen met Hr.Ms. 'Van Kinsbergen' zoeklicht- en schietoefeningen worden gehouden. Direct hierna vervolgt de 'Sumatra' zijn reis via Freetown, Sierra Leone, Lobito, Angola, Kaapstad en Port Louis (Mauritius). Op 9 oktober zal de 'Sumatra' Tandjong Priok binnenlopen. Eind oktober 1940 zal de 'Sumatra' in het Marine Etablissement Soerabaja buiten dienst worden gesteld in verband met een langdurige verbouwing.

Bron: J. Anten e.a: 'Hr.Ms. kruisers Java en Sumatra' (2001)

 

10/08

Het vrachtschip ms. 'Albula' (1936) van Schellen's Rederijbedrijf uit Rotterdam, op weg van Blyth naar Truro met een lading steenkool, zinkt tijdens een storm bij Dunnet Island na een aanvaring met het Amerikaanse ss. 'Crescent'. De bemanning kan hierbij worden gered.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

10/08

Oprichting van het Prins Bernhard Fonds in Londen, waarvan prins Bernhard zelf het regentschap op zich neemt. Het Fonds verenigde meerdere actiecomite's, die geld hadden ingezameld om de Engelsen met de oorlogsvoering alle mogelijke steun te kunnen verlenen. Met de gelden uit het Prins Bernhard Fonds kunnen in de loop van de Tweede Wereldoorlog meer dan 32 Lockheed-Hudson bommenwerpers, 100 Vickers Spitfire jachtvliegtuigen, zes tanks en drie motortorpedoboten worden aangeschaft.

Bron: 'Het militaire leven van Prins Bernhard, man van de krijgsmacht' in: 'Van Boord' jrg. 8 nr. 28 (2005)

 

13/08

'Battle of Brittain': Begin van de luchtoorlog boven Engeland - beter bekend als de Slag om Engeland - ter voorbereiding op de Operatie 'Seelöwe' (Duitse invasie in Engeland).

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

27/08

Het vrachtschip ms. 'Elle' (1913; ex- 'Ellerdale') van Wasa Steamship Co. Ltd., Wasa (Finland), in beheer bij NV Stoomschip Hannah te Rotterdam, op weg van Campbellton naar Ardrossan met een lading hout, wordt op de Atlantische Oceaan door de Duitse onderzeeboot 'U 101' getorpedeerd en tot zinken gebracht op de positie 57.43° N / 12.18° W.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

28/08

Het vrachtschip ms.'Driebergen' (1923) van de Zuid-Hollandsche Scheepvaart Maatschappij te Rotterdam, komende van Bahia Blanca met een lading tarwe en op weg van Methil naar Newcastle en in konvooi varende, onder kapitein J. Ruit, wordt op de Noordzee aangevaren door het Britse ss. 'Port Darwin' en zinkt op 55.25° N / 01.22° W. De bemanning kan hierbij worden gered.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

28/08

De luitenant-ter-zee der tweede klasse L.A.R.J. van Hamel wordt als eerste Nederlandse agent vanuit Engeland boven bezet Nederland gedropt. In juni 1941 zal hij door de Duitsers worden gefussilleerd, nadat hij in oktober 1940 wegens verraad werd gearresteerd.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

30/08

Het passagiersschip ss. 'Volendam' (1922) van de Holland-Amerika Lijn, varende in konvooi O.B. 25 van Liverpool naar de Verenigde Staten, ten behoeve van het Engelse 'child evacuation scheme', wordt op 300 zeemijl van Ierland door de Duitse onderzeeboot 'U 60' getorpedeerd. Twee torpedo's treffen het schip, waarvan niet een explodeert en de 'Volendam' als door een wonder behouden kan blijven en terug naar Liverpool kan worden gesleept. Aan boord bevinden zich o.a. 400 kinderen die, in verband met de oorlogsomstandigheden in Engeland, naar Canada waren gezonden. Na herstel van de schade en verbouwd tot troepentransportschip zal de 'Volendam', eerst op 8 juli 1941, weer voor het British Ministery of War Transport (BMWT) kunnen worden ingezet voor een reis van Greenock naar IJsland.

