Haring en wittebrood, het traditionele eten tijdens het Leids ontzet. Eeuwen geleden waren dit de producten die werden uitgedeeld aan de hongerige Leidenaren toen de Watergeuzen op 3 oktober 1574 de stad bevrijdden van de Spanjaarden. Met haring gooide ons land hoge ogen.

Geurende kruiden versus stinkende vis
De reizen naar de Oost en de exotische producten die mee kwamen naar Holland zoals specerijen, zijde en porselein kennen we allemaal als importproducten van de VOC. Volgens velen zijn dit de producten waarmee de handel in die tijd floreerde. De haring als goudmijntje is daarentegen minder bekend. De zoutharingvisserij was van grote economische betekenis aan het einde van de zestiende eeuw en dat zou jarenlang zo blijven.

Haring schieten?
De vloot bestond voornamelijk uit 'haringbuizen'. Dit scheepstype was zo'n twintig meter lang en had vaak drie, en later twee, masten met razeilen. De romp was zo glad mogelijk gemaakt, zodat netten met vis gemakkelijk aan boord konden worden gehesen en het dek was groot. De drijfnetten waar gebruik van werd gemaakt konden wel kilometers lang zijn. Dit vistuig werd de 'vleet' genoemd. Na het uitzetten van de netten, wat 'schieten' werd genoemd wachtte de bemanning rustig op een school haring die de netten in zwom.

Een getuigd scheepsmodel van een Haringbuis.

Grote werkgelegenheid
Rond zestienhonderd telde de vloot 450 buizen. Tien jaar later was dit al 600. Vooral Rotterdam en Enkhuizen waren haringstadjes. Wist je dat in het stadswapen van Enkhuizen 3 haringen zijn afgebeeld en dat namen van lokale horeca nog steeds verwijzen naar de haringvangst? De branche zorgde voor grote werkgelegenheid: op elke buis zaten zo rond de 15 vissers en aan land waren scheepsbouwers, touwslagers en tuigers nodig. Tot verdriet van de vele vissersvrouwen, bleven de vissers vaak wekenlang op zee omdat de vis goed geconserveerd kon worden aan boord.

Maagdelijke visjes
Na de vangst werd de haring direct aan boord gekaakt en werden de kieuwen verwijderd. Zo kon de vis goed uitbloeden en werd het vlees blank van kleur. De enzymen deden vervolgens de rest: deze zorgden voor het rijpingsproces wat de specifieke smaak en geur van haring creëert. De vis eindigde in een warbak met zout. 'Warren' betekent husselen en dat gebeurde dan ook voordat ze opgeslagen werden in tonnen. Waar komt nu de bekende naam maatjesharing vandaan? Maatjesharing is haring die nog geen kuit hebben geschoten. 'Maagdelijke haring' dus. Maatje is het verkleinwoord van 'maget', wat maagd betekent.

Kapers op de kust
Waar geld is, zijn zorgen. Het college van de Grote Visserij werd eind zestiende eeuw opgericht om de haringvloot op de Noordzee te beschermen. Ook tijdens oorlog moest er door gevist worden en werd de vloot begeleid door oorlogsschepen. Maar kapers lagen altijd op de kust: de Duinkerker Kapers hebben wel honderd buizen met bemanning meegenomen naar België, waar losgeld werd gevraagd voor de bemanning. Er was dus nogal wat te doen om die haring. Er wordt wel eens gezegd dat de Gouden Eeuw niet had kunnen ontstaan zonder het zilver uit de zee…

Nieuwsbrief

Op de hoogte blijven van het laatste nieuws en tentoonstellingen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!

Het Scheepvaartmuseum maakt gebruik van cookies. Meer weten? Lees onze cookieverklaring.