Bijrije Zeun!

Bijrije Zeun!

“Vroeger had je de ‘dijkers’ en de ‘pleiners’. De pleiners waren de intellectuelen en de studenten. De dijkers waren de arbeiders. Ik voelde mij nergens bij horen. Ik was een straatventje van Wittenburg.” Hein Visbeek (Amsterdam, 1938) vertelt met een rasecht Mokums accent over zijn jeugd in de oude scheepvaartbuurt van Amsterdam. Voordat hij naar zee ging, loodste hij zijn twee jongere zusjes door de oorlog. De Hongerwinter staat hem bij als de dag van gisteren."

Het was toch het vlaggenschip

Het was toch het vlaggenschip

“Ik was altijd aan het knutselen. Aan oude fietsen en brommertjes. Mijn oom was hoofdmachinist aan boord van de Oranje. Van hem hoorde ik avontuurlijke verhalen over zijn tijd op zee en het werken aan de gigantische motoren aan boord van het schip. In die tijd ging ik ook vaak zeilen met een maatje van mij die een Flying Fifteen had. Daar moet het idee van de Zeevaartschool ontstaan zijn.” Ben Halswijk (Amsterdam, 1941) maakte als werktuigkundige verschillende reizen op de Oranje tussen 1960 en 1964. 

Als een prei bijna je dood wordt

Als een prei bijna je dood wordt

Jacobus Buis (Den Helder, 1946) voelt zich al zijn hele leven een beetje Indonesisch. Niet zo gek voor iemand die zijn eerste levensjaren doorbracht op een zonnig eiland in onze voormalige kolonie. Koos Buis was pas vijf maanden oud toen hij al in een vliegtuig zat. Samen met zijn moeder, halfzusje en halfbroertje vloog hij zijn vader achterna die diende in het Nederlandsch-Indische leger. 

Nieuwsbrief

Op de hoogte blijven van het laatste nieuws en tentoonstellingen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!

Het Scheepvaartmuseum maakt gebruik van cookies. Meer weten? Lees onze cookieverklaring.