Bron: L.L. von Münching: 'Ned. passagiersschepen als troepentransportschepen tijdens WO II' in: 'DBW' jrg. 55 nr. 10.

 

31/08

Het vrachtschip ss. 'Marne' (1926) van Wm.H. Müller & Co., op weg van Tyne naar Thornaby on Tess, onder kapitein P.J. Stam, loopt op de Noordzee nabij North Pier Tyne Light op een zeemijn en zinkt. Drie opvarenden komen hierbij om het leven.

Bron: L.L. von Münching: 'De koopvaardij in Nederland tijden de bezetting '40 - '45' in: 'DBW' jrg. 56 nr. 4 (2001)

 

31/08

'Battle of Brittain': Een Brits eskader van torpedobootjagers loopt in de nacht van 31 augustus op 1 september bij een poging om ten noorden van Texel zeemijnen te leggen in een Duits mijnenveld. De HMS 'Esk' en HMS 'Ivanhoe' gaan daarbij verloren (op positie 53.30° N / 03.45° O) terwijl de HMS 'Espress' zwaar wordt beschadigd.

Bron: http://www.wlb-stuttgart.de/seekrieg/40-08.htm

 

01/09

Eerste uitgave van het tijdschrift 'Zeemacht', een maritiem maandblad van de Marinevereniging in Nederlands-Indië. Het blad verschijnt onder auspiciën van de schout-bij-nacht K.W.F.M. Doorman en zal tot de Japanse bezetting begin 1942 blijven verschijnen.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

03/09

'Operatie Seelöwe': door Hitler wordt bepaald dat de landing in Engeland op 21 september 1940 zal plaatsvinden.

Bron: L.L. von Münching: 'De koopvaardij in Nederland tijdens de bezetting '40 - '45' in: 'DBW' jrg. 56 nr. 4 (2001)

 
 

07/09

De coaster ms. 'Antje' (1912), sinds 16 mei 1940 ingeschreven bij The Netherlands Shipping & Trading Committee in Londen en in beheer bij Freight Express Ltd. Londen, raakt tijdens een Duits luchtbombardement op Londen in brand en zinkt. Op 24 september wordt het schip weer geborgen en verkocht naar een Griekse reder. De 'Antje' heeft tijdens de Operatie 'Dynamo' 450 personen geëvacueerd vanuit Duinkerken.

Bron: http://www.wivonet.nl/operatiedynamo.htm

 

07/09

Het vrachtschip ss. 'Stad Alkmaar' (1940) van de Halcyon Lijn uit Rotterdam, op weg van Cuba naar Londen met een lading van 9.000 ton suiker, varende in konvooi FS 273, onder kapitein N.C. de Neef, wordt op de Noordzee door de Duitse motortorpedoboot 'S 33' tot zinken gebracht. 14 opvarenden komen hierbij om het leven.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

07/09

'Battle of Brittain': De Luftwaffe verricht haar eerste grote bombardement op Londen. Het vrachtschip ss.'Schie' (1922) van de Maatschappij Houtvaart wordt bij een Duitse luchtaanval op Londen zwaar beschadigd en brandt grotendeels uit. Het schip zal later worden gelicht - en weer in de vaart worden gebracht. Ook het vracht/passagiersschip ms. 'Prins Maurits' (1938) van de Maatschappij Zeetransport (Oranje Lijn) en het ss. 'Sitoebondo' (1916) van de Rotterdamse Lloyd worden beschadigd.

Bron: K.W.L. Bezemer: 'De Nederlandse koopvaardij in de Tweede Wereldoorlog' (1981)

 

09/09

Het ss.'Stad Vlaardingen' (1925) van de Halcyon Lijn wordt tijdens een luchtaanval in de Largo Bay ernstig beschadigd. Na herstel zal het schip nog gedurende de gehele Tweede Wereldoorlog in de geallieerde oorlogsvaart dienst blijven doen.

