'Zeeslag bij Gibraltar' is het grootste schilderij in de collectie van Het Scheepvaartmuseum. Met zijn vijf meter breedte en iets meer dan twee meter hoogte is het een pronkstuk met een bijzonder verhaal.

'Zeeslag bij Gibraltar'. Cornelis Claesz. Van Wieringen (1622)

Een zware Spaanse nederlaag

Op 25 april 1607 vielen zo'n dertig Nederlandse oorlogsschepen de voor anker liggende Spaanse vloot in de baai van Gibraltar aan. Twaalf Spaanse schepen gingen ten onder en duizenden opvarenden sneuvelden of verdronken. Ondanks dat de zeeslag overtuigend werd gewonnen door de Nederlanders, liep de Nederlandse admiraal Jacob van Heemskerck een schot in zijn been op. De nederlaag tijdens deze zeeslag was zo groot dat de Spanjaarden kozen voor een wapenstilstand. Toen van Wieringen de laatste hand legde aan dit schilderij, was de oorlog helaas alweer hervat.

Een weergave van de werkelijkheid?

In strijd met de werkelijkheid, heeft van Wieringen een detail toegevoegd aan het schilderij. Je ziet in het midden van het tafereel een jacht dat hier feitelijk nooit heeft gevaren. Dit jacht is afgebeeld ter propaganda. Op de achterkant van het schip heeft Van Wieringen naast het wapen van Amsterdam en het beeldmerk van de Admiraliteit het prinselijk wapen afgebeeld.

Het niet bestaande schip. Afgebeeld ter propaganda met het prinselijk wapenschild, het wapen van Amsterdam en het beeldmerken van de Admiraliteit van Amsterdam.

Prominent rechts van het midden is het vlaggenschip van de Zeeuwse vice-admiraal Laurens Jacobsz Alteras: de Rode Leeuw afgebeeld. Rondom het 'kasteel', de hoge achterkant van het schip, heeft Van Wieringen zijn naam achtergelaten in het houtwerk.

Het vlaggenschip van de Zeeuwse vice-admiraal Laurens Jacobsz Alteras: 'de Rode Leeuw' met Van Wieringen zijn handtekening op de achterzijde van het schip.

Op de boeg van het 'zelfverzonnen jacht' staat een mannetje. Hij probeert een vlag uit het water te vissen die kennelijk voor hem van groot belang is. Met een beetje speculatie wordt vermoed dat het hier gaat om de Nederlandse vlag.

Op de boeg van het 'zelf bedachte schip' staat een mannetje fanatiek te vissen naar een vlag die in het water ligt.


Omdat het schilderij een cadeau was voor Prins Maurits (later Prins van Oranje), was het voor de opdrachtgever belangrijk dat dit alles in beeld werd gebracht ondanks dat de werkelijkheid anders was. Oorlogsvoering was een psychologisch spel: het was de wens van Van Heemskerck om de Spanjaarden in eigen wateren te vernederen. Hij beloonde de matroos die de mast inklom met 50 zilveren 'realen van achten'. Helaas eindigt het verhaal voor Van Heemskerck noodlottig: hij komt na de zeeslag te overlijden aan het schot in zijn been. Hij was de eerste zeeheld die een graf kreeg in de Oude Kerk in Amsterdam op kosten van de Nederlandse staat.

Van Wieringen was 2e keus

De eerste keus voor de maker van het gewenste schilderij ging uit naar Hendrik Cornelisz. Vroom, de grondlegger van de Europese zeeschilder kunst. Vroom vroeg een exorbitant bedrag en de onderhandelingen liepen stuk. De Admiraliteit wende zich tot Van Wieringen en vroeg hem een proefstuk te maken. Prins Maurits was tevreden. Vervolgens maakte Van Wieringen een 'modello'.

De 'modello' voor 'Zeeslag bij Gibraltar'. Veel schilders maakten eerst een kleine variant van het nog te maken grote schilderij. Dit was om de compositie alvast te bepalen.

Daarmee moest hij in klein formaat laten zien hoe de uiteindelijke compositie van 'De zeeslag bij Gibraltar op 25 april 1607' eruit zou gaan zien. Ook dit was naar aller tevredenheid: eindelijk was de opdracht voor Van Wieringen. Het zou zijn beste werk ooit worden, waarbij de hoogste prijs voor een zeestuk ooit werd betaald.

Water en lucht bepalend voor sfeerbeeld

Van Wieringen was geen toeschouwer van deze zeeslag. Het samenstellen van deze compositie werd gedaan aan de hand van ooggetuigenissen, boordjournaals en kaarten. De rots van Gibraltar is vaag op de achtergrond aan de rechterzijde van het schilderij te zien als geografisch herkenningspunt. Op de voorgrond van het schilderij is het water diepgroen en verder naar achteren wordt het water blauw-grijs en lichtblauw. Van Wieringen heeft dit gedaan om diepte te geven aan de voorstelling. De chaos op de kleine bootjes, het wrakhout en de drenkelingen dragen bij aan het heftige tafereel dat wordt uitgebeeld.

Het Scheepvaartmuseum maakt gebruik van cookies. Meer weten? Lees onze cookieverklaring.