Bron: G.J. van Dijk: 'Ons varend verleden' in: 'Noordvaarder', jrg. 9 nr. 3 (2002)

 

09/09

Tewaterlating van het opleidingsschip 'Pollux' op de werf van Verschure & Co in Amsterdam-Noord. De 'Pollux II' is bestemd als opleidingsschip voor de matrozen-opleiding van de Lagere Zeevaatschool in Amsterdam en ter vervanging van de in 1880 bij de werf van Huygens & Van Gelder gebouwde en voor de marine bestemde opleidingsbrik 'Pollux'. De nieuwe 'Pollux' (746.89 brt) is een platboomde bark met een lengte van 61.38 meter, breedte 11.03 meter. De bouwkosten werden bijeengebracht door zowel de overheid als door het Amsterdamse bedrijfsleven. Evenals de 'Pollux I' zal de 'Pollux II' zijn vaste ligplaats krijgen in het Amsterdamse Oosterdok.

Bron: G. van Burgeler: 'De 'Pollux' keerde terug naar Amsterdam' in: 'DBW' jrg. 59 nr. 1 (2004)

 

11/09

Het vrachtschip ss. 'Maas' (1920) van de Maatschappij Houtvaart (Vinke & Co), op weg van Sunderland naar de St. Laurens en varende in ballast, onder kapitein H. Kuyper, wordt op de Atlantische Oceaan (op positie 55.34° N / 15.56° W) achter konvooi OA 210 door de Duitse onderzeeboot 'U 28' getorpedeerd. 20 opvarenden komen hierbij om het leven. Slechts twee bemanningsleden weten deze ramp te overleven.

Bron: K.W.L. Bezemer: 'De Nederlandse koopvaardij in de Tweede Wereldoorlog' (1981)

 

16/09

Het vrachtschip ss. 'Stad Schiedam' (1911) van de Halcyon Lijn, op weg Bermuda naar Halifex met een lading zwavel, onder kapitein F. v.d. Berg, zinkt tijdens zwaar weer als gevolg van een aantal explosies (door gasvorming van de zwavel) aan boord. 20 bemanningsleden komen hierbij om het leven.

Bron: P. van Dijk: 'Impressies van de Halcyon Lijn tijdens WO II' in: 'DBW' jrg. 55 nr. 5 (2000)

 

18/09

Het vrachtschip ss.'Magdalena' (1938) van de NV Zuid-Nederlandsche Stoomvaart Maatschappij in Terneuzen, op weg van Newfoundland naar Liverpool met een lading ijzererts en varende onder Britse vlag, wordt getorpedeerd door de Duitse onderzeeboot 'U 48' en tot zinken gebracht op positie 57.20° N / 20.16° W. Alle 31 opvarenden komen hierbij om het leven.

Bron: L.L. von Münching: 'A.C. Lensen's Scheepvaart Maatschappij' in: 'DBW' jrg. 55 nr. 7 (2000)

 

19/09

Operatie 'Seelöwe', Hitlers plan tot invasie van Engeland, wordt afgelast.

Bron: L.L. von Münching: 'De koopvaardij in Nederland tijdens de bezetting '40 - '45' in: 'DBW' jrg 56 nr. 4 (2001)

 

20/09

'Battle of Brittain': Het vrachtschip ss. 'Mariso' (1930) in beheer bij de Stoomvaart Maatschappij 'Nederland' (SMN) wordt in Liverpool door Duitse bombardementen ernstig beschadigd. Het schip kan echter gerepareerd worden en weer in de vaart worden gebracht. Een dag later wordt ook de motortanker 'Onoba' (1938) van de Petrolem Maatschappij 'La Corona' eveneens in Liverpool beschadigd.

Bron: A.J.J. Mulder, 'De eeuw van de 'Nederland' (2003)

 

23/09

Op de Noordzee opereren drie geallieerde onderzeeboten: de Franse onderzeeboot 'Rubis' bij de Doggersbank, de onderzeeboot Hr.Ms. 'O 23' voor het Skagerrak en de onderzeeboot Hr.Ms. 'O 22' voor de kust van Noorwegen.

Bron: http://www.wlb-stuttgart.de/seekrieg/40-09.htm

 

26/09

Tijdens een konvooivlucht raakt het Fokker T-VIII watervliegtuig 'AV 963' (ex- 'R 9') behorende tot het 320 Squadron van de Marine Luchtvaart Dienst (MLD), afkomstig van de basis Pembroke Dock in Wales, in een vrille en stort in de Ierse Zee. De vier bemanningsleden komen hierbij om het leven.

Bron: L. de Jong, Gesch. der Nederl. in WOII.

 

27/09

Door de Britse onderzeeboot HMS 'H 49' worden ter hoogte van Terschelling twee Duitse konvooien aangevallen, waarbij het Duitse vrachtschip 'Heimdal' (1921) van de Hamburg- Amerikanische Packetfahrt AG. uit Hamburg tot zinken wordt gebracht.

Bron: http://www.wlb-stuttgart.de/seekrieg/40-09.htm

 

30/09

Het vrachtschip ss. 'Haulerwijk' (1924) van de Wijklijn, op weg van Milford Haven naar Tampa, onder kapitein J.J.A. Oepkes, wordt op de Atlantische Oceaan, achter konvooi O.B. 219, door de Duitse onderzeeboot 'U 32' met geschutsvuur tot zinken gebracht op positie 52.34° N / 27.28° W. Vier bemanningsleden komen hierbij om het leven. De 'U 32' vertrok voor de negende oorlogspatrouiille vanuit Lorient (Frankrijk) op 18 september 1940 en zal op 6 oktober weer op deze vlootbasis terugkeren.

Bron: K.W.L. Bezemer: 'De Nederlandse koopvaardij in de Tweede Wereldoorlog' (1981)

 

05/10

Het vrachtschip ss. 'Ottoland' van de Scheepvaart & Steenkolen Maatschappij uit Rotterdam, op weg van Methil naar de Humber, varende in konvooi F.S. 300, onder kapitein Tigchelaar, loopt te 03.30 op de Noordzee op 4 mijl ten zuiden van de 20A-boei voor Middlesborough op een mijn. Aanvankelijk blijft het schip nog drijven, echter tegen de middag moet door alle opvarenden het schip worden verlaten. De voltallige bemanning kan worden gered door de door de Royal Navy gehuurde raderboot 'Glengowe', die de bemanning in North Shields aan wal brengt.

Bron: L.L. von Münching: 'De ondergang van het ss. 'Ottoland' in: 'DBW' jrg. 56 nr. 2 (2001)

 

09/10

In Loods E aan de Javakade in Amsterdam, die geheel gevuld is met hooi en stro, breekt een grote brand uit. Bij de brandbestrijding wordt onder meer de blusboot 'Jan van der Heijde II' ingezet.

Bron: www.nationaalbrandweermuseum.nl

 

10/10

Tewaterlating van het ms. 'Atlas' op de werf bij Gebr. Pot te Bolnes, bestemd voor de KNSM . Op 11 november 1941 zal het schip door de Duitsers in beslag worden genomen en vervolgens op 9 november 1943 als 'Sperrbrecher 181' bij het Hafenschutzflottielje in de Oslofjord in gebruik worden genomen. In 1944 zal het schip, tijdens een geallieerde luchtaanval, zwaar worden beschadigd en tevens aan de grond worden gezet. Later zal het schip na reparatie, onder de Noorse vlag, weer in de vaart worden gebracht.

Bron: L.L. von Münching: 'De bouw van Ned. zeeschepen op Ned. werven tijdens de bezetting' in: 'DBW' jrg.56 nr.2 (2001)

 

15/10

Door de Britse onderzeeboot HMS 'L 27' wordt, tijdens de 'Battle of Brittain', in het Kanaal een Duits konvooi aangevallen. Drie dagen later wordt de onderzeeboot 'H 49' bij Terschelling door de Duitse onderzeebootjagers 'UJ 116' en 'UJ 118' tot zinken gebracht.

Bron: http://www.wlb-stuttgart.de/seekrieg/40-10.htm

 

16/10

De officier-vlieger der 2e klasse H. Schaper weet met het Fokker-drijvervliegtuig 'R 7' van de Marine Luchtvaartdienst vanuit Engeland naar het bezette Nederland te vliegen en aldaar te landen op het Tjeukemeer. Schaper heeft van de Nederlandse inlichtingendienst de opdracht om de geheim agent, luitenant-ter-zee L.A.R.J. van Hamel, prof. L.G.M. Baas Beckering en nog twee verzetsstrijders op te halen en vervolgens direct naar Engeland terug te vliegen. Door verraad worden zowel van Hamel als Baas Beckering door de Duitsers gearresteerd. Onder hevig vijandelijk machinegeweervuur weet Schaper weer vanaf het Tjeukemeer te starten en naar Felixstowe terug te vliegen. De waarnemer-telegrafist raakt daarbij lichtgewond. Schaper zal later voor deze actie worden benoemd tot Ridder der vierde klasse der Militaire Willemsorde en van Britse zijde worden onderscheiden met het Distinguised Flying Cross ( DFC ).

Bron: Onderscheidingen aan Nederlanders voor de Tweede Wereldoorlog

 

18/10

Het vrachtschip ss. 'Boekelo' (1930) van Stoomvaart Maatschappij 'Noordzee', op weg van Sydney naar Londen, varende in konvooi SC 7, onder kapitein J. de Groot, wordt getorpedeerd door de Duitse onderzeeboot 'U 123' op 200 zeemijl ten westen van Noord-Ierland en tot zinken gebracht op positie 56.14° N / 10.38° W. Een dag eerder werd het schip reeds door de 'U 100' getorpedeerd en beschadigd. Het is de eerste oorlogspatrouille van de 'U 123' op de Noord-Atlantische Oceaan. Gedurende deze tocht werden zes Geallieerde schepen tot zinken gebracht, waaronder vier van het konvooi SC 7.

Bron: K.W.L. Bezemer: 'De Nederlandse koopvaardij in de Tweede Wereldoorlog' (1981)

 

18/10

De Britse onderzeeboot 'H 49', tijdens de 'Battle of Brittain', op oorlogspatrouille voor de Nederlandse kust, wordt bij Texel door dieptebommen van de Duitse anti-onderzeeboottrawlers 'UJ 116' en 'UJ 118' tot zinken gebracht.

Bron: http://www.wlb-stuttgart.de/seekrieg/40-10.htm

 

19/10

Het vrachtschip ss.'Soesterberg' (1927) van de Stoomvaart Maatschappij 'Hillegersberg', (Vinke & Co), varende in konvooi SC 7 van Chatham naar Hull, onder kapitein D. de Jong, wordt door de Duitse onderzeeboot 'U 101' getorpedeerd en tot zinken gebracht op 50 zeemijl van Roackall Rock (op positie 57.12° N / 10.43° W). Zes bemanningsleden komen hierbij om het leven.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

19/10

Het vrachtschip sts. 'Bilderdyk' (1922) van de Holland-Amerika Lijn, op weg van Halifax naar Liverpool, varende in konvooi HX 79, onder kapitein J. Munnik, wordt op de Atlantische Oceaan voor de Schotse kust getorpedeerd door de Duitse onderzeeboot 'U 47'. De gehele bemanning kan binnen 20 minuten door de Britse mijnenveger HMS 'Jason' worden opgepikt en gered en in Methil aan land worden gezet.

Bron: K.W.L. Bezemer: 'De Nederlandse koopvaardij in de Tweede Wereldoorlog' (1981)

 

30/10

HM koningin Wilhelmina verhuist mede vanwege haar eigen veiligheid in verband met de zware Duitse bombardementen, ten tijde van de 'Battle of Brittain', vanuit Londen (Eaton Square 82) naar Stubbing House nabij Maidenhead (ten westen van Londen).

Bron: C. Fasseur: 'Wilhelmina, krijgshaftig in een vormeloze jas' (2001)

 

08/11

De op 5 november 1940 vanuit Dundee vertrokken onderzeeboot Hr.Ms. 'O 22' wordt tijdens zijn vierde oorlogspatrouille naar de Noorse wateren vermist, wegens het ontbreken van enig radiocontact. Volgens een daarop ingesteld onderzoek door de Britse Admiraliteit, moet de 'O 22' op een mijn zijn gelopen, waarbij alle 46 opvarenden om het leven zijn gekomen. Op 13 augustus 1993 zal het wrak van de 'O 22' bij toeval worden teruggevonden nabij de Egersundsbank.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

08/11

Het vrachtschip ss. 'Agamemnon' (1914) van de KNSM, op weg van Newcastle naar Southend, onder kapitein D. Sparrius, wordt nabij de rede van Southend, bij het lichtschip 'Swin', door Duirtse vliegtuigen tot zinken gebracht. Drie opvarenden komen om het leven.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978).

 

11/11

Duitse bezetting van Vichy-Frankrijk (operatie 'Anton'). Op 11 november te 07.00 uur overschrijden de eerste Duitse troepen de demarcatielinie. Op 27 november zullen de Duitse troepen de oorlogshaven Toulon bereiken. De daar liggende Franse vloot zal door de bemanningen tot zinken worden gebracht, teneinde te voorkomen dat zij in Duitse handen zou vallen. Maarschalk Petain zal echter vergeefs tegen deze Duitse bezetting protesteren.

Bron: A. Hakkert: 'Wel vergeven, niet vergeten' (2003)

 

12/11

De sleepboot 'Witte Zee' (1914) van L. Smit & Co'sa Internationale Sleepdiensten, in dienst van de Royal Navy als bergingsvaartuig, raakt in de Ierse Zee bij Overton Mere aan de grond en gaat verloren.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

21/11

Vice-admiraal H. Ferwerda, oud- Commandant Zeemacht Nederlands-Indië, wordt benoemd tot inspecteur-generaal van het Loodswezen, welke functie hij tot 15 februari 1941 zal vervullen. Het lijdt geen twijfel dat Ferwerda's voornaamste beweegreden is het verlangen om het loodswezen cum annexis zoveel mogelijk aan de controle van de Duitsers te kunnen onttrekken en te bewerkstelligen, dat het de Kriegsmarine zo min mogelijk assistentie zal moeten verlenen. Spanningen met de Duitse Referent bij de Dienst van het Loodswezen en problemen met zijn gezondheid, die ook in zijn laatste Indische periode al zware zorgen hadden gebaard, deden hem besluiten om reeds na enkele maanden zijn ontslag in te dienen.

Bron: www.inghist.nl

 

22/11

Van de onderzeeboot Hr.Ms. 'O 22' onder commando van de luitenant-ter-zee der eerste klasse J.W. Ort wordt in het geheel niets meer vernomen en als vermist beschouwd. De 'O 22' was voor het laatst op 5 november 1940 voor zijn vijfde oorlogspatrouille uitgevaren. Eerst vijftig jaar later zal na onderzoek blijken, dat de 'O 22' waarschijnlijk als gevolg van een drijvende Duitse zeemijn in het Skagerrak ten onder moet zijn gegaan.

Bron: C. Mark: 'De geschiedenis van de Torpedo- en de Onderzeedienst' in: 'Vast Werken' (2003)

 

23/11

De vrachtschepen ss. 'Bussum' (1917) en 'Ootmarsum' (1920) van de Stoomvaart Maatschappij 'Oostzee' (Vinke & Co) worden, beiden varende in konvooi SC 11 van Sydney naar Groot-Brittannië, onder resp. de kapiteins L. Wulp en J. de Vries, in het noordelijk deel van de Atlantsche Oceaan door de Duitse onderzeeboot 'U 100' getorpedeerd en tot zinken gebracht. Hierbij komen van de 'Ootmarsum' 25 opvarenden om het leven. De opvarenden van de 'Bussum' kunnen allen worden gered door een escorteschip. Het ss. 'Hilversum', eveneens van dezelfde rederij, en varende in hetzelfde konvooi kan behouden Engeland bereiken en zal de Tweede Wereldoorlog weten te overleven.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

23/11

Tewaterlating van de kanonneerboot 'K 1' bij Machinefabriek en Scheepswerf P. Smit Jr. in Rotterdam, bestemd voor de Duitse Kriegsmarine. Tijdens de meidagen van 1940 werden door de Duitsers drie bij P. Smit Jr. in aanbouw zijnde Nederlandse kanonneerboten gevorderd. De schepen zullen in de loop van 1941 door de Duitse marine in dienst worden gesteld en in gebruik worden genomen voor de Oostzee. Alleen de 'K 3' (1941) zal ongedeerd uit de oorlog komen en door de Koninklijke Marine in mei 1945 in gebruik worden genomen als Hr.Ms.'Van Speyk' (tot 1960).

Bron: L.L. von Münching: 'De bouw van Ned. zeeschepen op Ned. werven tijdens de bezetting' in: 'DBW' jrg.56 nr.2 (2001)

 

25/11

Vijandelijke luchtaanval op het fort Erfprins te Den Helder. Het is vanaf de 14e mei 1940 reeds de 14e luchtaanval in successie.

Bron: F.M. van Gelderen: 'Erfprins' (1985)

 

25/11

De tanker 'Apollonia' van de Nederlandsch-Indische Tankstoomboot Maatschappij, onder kapitein P. Schol, op weg van Plymouth naar Avonmouth, wordt in het Kanaal aangevallen door een eskader van drie Duitse torpedobootjagers. Al snel wordt het schip geraakt door granaten. Een aantal Chinese bemanningsleden trachten dekking te zoeken in het stuurhuis, dat echter een voltreffer krijgt met fatale gevolgen voor deze Chinezen. Als het vuren tijdelijk wordt gestaakt laat de kapitein de stuurboordsloep strijken. Na hervatting van het vuren wordt de 'Apollonia' aan stuurboord getroffen door twee torpedo’s. 23 bemanningsleden weten nog veilig in de gestreken sloep te komen. 14 opvarenden komen hierbij om het leven.

Bron: L.L. von Münching: 'De Nederlandse koopvaardij in WO II' (1978)

 

29/11

De tijdens de mei-dagen van 1940 naar Engeland uitgeweken adelborsten en aan boord van de kruiser Hr.Ms. 'Sumatra', vanuit Milfort Haven naar Halifax (juni 1940 met aan boord prinses Juliana en beide dochters) en vervolgens via de Caraibische wateren naar Soerabaja waren overgebracht, worden op het aldaar net geopende Koninklijk Instituut voor de Marine geplaatst.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

05/12

De motorreddingboot 'Dorus Rijkers' van de NZHRM (station Den Helder) vaart uit voor een stoomschip dat gestrand is op de Zuiderhaaks. Ondanks de ruwe zee lukt het om langszij te komen en kunnen alle 48 opvarenden van boord worden gehaald.

Bron: www.knrm.nl

 

07/12

Het vrachtschip ss.'Farmsum' (1921) van de Stoomvaart Maatschappij 'Oostzee' (Vinke & Co), varende achter konvooi OB 252 op weg van Blyth naar Buenos Aires met 8.200 ton steenkool, onder kapitein B. Jansma, wordt op de Atlantische Oceaan getorpedeerd door de Duitse onderzeeboot 'U 99' en tot zinken gebracht op positie 52.11° N / 22.56° W.Hierbij komen 16 bemanningsleden om het leven.

Bron: K.W.L. Bezemer: 'De Nederlandse koopvaardij in de Tweede Wereldoorlog' (1981)

 

07/12

Het vrachtschip ss. 'Stolwijk' (1920) van de Wijklijn (Erhardt & Dekkers) uit Rotterdam, op weg van Halifex naar Liverpool, onder kapitein A.J. Koning, verliest tijdens stormweer het roer en loopt op de rotsen van Innesdooey Island (Ierland) en gaat verloren. Hierbij komen tien bemanningsleden om het leven.

Bron: scheepsrampen koopvaardij 1855 - 1991

 

08/12

Het Duitse vrachtschip 'Adalia' van de Hamburg-Amerikanische Packetfahrt AG uit Hamburg zinkt op de Westerschelde bij Vlissingen na een aanvaring met het eveneens Duitse ss. 'Mendoza' van de Hamburg Süd Amerikanische Dampfschiffahrts Gesellschaft.

Bron: http://chrito.users1.50megs.com/handelsmarine/verlustliste1.htm

 

11/12

Het vrachtschip ss.'Towa' (1930) van de Maatschappij Vrachtvaart, op weg van Sydney naar Oban en geladen met graan en trucks, onder kapitein W. Smit en varende in konvooi HX 92, wordt door de Duitse onderzeeboot 'U 96' op de Atlantische Oceaan op positie 55.50° N / 10.10° W getorpedeerd en tot zinken gebracht. 18 bemanningsleden komen hierbij om het leven; 19 man kunnen worden gered.

Bron: K.W.L. Bezemer: 'De Nederlandse koopvaardij in de Tweede Wereldoorlog' (1981)

 

11/12

Aanhouding van het Duitse ms.'Rhein' door Hr.Ms. Van Kinsbergen' in de Caraibische Zee. Als de 'Rhein' geen kans meer ziet om te kunnen ontkomen wordt het schip door de eigen bemanning in brand gestoken. Alle opvarenden kunnen direkt hierna door de 'Van Kinsbergen' aan boord worden genomen.

Bron: M.A. van Alphen: 'Kroniek der Zeemacht' (2003)

 

18/12

Door de Britse motortorpedoboot 'MTB 31' wordt in de Scheldemonding het Duitse vrachtschip 'Birkenfels' (1922) van de Deutsche Dampfschiffahrts Gesellschaft 'Hansa' uit Bremen tot zinken gebracht.

Bron: http://www.wlb-stuttgart.de/seekrieg/40-12.htm

 

19/12

Het nieuwe opleidingsschip 'Pollux', gebouwd op de werf van Verschure & Co in Amsterdam-Noord, wordt versleept naar zijn ligplaats aan de Oosterdokskade in de hoofdstad. De 'Pollux II' is bestemd als opleidingsschip voor de matrozen-opleiding van de Lagere Zeevaatschool in Amsterdam en ter vervanging van de in 1880 bij de werf van Huygens & Van Gelder gebouwde en voor de marine bestemde opleidingsbrik 'Pollux'.

Bron: G. van Burgeler: 'De 'Pollux' keerde terug naar Amsterdam' in: 'DBW' jrg. 59 nr. 1 (2004)

 

20/12

Oplevering van het in mei 1940 bijna afgebouwde ms. 'Oranjefontein' op de werf van P. Smit, bestemd voor de Vereenigde Scheepvaartmaatschappij (VNS), waarna de Duitsers het schip vorderen. Aanvankelijk wordt de 'Oranjefontein' ingedeeld ten behoeve van de Operatie 'Seelowe' als 'RO 7', waarna het schip vervolgens zal worden bestemd als doelschip voor de Luftwaffe. Op 28 augustus 1941 zal de 'Oranjefontein', afgemeerd in de Waalhaven, tijdens een luchtaanval beschadigd worden.

Bron: A.R. Kelder: 'Gekaapt !' in: 'DBW' jrg. 56 nr. 2 (2001)

 

21/12

Het vrachtschip ms. 'Alhena' (1922) van Van Nievelt, Goudriaan & Co wordt, liggende in de haven van Liverpool, zwaar beschadigd tijdens een Duits bombardement. In januari 1941 zal het schip na reparatie weer in de geallieerde oorlogsvaart worden gebracht.

Bron: K.W.L. Bezemer De Nederlandse koopvaardij in de Tweede Wereldoorlog (1981)

 

23/12

Het vrachtschip ss. 'Breda' (1921) van de KNSM, op weg van Londen naar de Verenigde Staten, onder kapitein J. Tooi, wordt in de baai van Oban (Schotland, op positie 56.29° N / 05.25° W) als gevolg van een luchtaanval door enkele Duitse Heinket bommenwerpers tot zinken gebracht. De bemanning en 12 passagiers weten zich te redden. 10 racepaarden (waarschijnlijk bestemd voor de Aga Khan), die in boxen aan dek stonden kunnen nog worden losgelaten en weten de Schotse wal zwemmend te bereiken. In 1951 zal het wrak worden gelicht en in Peterhead worden gesloopt.

Bron: A.R. Kelder: 'Gekaapt' in: 'DBW' jrg. 56 nr. 2 (2001)

 

31/12

Het vrachtschip ms. 'Talisse' van de Stoomvaart Maatschappij 'Nederland' (SMN), op weg vanuit de Verenigde Staten naar Nederlands-Indië, ziet kans om het Duitse raiderschip 'Komet' te ontlopen. Op de Pacific, in de buurt van de Gilbert eilanden, wordt hiertoe gedurende een periode van 10 uur diverse malen van koers veranderd en op volle kracht gevaren.

Bron: L.L. von Münching: 'De ontsnapping van het ms. 'Talissa' aan een Duise raider' in: 'DBW' jrg. 52 nr. 10 (1997)